Tagarchief: lopen

Snapshot diary

Snapshot diary week 41/2018 De zee is altijd goed

Everything ahead of me

Een aantal weken geleden zou ik op vakantie gaan, we hadden immers een extra vrije dag. Ik had er echt naar uitgezien, het eerste weekend van oktober, maar uiteindelijk bleek ik zo ziek te zijn dat er helemaal niets van in huis kwam. Eind goed plan. Einde kamperen 2018. Althans, dat dacht ik. Maar het weer besloot mij te trakteren op een flinke scheut zomer. Zo goed, dat ik het caravannetje achter mijn auto koppelde en richting zee reed. Dat gaat zo snel als in één, twee, drie !

Het gevoel van vrijheid geeft mij dikwijls vleugels. Maar meer nog het geluid van de zee, de wind op mijn gezicht, het zalige fietsen in het Westvlaamse achterland.

Buiten in de zon

De voorbije week was ik dan ook zoveel mogelijk buiten. Zelfs op verkiezingsdag. Van West-Vlaanderen terug naar Vlaams-Brabant, op naar Limburg voor een zalige wandeling met het lief in Bokrijk. (Ook altijd een goed idee).

Fietsen in de zon, ontbijten in de zon. Geef toe, dit is toch gewoonweg zalig ?

Straks wordt het minder zomers – en dat is misschien maar goed ook – maar deze wijsheid onthoud ik zeker: buitenleven geeft mij altijd energie. Altijd !

Snapshot diary

Snapshot diary week #40/2018 Back to my roots

 

Samengevat: lopen als remedie tegen alles, op naar oncologie, feest in West-Vlaanderen en reizen met de trein als alternatief tegen de file. Dankbaar voor alles. Toch wel. Ondanks Gasthuisberg. 

Maandag vakantiedag !

Nu ja, niet altijd, maar wel traditioneel de eerste maandag van oktober. Ik werk op maandag, dus voor mij was het echt wel een vakantiedag. Omdat ik de voorbije week meer ziek was dan wat anders, genoot ik er met volle teugen van. Van een lange loop – dat blijft de beste ‘reset’ knop als alles fout loopt, of dat nu mentaal of fysiek is.
Ik hernam ook weer een ‘oude’ hobby van mij: video-editing. Het is een waar plezier, al weet ik niet zo goed wat met de filmpjes te doen. Het wandelboek van Lannoo was een leuk onderwerp hiervoor !

En dan weer Gasthuisberg – de ellende van Gasthuisberg

Iedere keer denk ik dat het beter zal gaan, maar dat is niet zo. Het kan altijd erger. Deze keer geen kamer (ook al waren we er van 8.30 u tot 15:00 u) maar in een overbevolkte zaal. Dat ze plaats te weinig hebben, dat zeggen de verpleegsters zelf. Je kan het een beetje op de onderste foto zien, (de benen en de voeten), dat zijn dus allemaal mensen die ‘aan de chemo zijn’. Iedereen wordt gewogen in dat kamertje en vervolgens komt de dokter langs die vragen stelt. En de verpleegsters. Hoe goed de ontlasting ging en zo. Voor de hele zaal. Tot onze grote verrassing kwam er voor het eerst een psychologe langs, maar die zei onmiddellijk: ‘tja, praten in deze omgeving, dat is ook niet echt evident’. Kom aan, wat denken ze ?
Noemde ik het vroeger een fabriek, nu weet ik het zeker dat het er eentje is. Ik zei al tegen de echtgenoot: als ik ooit kanker heb, of een andere ziekte, dan wil ik écht niet naar Gasthuisberg.

In de gang liggen kleine enquêteformulieren, met de vraag wat beter zou kunnen in het ziekenhuis. Dat moeten ze toch zelf zien, een zaal vol kankerpatiënten stoppen, die niet eens een tafeltje hebben om de plateau op te zetten als de verpleegster met de broodmaaltijd komt (die velen weigeren, want ja, hoe gaat dat in zijn werk ?), waar geen privacy meer is, daar hoeven ze toch geen enquête voor te doen ? Nee toch ?

Back to my roots

Deze week was er ook eentje van feest in West-Vlaanderen. Feest met de familie, een zalig weerzien van generaties, vooral de jonge generatie, ik genoot er met volle teugen van. Het lief kon niet mee (aan de chemo) en aanvankelijk zou ik niet gaan, maar gelukkig maande hij mij aan om toch te gaan. Het viel mee goed mee, ik was er onder bekenden, maar toen het feest echt losbarstte en er gedanst werd, brak mijn hart toch een beetje. Het lief was hier zo graag bij geweest. Hij danst o zo graag en dit was helemaal zijn muziek.

Op naar volgende week

Ik zie uit naar volgende week. Maar liefst 25 graden wordt voorspeld. Dat is zo’n geschenk dat ik er echt wel iets wil mee doen ! Ik ben absoluut geen wintermens, dus ieder straaltje zon wordt hier met ontzettend veel dankbaarheid ontvangen.

Dankjewel zon !

Snapshot diary week 39/2018 – zo gaat het niet meer – Valkenburg to the rescue !

Valkenburg

samengevat: er kwam veel slecht nieuws binnen deze week, al was dat niet voor ons persoonlijk. Ik zag het echt niet meer zitten. Zelfs op het werk liep het fout, geen internet. Tot ik dacht ‘zo gaat het niet meer’ en er op het eind van de week toch nog licht was. 

Mag ik deze bladzijde snel omslaan ?

Als ik het écht over deze week zou hebben, dan zou ik vertellen dat de woorden ziekte (niet alleen bij ons), palliatieve, terminaal en hopen verdriet veel gevallen zijn. Het lijkt even met onze hele omgeving echt niet goed te gaan. Ik verloor ook wel wat de moed hier. De dokter had nog iets gezegd over ‘laatste loodjes’, maar hé, met eind december als eindmeet kan je begin oktober bezwaarlijk ‘laatste loodjes’ noemen.

Vier maanden en een half zijn we nu al ver. Het beeld dat ik krijg van het lief is het lief in de zetel. Soms in de ‘rode’ zetel, dan weer in de TV-kamer. Soms zittend, soms liggend. Maar dat is het wel zo’n beetje. Hij wordt stiller (er gebeurt ook niet veel) en ik weet het soms ook niet meer.

Ik dacht: zo gaat het niet meer

Ik voelde hoe wij weggleden in duisternis en inactiviteit. Het lief is stoïcijns: één en al aanvaarding. Dat kan misschien wel heldhaftig zijn (en ik bewonder hem er wel een beetje voor), het ligt zeker niet in mijn aard. Ik wil altijd de grenzen opzoeken. Zien waar de rek is. Misschien kan er toch meer. Ik ben niet het ‘we leggen er ons bij neer’-type.

Dus zeg ik tegen het lief (die een verlaagde chemokuur heeft sedert vorige therapie): ik ga weg met u. Naar Nederland. En als we om de kilometer moeten stoppen omdat je naar het toilet moet, dan zij het zo. Als we buiten zijn en je wil zitten: ik heb zelfs een stoeltje bij. Of we gaan gewoon van terras naar terras, drinken desnoods ons drankje niet uit, maar we gaan naar buiten ! Naar buiten ! Deze vier muren maken ons gek en straks ben jij een deel van het behangpapier!

Het lief was niet enthousiast. Dat het toch lastig zou zijn. En dan nog meteen een uur rijden van hier. Maar ik wou weg. En ik was wanhopig. Eerlijk waar.  Ik wou iets met hem meemaken dat leuk was, dat ons deed glimlachen. En echt waar:  ik zou zorg voor hem dragen. Héél erg. Eén kick en we pasten onze plannen aan. Het hoefde helemaal niet ‘actief’ (mijn ding) te zijn. Nee, ik zou rustig mee zitten en mee rusten !

Het werd een heerlijke dag

Het lief sjokte uiteindelijk toch mee en ja, nu en dan zaten we op een trap, een bankje, een terrasje. Hij genoot van die buitenwereld en glunderde toen bleek dat er ondertussen al Hugo-ijs bestaat ! We aten ontzettend licht en genoten met volle overgave van de zon. Het lief zag in de Hema filmrolletjes liggen (van die oude) en begon te dromen van opnieuw analoog fotograferen. Voorzichtig vroeg ik: en wil je dan graag zo’n analoog fototoestel ? Ik weet hier wel een kringloopwinkel.

Hij glunderde. Voor amper 10 euro had hij een analoog toestel in handen en was bezig met filmrolletjes en foto’s nemen. Herinneringen uit zijn jeugdjaren, de camera van zijn vader.

Valkenburg

Ik wist precies wat ik deed toen ik naar Valkenburg reed. Twee jaar geleden had ik er in de buurt gekampeerd. Het stadje is klein en toeristisch, er zijn vele banken en terrasjes. Het centrum is autovrij en je kan makkelijk dichtbij parkeren. Bovendien ligt in Valkenberg de beroemde Cauberg, iets waar het lief maar niet uitgepraat over geraakt wegens ‘zwaar onderdeel van de Amstel Gold Race’. En laat dat lief behoorlijk gek zijn van alles wat met wielrennen te maken heeft.

Klein en toeristisch, met strakblauwe hemel boven ons, dat geeft hoe dan ook een instant vakantiegevoel.

De blik naar buiten gericht

Deze dag waren we beiden kankervrij. Eenmaal in Nederland hebben we het er nooit over gehad. Onze blik was naar buiten gericht. Flanerende mensen, kinderen op klein fietsjes, dat Zuid-Limburgse dialect waar we niets van begrepen, genietend van een zalig ijsje op de trappen in de zon.

En gewoon dankbaar. Om wat is. En vergeten wat niet is.

 

 

Snapshot diary

Snapshot diary week #37/2018 een week van wachten

Een beslissende week

Deze week stond al lange tijd in mijn/onze kalender, want op donderdag zouden we meer weten over onze toekomst. Er stond immers een eerste evaluatie-gesprek op Gasthuisberg gepland, samen met een hoop bijkomende onderzoeken.

De crash – de nood aan zelfzorg

Dinsdagavond crashte ik compleet. Ik had er twee werkdagen op zitten, kwam ’s avonds thuis en het leek alsof ik het gewoon niet meer kon opbrengen. Alles. En nee, het ging niet slecht op het werk, ik heb hier thuis het liefste lief dat ik mogelijk acht, ik word omringd door lieve en warme mensen. Maar ik dacht echt: het hoeft niet meer. Dit is zo’n malle molen, dit is gewoon teveel. Nu ik dit schrijf weet ik niet hoe ik dan toch weer de moed vond. Wellicht omdat je soms gewoon niet anders kan dan verder doen.

Op woensdag wou het lief naar zijn schaakclub om zijn vrienden nog eens te ontmoeten. Ik zag er geweldig tegen op. Het lief kan niet zo ver met de auto rijden en wat zou ik doen, 3 uur lang ? Een terrasje doen, Tessenderlo verkennen, oké, maar 3 uur ? Dat was genoeg om gek te worden. Anderzijds kon ik onmogelijk ‘nee’ zeggen. Hier had hij al maanden naar uit gezien. ‘Een beetje normaal leven’ en ja, hij was afhankelijk van mij als chauffeur. Op donderdag stond er een hele dag onderzoeken gepland en ook hier zou ik van de partij zijn.

 

Gelukkig vond ik voor mezelf een oplossing. Ik stippelde een wandeling uit in Tessenderlo zodat de 3 uur zo voorbij gingen en ik toch wat ontspanning vond. ’s Avonds trakteerde ik mijzelf op een saunaatje hier op onze zolder. Doe ik te weinig.

Ik wist dat donderdag een slopende dag zou worden, van de ene hoek van Gasthuisberg naar de andere, geen vaste kamer (zoals bij de chemotherapie) en lange uren ertussen. Ik slaagde erin om te werken. Met de laptop op mijn schoot. Nu nog onthouden de volgende keer oordopjes mee te doen. Maar hé, het hielp. Niet dat ik zoveel werk heb, maar het werken gaf mij het gevoel dat ik ook nog meester over mijn leven was. Dat er ook nog iets van mij was.

Zelfzorg

Volgens Garmin heb ik deze week 299 minuten gesport. Dat is behoorlijk veel voor mij en ik ben tevreden. Dat sporten, ik heb veelal het gevoel dat het een kwestie van moeten en overleven is. Eerst en vooral, ik sport alleen. Ik loop, zwem, fiets, wandel alleen. Het is mijn lichaam, mijn hartslag, mijn tijd, weg van de wereld. Ik doe het voor niemand anders. Niemand zegt me hoe snel of hoe traag het moet gaan en bij het lopen beslis ik soms op de eigenste seconde of ik links of rechts verder loop. Ik vind er soms doodgewoon de allerbeste troost in. 

Dat ik kwaad ben, heel erg kwaad. En dat het lopen kalmeert, mij terug rustig maakt. Dat het relativeert. Dat ik alle frustratie kan weg ‘stoempen’ als ik hier de Hagelandse Heuvels op rij. ‘Ge zult mij niet hebben’, ook al rijd ik in de allertraagste versnelling.

De goed nieuwsshow

Donderdag kregen we goed nieuws. Het woord ‘optimistisch’ viel. Er waren geen uitzaaiingen te zien. Ook niet op de longen. Zelf begrijp ik niet alles, kan kanker dan zo hevig zijn dat er zelfs te midden een heel agressieve kankerkuur toch nog tumoren verschijnen ? Of hebben ze in mei niet alles onderzocht ?

Dat de medicatie toch iets minder lichter zou worden. Dan toch. Dat die professor zo vriendelijk en warm was dat ik hem wel wou knuffelen van blijdschap (maar gewoon stom geslagen naar hem glimlachte) en nee, ik zou het ook niet echt doen. Meer nog, dat we de chemo een weekje mochten uitstellen. Nu en ook in het herfstverlof. Want dat hadden we gevraagd, omdat we o zo graag op vakantie willen zonder al te veel chemische oorlogsvoering in het bloed.

Hip hip hoera !

Wij zijn weer even normaal

Aanvankelijk beseften we het niet goed, maar langzaam drong het tot ons door: alles wijst erop dat dit toch goed komen zal. Weerom, geen garantie (dat geven ze echt niet), maar ook geen enkel teken van het tegendeel. We namen er de kalender bij : 7 december zou de laatste chemo zijn ! Dat is nog in het eerste trimester (zo rekenen wij in tijd), nog in DIT trimster, dus toch niet zo ver ? Er zou een vakantie volgen waarin GEEN chemo was !

Van pure blijdschap gingen we er even op uit naar Lier. Kijken naar doodgewone dingen. Koffie drinken. Blij zijn. Rondwandelen als doodgewone mensen.

Volgende week staat er weer een chemo op de agenda. We beseffen heel goed dat het dan weer bergaf gaat. Maar er is wel licht aan de tunnel. Hoera, hoera !