Categoriearchief: Kleine en grote levensfilosofieën

Gelezen: De Columbus – Wim Lybaert & Laurens Verbeke

Wil niet iedereen een Columbus?

Ik ben fan van het eerste uur van het TV-programma De Columbus. In mijn wildste dromen haal ik een C-rijbewijs en rijd ik net als Wim Lybaert met een pracht van een Columbus doorheen heel Europa. Eerlijk waar, ik zou er zelfs een behoorlijke cursus techniek voor over hebben om aan zo’n avontuur te beginnen.

De Columbus
Credits De Liefhebbers

Anderzijds is wat Wim Lybaert in De Columbus doet, me ook niet helemaal vreemd, misschien moet ik gewoon wat meer leren loslaten.

Columbussen als werkwoord, state of mind

Toen ik het boek kocht, dacht ik dat het een verslag zou zijn van de avonturen die Wim Lybaert met zijn gasten in zijn bus beleefd had. Uitgebreider, uitgeschreven gesprekken, routekaartjes en lijstjes met mooie plekjes.

Dat is het boek echter helemaal niet. De boodschap van het boek is: “Iedereen kan Columbussen” en zelfs zonder C-rijbewijs (sic!) of Columbus. Columbussen is een state of mind. Het hoeft ook niets te kosten, het enige wat je moet doen is er gewoonweg voor gaan.

Zeven wegwijzers om te columbussen

Het boek is opgebouwd in 14 kleine hoofdstukken. Zeven wegwijzers wijden je in in de kunst van het columbussen. Laurens Verbeke (televisiemaker De Columbus) nam ze voor zijn rekening. Vervolgens schrijft Wim Lybaert over zijn ervaringen met 7 wegwijzers. Wim blijkt van nature helemaal geen Columbusman te zijn, maar eerder iemand van de planning en de controle. Iemand die de lat heel hoog legt en het liefst weinig aan toeval over laat. Heel soms zie je dat tijdens een aflevering van De Columbus. Dan is er heel lichte paniek, een bezorgdheid over de plaats waar ze zullen slapen. Ook voor hem is het Columbussen een confrontatie en leerschool.

Hoe realistisch zijn de 7 wegwijzers ?

Eerlijk gezegd (en toch met al wat ervaring) vind ik de wegwijzers best wel realistisch. Mijn ouders waren in wellicht Columbussers avant la lettre, maar ik denk dat dat voor wel meer mensen van hun generatie geldt. Een goede voorbereiding bestond erin dat de auto technisch nagezien werd, de ‘landkaarten’ (nationale ! niet eens regionale) in de auto waren en ‘ vreemd geld’, zoals mijn vader dat noemde. Euro’s waren er niet.

Ze maakten nooit reserveringen voor een camping en we sliepen meermaals in de caravan tijdens een doorreis op de marktplaats van een Frans klein dorp. Toen kon dat nog allemaal. Wim Lybaert doet het mijn zijn bus nog altijd, maar dan niet op een marktplaats, maar ergens in the middle of nowhere.

(1) Vertrekken zonder plan en je (2) laten leiden door het toeval zit me dus al van jongsaf in het bloed. De snelweg vermijden (3) is de allerbeste tip en ja ((4) het volgen van de bochten is best realistisch.

Het moeilijkste lijkt mij altijd het (5) loslaten van de tijd. Niet dat ik continu op mijn uurwerk kijk maar zelfs op vakantie zit er soms een lijstje in mijn hoofd te zeuren. Ik wil dat en dat en dat gezien hebben. Zoals hij zelf schrijft ‘afvinken als een to do lijstje‘.

Het volgen van je verbeelding (6) is iets wat je moet oefenen en in de aankomst het begin vinden (7) is zoveel al de weg is het doel. Dus ja, de wegwijzers zijn best realistisch.

Voor wie is dit boek ?

De Columbus

Ik denk dat het een misvatting zou zijn als enkel mensen die graag willen reizen of kamperen iets aan dit boek zouden hebben. De filosofie is veel groter dan ‘de manier waarop’. Ik vind er zelfs regelrechte levenslessen in: durf je soms gewoon eens gooien in iets. Zonder plan. Met verbeelding. Laat de tijd los.

Uit alles in het boek, en al helemaal tijdens de serie blijkt een geweldige waardering voor het gewone. Een zonsopgang, een oud kerkhof, kletterende regen, vliegeren met de wind op kop. Het zijn doodgewone dingen die bijna betoverend zijn in de serie.

Dat je er geen Columbus moet voor hebben, nee. Dat je morgen simpelweg, tijdens de lunchpauze op je werk, je boterhammen kan meenemen naar een stukje natuur en zien: hé, zo kan het ook, al is het in een park en heb je maar 60 minuten. Voor je het weet zit er een onbekende bij je op de bank en ben je aan het columbussen.

Praktisch

Wim Lybaert & Laurens Verbeke, De Columbus, het is beter om te reizen dan om aan te komen, uitgeverij Angéle/Standaard Uitgeverij, te koop bij o.a. Bol.com voor €22,50.

Koop bij bol.com

kanker na de chemotherapie

Wat na de chemo ?

Van hot topic naar taboe

Tik het woord ‘kanker’ in de zoekbalk hier rechtsboven en je krijgt best wat hits. Ik heb er zelfs een hele sidepage aan gewijd. De kanker trad hier binnen rond mei 2018 en kreeg een vervolg in delen. Chemo, elke 14 dagen. Zes maand lang.

En toen was het gedaan. Gedaan met de chemokuren en het tweewekelijks bezoek aan Gasthuisberg. Gedaan met de kanker. Zo leek het toch. De laatste arts was bijna zo bot om ons te vragen wat daar eigenlijk kwamen doen, bij de laatste consult op Gasthuisberg midden december.

Daarmee leek het verhaal ook afgesloten. Het lief wou af van het label ‘kanker’ en pikte vervolgens de draad op waar hij ‘m in mei had laten liggen. Méér nog, zijn energie leek geen grenzen te kennen, zijn goesting onoverwinnelijk, hij ging terug aan het werk en combineerde dat met sporten, met nieuwe projecten, kortom, met heel, heel veel.
Het woord kanker viel hier niet meer. Ik voelde hoe het een taboe werd. Maar ik begreep het wel.

Het kan (snel) verkeren

Nu kunnen we wel doen alsof de kanker er niet meer is (en daar gaan we ook van uit), ergens in hoofden van geleerden is beslist dat je pas na 5 jaar kankervrij wordt verklaard. Ondertussen is het natuurlijk geen afwachten, het is verder gaan met je leven. Hier thuis met het explicitiete taboe, onderhuids met de angst die zomaar de kop kan kopsteken. Net als die kanker trouwens. Het kan alle kanten uit.

Ik zou liegen als ik zou zeggen dat dat niet weegt. Soms motiveert het mij om extra te genieten en dankbaar te zijn. Soms ook maakt het mij triest en onzeker. Het kan snel verkeren. Eender welke kant.

Onzichtbaar

Hoeveel liters of zeg maar emmers er in het lief z’n lijf zijn gegaan weet ik niet, maar het zijn er veel. Dat laat sporen na. Vermoeidheid. Een spijsvertering die niet altijd op naar wens verloopt. Een gevoelige huid. De lijst is lang.
Maar voor de rest lijkt alles normaal.

Kanker, zoals het bij het lief is, zie je niet. Hij heeft een goede dos haar. Hij is bewegelijk. Hij kan meestal eten wat hij wil.

Het lijkt alsof er niets geweest is.

Een rimpel in het water, een bries over het meer.

Er zijn sterke onderstromen en soms ballen de wolken zich samen boven het water. Komt er storm, of gaat het voorbij ? Wordt het lente of herfst ?

Je ziet niets, maar hij is bij tijden nog heel moe. Of die darmen willen weer niet mee. Omdat we het zo gewoon zijn merken we het nog nauwelijks dat het niet normaal is. Soms lukt het niet zo goed, op het werk, thuis, met alles wat er om handen is. Dan wordt het teveel en is volhouden. Tot het weekend.

Is het lief te snel terug aan het werk gegaan ? Nauwelijks een maand na zijn laatste chemo van 12 keer 46 uur ? Daar valt niet op te antwoorden. Thuis zitten kost ook energie. Net als het gebrek aan sociaal contact.

Ons leven is veranderd

Tot op vandaag kan ik niet zeggen hoe zeer en in welke mate. Maar dat ons leven veranderd is, is zeker. Zowel bij hem als bij mij. Wij kiezen resoluter voor geluk. Het is een torenhoog cliché, maar met die kanker kwam het besef dat het leven kort kan zijn. En vervolgens schemert altijd de vraag

Wat wil je doen met dit leven, de tijd die je krijgt ?

Het lief is daarin resoluter dan ik. Het lief wacht niet meer. Hij doet. Hij kiest. ‘Later’ is relatief. Later komt misschien nooit. Je weet niets over later.
Ik ben nog in volle lering. De lering dat iedere dag een niet te missen kans is. Niet te missen als in ‘nooit meer in te halen’. Ik leerde voor mezelf dat dat helemaal niet betekent dat er van alles gedaan moet worden of dat ik in continue stress van ‘missing out’ leef, maar net omgekeerd: dat ik beter de tijd niet door mijn vingers laat glijden door dingen die mij niet warm of koud maken, tijd die mij niet gelukkiger maakt.

Bewuster leven

Daar zijn we beiden heel erg mee bezig. En wat we nog willen doen met dat leven, met iedere dag. Ik stel mij vragen die ik vroeger niet stelde. Deels omdat ik genoodzaakt ben ze te stellen. Choose your battles: of anders gezegd, wees je bewust waar je je tijd en energie in steekt. Voor mij betekent dat loslaten wat geen energie geeft, wat afmat, wat eigenlijk niets opbrengt en anderzijds kiezen voor wat energie geeft.
Niet toegeven aan de angst voor de toekomst, want die is er wel.


Kiezen voor het leven, volop leven.

Soms betekent dat languit in de zetel met een geweldig goed boek. Wandelen in de natuur. Drie uur tafelen en nog niet uitgepraat raken. De knuffel ‘s morgens in bed. De kus voor het huis wordt verlaten. “Ik zie je graag” zeggen en beseffen: zo dankbaar om dit leven.

Vakantieplannen en -dromen. Het begint met plaatjes en boeken.

De lente doet dromen van de zomer !

vakantieplannen

Samenvatting: Het begint bij dromen. Vakantiedromen. Wegdromen bij prachtige foto’s en boeken. Schriftjes vullen met aantekeningen. En dan wordt het echt: de droom is niet langer droom. Het worden vakantieplannen. Hier vind je boeken die je al helemaal in vakantiestemming brengen en je dromen aanwakkeren.

De lente is in het land en dat doet natuurlijk volop dromen van een eindeloze zomer met tal van vakantieplannen. Dat dromen en plannen vind ik een plezier op zich. Grofweg 95% van mijn vakantiedromen halen het niet, maar geen bezwaar: in mijn hoofd ben ik altijd op reis, altijd op weg naar een nieuw avontuur.
Meestal begint het met foto’s en boeken. Of nog beter: hele fotoboeken waarin ik mezelf zonder gêne mee op de foto zet. Want weinig is onmogelijk in mijn dromen. Ik pas het plaatje wel zelf aan !

On a roadtrip – Spanje

Het nomadische leven spreekt me meer dan een beetje aan. Zo haak ik het caravannetje aan en hup, we zien wel waar we komen. Die vrijheid is me dierbaar, heel dierbaar. Meestal reis ik noordwaarts, omwille van mijn grote liefde voor Nederland, maar als kind was ik jaren aan een stuk in Spanje met al even nomadische ouders.

Het boek ‘on a roadtrip, ontdek Zuid-Europa met je auto, brengt me terug naar mijn kindertijd. Mijn vader was een trekker pur sang, rijden op de bonnefooi, waar we ook uitkwamen. Meestal was dat het zuiden, omwille van het goede weer.

De grote zomervakantie is nog niet in zicht, maar niets weerhoudt me om toch naar Spanje te trekken voor enkele dagen. Méér nog, ik heb hét excuus om naar Spanje te trekken, mijn broer en schoonzus ruilden immers voor altijd hun Westvlaamse huis voor het zonnige Spanje. Het zou een mooi begin zijn van een roadtrip. Broer altijd toch ‘ergens’ in de buurt.
In het boek staan prachtige uitgewerkte roadtrips, met goede adresjes ver weg van de klassieke autobanen.

Het boek gaat overigens niet enkel over Spanje maar over heel Zuid-Europa. Portugal, Spanje, Kroatië (mij onbekend), Kreta en Sicilië. Dat doet mij ongelooflijk dromen.

I love the seaside – The surf & travel guide to northwest Europe

Wie deze blog volgt, merkt het: bijna al mijn reizen hebben één ding gemeen: water. Ik lijk het water altijd te willen opzoeken. Liefst de zee (vandaar mijn grote liefde voor Zeeland) en als het echt niet anders kan, dan toch een vakantie waar water is. Al is het maar een meer, een stuwdam, of zoals tijdens de Kerstvakantie het Veluwemeer. Als er maar water is.

Nog leuker is het avontuurlijke water. Om te surfen, te kajakken of zoals ik vorige zomer ontdekte: te suppen. Het boek I love the seaside brengt me naar de prachtigste plekken om actief van de mooiste stranden te genieten.

I love the seaside is een boek voor de nomadische avonturier zoals die van on a roadtrip. Zonder al te veel plannen maar met het nodige sportgerief in de auto op zoek gaan naar de beste stranden en eetplaatjes. Top voor mij: ook de campings worden er in vermeld. Het boek doet me een beetje denken aan de Lonely Planet, véél adresjes en suggesties, maar wel 100 keer mooier uitgegeven. Nu nog sparen voor die SUP (waarover ik nog altijd twijfel) en mij nogmaals inschrijven voor de surflessen. Gelukkig dichtbij.

Fernweh – Bucketlist

Met deze bucketlijst houd je je vakantieplannen prima bij.

Misschien denk je: daar heb ik geen tijd voor, geen geld, dat lukt mij allemaal niet. Dat kan. Zei ik zelf niet dat 95% van mijn dromen de eindmeet niet haalt ? Ik vind dat helemaal niet erg. Op mijn bureau hangen kaarten van Europa en zelfs eentje van de VS. Tal van reizen zijn al in gedachten gemaakt. Ik heb er beelden en verhalen bij. Via reiscafé’s werd ik warm van de verhalen van anderen. Ik laat mezelf totaal niet ontmoedigen door de gedachte dat ik daar misschien nooit zal geraken.

Soms lijken dromen ingewikkelder dan je denkt. Dromen zijn als kleine zaadjes die je plant en vervolgens verzorgt. Hoe meer aandacht je er aan geeft, hoe groter de kans dat er iets groeit. Uiteindelijk wordt dat groeien (dromen en aandacht geven !) op zijn minst zo belangrijk als het resultaat. Daarom ben ik een voorstander van het opschrijven van je dromen. Een soort bucketlist die je nu en dan opnieuw tevoorschijn haalt.

Het boek Fernweg (mijn bucketlist) houdt voor mij al mijn dromen en vakantieplannen bij. Het is echter meer dan gewoon een lijstje, want het onderzoekt je motivatie op verschillende manieren en motivatie is de drijvende motor. Hoe meer je het wil, het meer kans dat je het ook echt zal doen.

Nu en dan bekijk ik mijn bucketlist opnieuw en verschuiven de prioriteiten. Soms gebeurt het dat ik de motivatie niet meer vind en dat de droom niet meer zo aantrekkelijk is. Geen erg ! Dromen genoeg en je kan maar best gaan voor wat jou écht warm maakt.

Het gebeurt – dat geef ik grif toe – dat mijn verwachtingen niet worden ingelost, dat de vakantieplannen er op papier mooier uitzagen dan in het echt. Dat vind ik dan weer niet erg. Je kan tenslotte maar weten of iets je echt ligt als je het hebt meegemaakt. Ook dan blijft overigens het gevoel van voldoening: ik heb het toch maar gedaan, ik ben uit mijn comfortzone gekomen en heb dit tot een goed einde gebracht.

De zomer doet dromen

Misschien is het bar slecht weer als je dit artikel leest. Regent het en zijn de vakantiedagen nog lang niet in zicht. Omring je dan met fijne boeken met prachtige vakantiefoto’s. Droom volop en laat je gedachten alle windrichtingen uitgaan. Omring je met zomerse herinneringen. Laat het praktische je vakantieplannen niet in de weg staan. Zelfs op de donkerste dag in de winter dacht ik aan die zalige dag in De Biesbosch, gewoon omwille van het hoesje rond mijn telefoon !

Geef jezelf de kans om te dromen. Voed je dromen en wie weet wat er gebeurt !

Opruimen is een drama. En ook wel een feestje.


Dat ene boek dat ik wegdeed

Nu de lente lonkt en iedereen zo’n beetje hip geworden is om zo weinig mogelijk spullen te verzamelen, zit ik bij tijden in een waar conflict. Zo ben ik zelf een voorstander van minder spullen. Ik kan daar grote theorieën over hebben, maar doorgaans komt het neer op dit: minder spullen is minder opruimen.

Tot ik onlangs een boek zocht dat mij dierbaar was in mijn studententijd. Héél dierbaar. Ik dacht: dit moet ik opnieuw lezen, want het heeft mij toen best wel wat levenswijsheid geschonken. Maar net omdat het geleden was mijn studententijd, heb ik het boek 2 jaar geleden richting kringloop gebracht. Dat was balen. Ook al omdat ik het niet simpelweg in een bibliotheek terugvinden kon.

‘Ik stel mij voor dat jij een prikkelarme kamer hebt’

Onlangs was ik met iemand in een bijster ernstig gesprek. We kenden elkaar al langer, maar waren nog nooit bij elkaar op bezoek geweest. Als ik aan haar denk dan denk ik aan iemand die mij toch behoorlijk goed kan inschatten. Tot ze deze zin zei. ‘Dat ik wellicht een prikkelarme kamer had’. Ik vroeg me af hoe ze in hemelsnaam de bal zo kon misslaan of welke verwarrende signalen ik mensen moet geven.

Een ware speeltuin

Mijn kamer is geenszins het landschap waarover professor De Geest schrijft en al helemaal geen ruïne, maar het is een regelrechte speeltuin. Er is een teveel, al is het netjes opgeruimd. Er is de creatieve tafel waar momenteel het weefgetouw staat. De regel is hier: er mag maar één project op de tafel.
Er is de leeshoek, met een geweldige zetel en een bartafeltje met, (mocht je twijfelen, niet-alcoholische- drank. De leeslamp. De 10 boeken van het moment.
Er is de werktafel. Met potten vol pennen. Met links de printer en een gigantisch scherm. Met op het magneetbord kalenders en planners.
Er is de mediahoek, met gelukkig Netflix dat geen plaats vraagt.

Alles samen is het één grote speelplaats die continu uitnodigt om dingen te doen.
Niks van, die prikkelarme kamer.

Waarom is niemand blij om het terugvinden van spullen ?

Al bij al wordt hier vaak opgeruimd en is het niet zoals bij professor De Geest. Soms is het opruimen een waar feestje. Er mogen best wel spullen weg. Herontdekken (waarom heeft niemand het daarover ?) is overigens best ook fijn. Kijk, die pen die ik een jaar niet heb gebruikt ! Wat een zaligheid om die terug in handen te nemen. En o dat gedicht !

Soms is het dus best wel een feestje. Om het opnieuw vinden van spullen. De verse aandacht, het zonlicht dat plots schittert op wat lang verloren leek.

Anderzijds noopt ieder opruimen mij tot minder kopen. Minder spullen. Omdat wat ik hier dan toch heb, plots een eigen glans krijgt.

Maar een Marie Kondo word ik wellicht nooit.

Hoeft ook niet.