Tagarchief: Nederland

Snapshot diary

Snapshot diary week 45/2018 Nu al examenstress

Samengevat: back to work na een fijne vakantie, zalig wandelen op de grens België/Nederland, plantjes verpotten en kliedernat op de racefiets. 

Nu al examenstress ?

Na een weekje vakantie dacht ik de leerlingen rustig en uitgerust op de schoolbanken terug te zien. Boy was I wrong ! Het leek alsof de vakantie hen alleen maar zenuwachtiger en moeër had gemaakt. Misschien was het de eerste herfst, de regen, wind en op zwiepende bladeren. In al die jaren heb ik geleerd dat leerlingen best gevoelig zijn voor het weer, vooral voor weersveranderingen, al zal het uitdelen van de examenroosters er ook wel voor iets tussen zitten.

Het waren lange en zware dagen op het werk, maar ik ging met een voldaan gevoel naar huis. Druk staat overigens totaal niet gelijk aan lastig. Je zou druk evengoed kunnen definiëren als energiek. Het is maar hoe je het ziet.

Ongemerkt verandert het leven hier

Het valt mij steeds moeilijker om nog iets te schrijven over kanker en ik ga hier ook niet doen. It sucks en het wordt er niet beter op. Wij tellen gewoon af. Het ritme van goede weken en slechte weken is al goed ingeburgerd. Voor het lief zijn de ‘goede’ weken steeds belangrijker. Hij is een geweldige kwaliteitsbewaker geworden, alsof de dagen extra bijzonder zijn. We gaan vaker iets drinken of eten. Genieten van kleine dingen, maar vooral: we maken er tijd voor. Dat staat allemaal op het conto van het lief, want zelf word ik steeds stiller als het om de ziekte gaat. Ik wil er niet meer over praten (en schrijven) en als het al gebeurt schiet het gemoed snel vol. Dat er geen handleiding is. Dat ik het allemaal niet weet.

Op de gang van oncologie is een stripbibliotheek. Die hebben we eindelijk eens bezocht ! Toen het lief geopereerd werd en 10 dagen ziekenhuis had, weigerde hij om pyama’s etc. te dragen. Ook hier proberen wij zo ‘gewoon’ mogelijk te doen, ons eigen eten mee brengen en het bed mijden, al komt er altijd een moment dat het lief zo ziek is dat hij toch verhuist.

Indian Summer

Deze week bracht toch nog een milde laat zomerdag mee. Donderdag vergat ik helemaal dat het herfst was. Ik wandelde op het grensgebied Riemst/Maastricht en het leek wel of ik op vakantie was. Zo ontspannen was ik, ik had amper een licht vestje aan. Het was één van de beste wandelingen van het jaar !

Omdat ik achter sta wat mijn doelstelling sport betreft, besloot ik in het weekend om nog eens de koersfiets van stal te halen. Ik fiets graag en ben niet vies van een beetje regen. Alleen… hier in het Hageland is het allesbehalve plat. Het was dus afzien, al troostte ik mezelf met de gedachte dat ‘what goes up, must go down’. Maar toch. Doodgaan was dat. In gietende regen. Op gladde wegen met afgevallen herfstbladen. Ik snap waarom het wielrennersseizoen afgelopen is en het veldrijden nu hoogdagen heeft. Misschien moet ik van fiets veranderen.

Op naar volgende week !

Snapshot diary week 44/2018 Scheveningen – onze plek in de herfst

Scheveningen

Zo lang naar uitgezien

We gaan al jarenlang naar Scheveningen in de herfstvakantie en het blijft een topper. Bij veel korte vakanties kies ik er uitdrukkelijk voor om NIET naar dezelfde plaats te gaan. Maar Scheveningen in de herfstvakantie blijft een topper. Een groot licht appartement aan zee en amper 5 km weg van het centrum van Den Haag. Goed voor lange wandelingen in o.a. het Oostduinpark, maar evengoed genieten van flaneren op de ‘boulevard’ (voor ons ‘de dijk’) en de pier van Scheveningen. Traditioneel doe ik er minstens één loopje. Er is weinig dat evengoed is als lopen langs het water van de zee.

O zo voorspelbaar

Omdat er momenteel al behoorlijk wat stress is in ons leven, genoten we dubbel van het thuisgevoel. We wisten exact waaraan we toe waren, waar we konden eten, zelfs naar welke boekenwinkels we zouden gaan. Wij zijn o zo voorspelbaar wat Scheveningen betreft. Ik drink traditioneel koffie met taart in dezelfde cafetaria als 5 jaar geleden, we gaan de pier op en af en we nemen de bus naar het centrum van Den Haag. Wanneer ik mijn dagboek van vorig jaar lees, dan is dit bijna een kopie.

Nieuw was ons bezoek aan het Museon. Daar liep een tentoonstelling over ruimtevaart. We waren een beetje verkeerd geïnformeerd, want het bleek een tentoonstelling voor kinderen/jongeren te zijn. Toch zat dit zo goed ineen dat we er vooral plezier aan beleefden. Er waren weinig tot geen kinderen (al kwam ik toch wel precies dààr een leerling tegen !) en we hadden het museum bijna voor onszelf.

Terug thuis

Het blijft moeilijk voor mij om thuis niet in werkmodus te gaan, maar dankzij het lief (en de minder sterke chemo) breidden we er toch nog een mooi verlengde aan : een herfstwandeling in Averbode. Ik zag het lief met volle teugen genieten. Nu en dan vergeet ik dat hij zo goed als maanden amper buiten is geweest, laat staan in de natuur. Er waren gelukkig tal van bankjes, dus konden we op zijn tempo genieten van al dat moois dat de herfst te bieden heeft.

Averbode

Genieten van de tijd die we (nog) samen zijn

Bovenstaande zin komt van het lief. Dat we moeten genieten voor de tijd die we (nog) samenzijn. Ik krimp altijd ineen als hij zoiets zegt. Ik wil niet nadenken over doodgaan of afscheid. Maar zo zorgeloos als een half jaar geleden zijn we niet meer.
Maar eigenlijk maakt het niet uit of je leven bedreigd is of niet. De dood is er altijd. Niemand weet wanneer hij komt en zelfs al komt hij op ‘gezegende’ leeftijd, dan kunnen we van ons leven toch maar beter iets goeds maken. En géén tijd verspillen aan dingen die er niet toe doen.

Snapshot diary week 39/2018 – zo gaat het niet meer – Valkenburg to the rescue !

Valkenburg

samengevat: er kwam veel slecht nieuws binnen deze week, al was dat niet voor ons persoonlijk. Ik zag het echt niet meer zitten. Zelfs op het werk liep het fout, geen internet. Tot ik dacht ‘zo gaat het niet meer’ en er op het eind van de week toch nog licht was. 

Mag ik deze bladzijde snel omslaan ?

Als ik het écht over deze week zou hebben, dan zou ik vertellen dat de woorden ziekte (niet alleen bij ons), palliatieve, terminaal en hopen verdriet veel gevallen zijn. Het lijkt even met onze hele omgeving echt niet goed te gaan. Ik verloor ook wel wat de moed hier. De dokter had nog iets gezegd over ‘laatste loodjes’, maar hé, met eind december als eindmeet kan je begin oktober bezwaarlijk ‘laatste loodjes’ noemen.

Vier maanden en een half zijn we nu al ver. Het beeld dat ik krijg van het lief is het lief in de zetel. Soms in de ‘rode’ zetel, dan weer in de TV-kamer. Soms zittend, soms liggend. Maar dat is het wel zo’n beetje. Hij wordt stiller (er gebeurt ook niet veel) en ik weet het soms ook niet meer.

Ik dacht: zo gaat het niet meer

Ik voelde hoe wij weggleden in duisternis en inactiviteit. Het lief is stoïcijns: één en al aanvaarding. Dat kan misschien wel heldhaftig zijn (en ik bewonder hem er wel een beetje voor), het ligt zeker niet in mijn aard. Ik wil altijd de grenzen opzoeken. Zien waar de rek is. Misschien kan er toch meer. Ik ben niet het ‘we leggen er ons bij neer’-type.

Dus zeg ik tegen het lief (die een verlaagde chemokuur heeft sedert vorige therapie): ik ga weg met u. Naar Nederland. En als we om de kilometer moeten stoppen omdat je naar het toilet moet, dan zij het zo. Als we buiten zijn en je wil zitten: ik heb zelfs een stoeltje bij. Of we gaan gewoon van terras naar terras, drinken desnoods ons drankje niet uit, maar we gaan naar buiten ! Naar buiten ! Deze vier muren maken ons gek en straks ben jij een deel van het behangpapier!

Het lief was niet enthousiast. Dat het toch lastig zou zijn. En dan nog meteen een uur rijden van hier. Maar ik wou weg. En ik was wanhopig. Eerlijk waar.  Ik wou iets met hem meemaken dat leuk was, dat ons deed glimlachen. En echt waar:  ik zou zorg voor hem dragen. Héél erg. Eén kick en we pasten onze plannen aan. Het hoefde helemaal niet ‘actief’ (mijn ding) te zijn. Nee, ik zou rustig mee zitten en mee rusten !

Het werd een heerlijke dag

Het lief sjokte uiteindelijk toch mee en ja, nu en dan zaten we op een trap, een bankje, een terrasje. Hij genoot van die buitenwereld en glunderde toen bleek dat er ondertussen al Hugo-ijs bestaat ! We aten ontzettend licht en genoten met volle overgave van de zon. Het lief zag in de Hema filmrolletjes liggen (van die oude) en begon te dromen van opnieuw analoog fotograferen. Voorzichtig vroeg ik: en wil je dan graag zo’n analoog fototoestel ? Ik weet hier wel een kringloopwinkel.

Hij glunderde. Voor amper 10 euro had hij een analoog toestel in handen en was bezig met filmrolletjes en foto’s nemen. Herinneringen uit zijn jeugdjaren, de camera van zijn vader.

Valkenburg

Ik wist precies wat ik deed toen ik naar Valkenburg reed. Twee jaar geleden had ik er in de buurt gekampeerd. Het stadje is klein en toeristisch, er zijn vele banken en terrasjes. Het centrum is autovrij en je kan makkelijk dichtbij parkeren. Bovendien ligt in Valkenberg de beroemde Cauberg, iets waar het lief maar niet uitgepraat over geraakt wegens ‘zwaar onderdeel van de Amstel Gold Race’. En laat dat lief behoorlijk gek zijn van alles wat met wielrennen te maken heeft.

Klein en toeristisch, met strakblauwe hemel boven ons, dat geeft hoe dan ook een instant vakantiegevoel.

De blik naar buiten gericht

Deze dag waren we beiden kankervrij. Eenmaal in Nederland hebben we het er nooit over gehad. Onze blik was naar buiten gericht. Flanerende mensen, kinderen op klein fietsjes, dat Zuid-Limburgse dialect waar we niets van begrepen, genietend van een zalig ijsje op de trappen in de zon.

En gewoon dankbaar. Om wat is. En vergeten wat niet is.

 

 

Snapshot diary

Snapshot diary week #33/2018 Op de camping

Zitten, lezen en kijken

De temperaturen waren gezakt en ik dacht dat dit misschien wel het moment was om toch nog een paar daagjes kamperen uit te proberen. De voorbije hitte was te vermoeiend voor Hugo. Misschien zou dit wel lukken.

Ik boekte een seniorencamping, wat meteen betekende dat wij de jongste telgen waren. De boeking was bewust, ik wou een plaats waar het bovenal rustig zou zijn. Uit ervaring weet ik dat de hoofdactiviteit op dergelijke campings zitten, lezen en kijken zijn. Tel daarbij ‘Nederland’ en er wordt natuurlijk ook wel eens gefietst. Op e-bikes wel te verstaan.

Wij wisten sowieso dat er ook van onze kant veel gerust moest worden, dus opvallen zouden we daar niet. Behalve wat onze leeftijd betreft misschien.

Een andere wereld

Ik zag Hugo zichtbaar genieten. We zaten (zoals de rest van de mensen) uren op onze stoel boeken te lezen en andere kampeerders te spotten. ‘goede morgen’, ‘goeie dag’, ‘leuke hond’, zo begonnen de kleine conversaties van mensen op weg naar de sanitaire blok. Tegen een uur of 17 werden de BBQ massaal bovengehaald. Of liever de skottelbraais,  klassieke BBQ’s zijn er niet meer. Best wel veiliger ook. Het is ongelooflijk wat er allemaal uit die Cadacs tevoorschijn kwam. Het is precies een kookkunst op zich.
Wij genoten, echt. Van de rust, van de mensen op de camping, van 4 dagen waarin het woord kanker niet viel en niemand overigens wist dat Hugo ziek was. Kan best goed doen !

Kessel, Venlo en Roermond

De eerste dag regende het de hele dag, maar de volgende dagen bezochten we Kessel, Venlo en Roermond. We aten er het typische ‘twaalfuurtje’, een mengeling van allerlei hapjes. Naar verluidt moet dat traditioneel een ‘kroket’ bij. We genoten van het uitzicht op de Maas, want alle drie liggen ze langs de Maas. Voor mij ook een prima streek op te lopen.

Nattevingerwerk

We rekten ons vakantie en boekten een halve dag bij zodat we pas donderdagavond moesten vertrekken. Kessel ligt op anderhalve uurtje rijden (met de caravan), dus dat gling vlot. Op vrijdag hadden we onze traditionele afspraak op Gasthuisberg. Weer een andere arts, ongelooflijk hoeveel artsen er wel niet moeten zijn met deze specialisatie, want wij hebben nog nooit 2 keer dezelfde gezien. De informatie die ze geven is niet altijd consistent, want bij ons soms voor verwarring zorgt. De ene zegt het zo, de andere zegt het anders. De voorgestelde behandeling bij het begin (na 3 maanden minder sterke chemo), daar wist deze arts niets van. Zodat het toch maar bij het oude bleef. Dat was mij al opgevallen en ik had er al iets over gezegd, maar het was de eerste keer dat ik Hugo hoorde zeggen dat ook hij de indruk had dat het een beetje nattevingerwerk was. Er was een afspraak voorzien met een (kanker-)psycholoog maar plots bleek die niet te vinden. Ook vorige keer vonden ze hem/haar niet. Ik had compassie met de verpleegster. Ze was werkelijk gegeneerd, voor iets waar ze helemaal niets kon aan doen.

Ik merk dat wij gelaten worden. Onze verwachtingen zijn niet hoog meer. Fabriek Gasthuisberg.

Schooljaar in zicht

Ondertussen komt het schooljaar in zicht. Gemengde gevoelens. Enerzijds ben ik blij dat deze vakantie, die helemaal geen vakantie was, voorbij is. Eind augustus zitten we aan de helft van de chemobeurten. De helft, dat telt toch !
Anderzijds heb ik best wel schrik. Komen de meeste collega’s opgeladen batterijtjes, hier is dat niet het geval. Ik breng een behoorlijk rugzakje mee.
Toch zie ik uit naar dat nieuwe jonge volkje. Naar een wereld die – net als de camping – ‘anders’ is, waar het niet allemaal rond kanker draait. Misschien vind ik mijn weg wel terug. 

Die paar dagen op de camping. Samen met het lief. Boeken lezen. Buiten ontbijten. Dat geluk zo eenvoudig mooi kan zijn ! Het heeft ons zo’n deugd gedaan !