Zwaar maar niet onmogelijk – niet op het tandvlees

Bron : stepfamilyrx.com

Dat jonge ouders op hun tandvlees zitten, dat las ik vandaag in het veel gedeelde artikel van Ilse Ceulemans. Ze is niet de eerste die het schrijft of zegt.

Ik las het artikel en dacht er verder niet meer over na. Voor mij lag een stapel te lezen schoolwerk : over hoe leerlingen (middelbaar onderwijs) kijken naar hun huidig gezin en naar hun eigen toekomst. Boeiende en hartverwarmende lectuur, want de liefde voor hun ouders zat tussen ieder blad. Puber of niet, ze voelen zich wel degelijk verbonden met hun ouders, broers en zussen ‘al kunnen die irritant zijn, maar dat zijn broers altijd’. 

Wat ze graag anders zagen ? Dat ma, pa meer tijd had, minder werkte. Het stond zo ongeveer op alle bladzijden, net zoals ongeveer op alle bladzijden stond dat er flink gereisd werd. Ik geef les aan wat men noemt kinderen uit bevoorrechte milieu’s. De meeste ouders zijn zeer hoog opgeleid en niet zelden verbonden aan de universiteit. Ze hebben carrière gemaakt, maar dat vind ik een vies woord. Je zou evengoed kunnen zeggen dat ze hun passie hebben gevolgd.

Rijke kinderen die hun ouders graag wat meer zagen. Ouders die hun passie hebben gevolgd en hun ding vinden in hun job. Ik begrijp Ilse Ceulemans als ze schrijft dat wie kiest verliest, al geloof ik dat niet voor deze beroepsgroep.

Waarom kunnen beide niet samen gaan ? Waarom wordt deeltijds werken niet gepromoot, ook als vorm van arbeidsverdeling ? Winst/winst : méér tijd om zelf in te vullen, méér werkgelegenheid. En ja, ook minder loon, maar met de lonen waarover het hier gaat bij mijn leerlingen, zullen ze heus geen boterham minder eten, en dat geldt voor een hele groep van de werkende bevolking.
Een hele groep, ja, maar niet allen. Veel mensen hebben de keuze niet, juist omwille van die boterham. Daar is minder werken geen optie. Als het voor de groep die wél de keuze heeft, al problematisch is, wat moet dat dan zijn voor wie geen keuze heeft ?

Of zoals ik het een collega uit een andere school hoorde zeggen over een leerling met problematisch gedrag : zijn moeder werkt van ’s morgens tot ’s avonds en staat er alleen voor. Ze komt tegen 19 uur thuis. Nee, dan heeft ze de energie niet meer om het schoolwerk van haar zoon te volgen laat staan dat ze weet waar hij tussen 15.30 en 19 uur was. Als hij al thuis is. Kan je het zo’n moeder kwalijk nemen ? Laat ons eerlijk zijn, deze moeder zit al door haar tandvlees.

Maar goed, terug naar het artikel. Ilse Ceulemans stelt, dat na de “zware fase”, de vliegfase komt. Gesteld zijnde dat iedereen een job heeft waarin “vliegen” (zich verder profesionaliseren en carrière maken) mogelijk is – wat niet voor iedereen mogelijk is- dan wordt dat vliegen bij veel mensen toch getemperd door de nieuwe zorgvraag : de zorg voor de ouders.

Een simpele rekensom maakt dit duidelijk : veertigers hebben meestal kinderen die ondertussen tieners zijn. De grootste zorg is voorbij. Deze tieners hebben dan nog wel aandacht en tijd nodig, maar minder dan de kleintjes. Veertigers hebben ook meestal ouders die … zeventigers zijn, of iets meer of minder, naargelang de leeftijd waarop ze zelf kinderen kregen. Wij zijn momenteel aan onze 3de dementerende en dus zorgbehoevende ouder toe. Het is met liefde én verdriet dat we het doen. Verdriet omdat we zien hoe iemand die we liefhebben stap voor stap wegglijdt. Wij gaan beide werken en doen ons best voor onze kinderen en onze (schoon-)ouders. En ja, dat is bij tijden zwaar.

Maar niet onmogelijk. Niet problematisch.

Daarom  kom ik niet tot de conclusie van Ceulemans. Ten eerste geloof ik niet dat wat zwaar en belastend is per definitie negatief is of reden tot paniek. Er zit trouwens iets eigenaardigs in de hele polemiek rond ‘werk en kinderen’. Voor veel ouders is de investering in hun kinderen (tijd en moeite) niet teveel. Ik las het zoveel vandaag : hoe pa en ma kinderen van her naar der voeren en daar veel tijd en energie in steken.

Hard werken (in betaalde en onbetaalde zin) kan voldoening geven. Het kan zwaar zijn om voor je kinderen of ouders te zorgen, maar het wordt gedragen door graag zien.

Ten tweede zijn er voor veel mensen – en zeker de groep waartoe zij (en ik) behoren, wel degelijk keuzes.
De enige keuze die er niet is, is alles. Je kan niet én lange werkdagen maken én tegelijkertijd bij je kinderen zijn. Wij hebben de buitenschoolse activiteiten van onze kinderen beperkt (zijn we slechte ouders ?), we hebben het fietsen en zelfstandig-zijn gepromoot. Soms hebben we dingen gemist door onze kinderen. Soms was het ook omgekeerd : lang niet alles wat ze wilden hebben ze ook gekregen. Ik denk niet dat ze er ook maar een beetje ongelukkiger door zijn geworden. Ik denk dat ze in tegendeel goed weten dat niet alles mogelijk is en dat je in alle verhalen altijd rekening moet houden met wat de gevolgen zijn voor anderen.

Ooit komt er een tijd dat onze kinderen de vleugels uitslaan en zelfstandig zijn. Ooit zullen onze ouders er niet meer zijn. Wellicht breekt dan de tijd aan voor de kleinkinderen, om zo de kinderen weer te helpen. Nee, niet absoluut, geen totale zorg. Maar wel zorg. Met liefde.

Dit vind je misschien ook leuk...

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Follow on Feedly