Categorie archief: gelezen

Bo Van Spilbeeck

Gelezen: Bo – Eindelijk vrouw – Bo Van Spilbeeck

Gelezen

Aarzeling bij dit boek

‘Ik kan je het boek van Bo Van Spilbeeck bezorgen, interesse ?’ Ik wist waarover het boek ging en aarzelde. Transgenders behoren niet tot mijn leefwereld. Ik had de ‘outing’ van journalist Bo Van Spilbeeck op TV gezien en dat was een beetje aan mij voorbij gegaan. Moest het zo uitgebreid op TV komen ? Behoort dat niet tot de privéwereld ? Is dat eigenlijk nieuws ?
Gemengde gevoelens dus. Ik lees echter zoveel en leer graag bij. Dus oké, geef maar hier dat boek. Naderhand ben ik blij dat het boek mij zo toevallig in handen is gekomen. Misschien zou ik het anders niet gelezen hebben en dat zou jammer geweest zijn.

Jezelf niet mogen zijn

Ik nam mij voor om het hele VTM-gebeuren en de beelden te vergeten en het boek te laten spreken. Bo/Boudewijn Van Spilbeeck vertelt hoe hij zijn hele leven in onmin leeft met zijn lichaam. Hoe hij liever een vrouw wil zijn (en manieren zoekt om zich zo te kleden) maar dit altijd in het geheime, obscure moet doen.

Ik was daar behoorlijk van onder de indruk. Een volwassen man met een carrière en aanzien die zichzelf niet kan zijn. Een man met geheimen die hij met niemand kan delen. Een ongekende eenzaamheid. Vragen waar hij geen antwoord op heeft, vragen die hij nauwelijks durft te stellen. Je voordoen als iemand die je eigenlijk niet bent. Dat moet pijnlijk zijn. Eenzaam.

Wie ben ik ?

Soms duurt het heel lang voor een mens ontdekt wie hij werkelijk is en de beslissing durft te nemen om ook volledig in lijn met zijn identiteit te leven. Bo Van Spilbeeck is eind vijftig wanneer ze die beslissling neemt. Daarvoor is het een jongleren met mogelijkheden en beperkingen, met vragen en twijfels. Getuige dit citaat dat terug gaat naar de tijd nét voor zijn huwelijk met Marianne. Hij kijkt samen met haar naar een uitzending op NCRV over travestieten en transseksuelen.

Het besef dat ik een transgender ben, komt niet. Het woord transgender zal ook pas in de jaren negentig gebruikt worden. Tot dan gaat het over travestieten, transseksuelen of crossdressers, die zich allemaal om andere redenen als vrouw kleden of vrouw voelen. Wat mij dat maakt, weet ik niet (p.59)

Leven zoals je bent: outing

Ik vertelde dat ik me al sinds mijn puberteit als meisje kleedde, dat ik al vijfentwintig jaar als vrouw buiten kwam, en dat ik nu eindelijk heb besloten om te worden wie ik al altijd geweest ben; een vrouw. (p. 103)

We zijn een dikke honderd bladzijden ver en vanaf dan gaan het snel. Zowel in het boek als in het leven van Van Spilbeeck. De eerste 100 bladzijden vertellen over de twijfels, de vragen en het onbehagen, de volgende kleine 200 over de transitie, de onomkeerbare overgang om volledig als vrouw te leven.

De grote rol van VTM

Eenmaal de beslissing genomen, gaat het hard. VTM steunt de transitie en zal er voor zorgen dat zijn outing nationaal en zelfs internationaal wordt opgepikt. Omringd door visagistes, kappers en stylisten krijgt Bo tal van tips om haar nieuwe leven als vrouw gestalte te geven. Ik heb de indruk dat de steun van de VTM collega’s nauwelijks te onderschatten is, zowel voor Bo persoonlijk als voor vele transgenders in Vlaanderen en daarbuiten.

Medische weg

Via het boek leer ik wat de medische kant van het verhaal is. Het is alvast geen beslissing die van vandaag op morgen kan genomen worden. Er zijn filters en gesprekken met een psychiater, hormonen worden geblokt en andere verhoogd. Er volgt logopedie om de stem te verhogen en gezichtschirugie. De laatste grote medische stap is de geslachtsverandering.

Van Spilbeeck schrijft op een serene manier en weet daar goed het evenwicht te behouden. Geen sensatie, maar ze gaat moeilijke onderwerpen ook niet uit de weg. Net zomin als de grote emoties van verwachting en uitzien naar. Tussendoor ook iedere keer de bezorgdheid om haar gezin, beseffende dat haar beslissing ook hen treft.

The pursuit of happiness

Toen het boek hier thuis op de salontafel slingerde, was het nu en dan een topic aan tafel. De meest gestelde vraag was ‘wat denk jij daar eigenlijk van ?

Los van het feit dat het er niet toe doet, stelde ik mezelf ook die vraag. Als het gaat over het boek, dan ben ik blij dat ik het gelezen heb. Bo Van Spilbeeck geeft ons met haar boek een kijk in het hoofd en hart van een transgender. Ik ben blij dat ik het gelezen heb.

Maar alles begrijpen doe ik niet. Ik geef toe dat ik mij niet kan voorstellen wat het betekent om als man vrouw te willen zijn. Maar dat doet er niet toe. Uiteindelijk weten we nooit wat ten diepste in een ander leeft. We hebben soms al zoveel moeite om onszelf te verstaan. Ik hoef daar niets over te denken. Iedereen heeft recht op nastreven van zijn of haar geluk, dat echt op the pursuit of happiness staat zelfs in de onafhankelijksheidverklaring van de VS, zo fundamenteel is het.

Dat streven naar geluk, het mogen zijn wie ze is, is overigens de leiddraad van het boek. Het is wat het is, mentaal als vrouw geboren worden in het lichaam van een man. Niet meer en niet minder.

Van Spilbeeck wil bovenal gelukkig zijn en dat kan niet anders dan wanneer ze zichzelf mag zijn. Voluit.

De vrouw en kinderen van Van Spilbeeck

Het is evident dat zo’n beslissing vooral de naasten treft. Die kunnen er niet omheen. Hun vader wordt een vrouw, haar echtgenoot wordt een vrouw.

Van Spilbeeck schrijft met ontzettend veel respect en begrip voor zijn vrouw en kinderen. Hij beseft héél goed dat zijn beslissing gevolgen heeft voor zijn gezin. Omgekeerd lees je tussen de lijnen door dat de liefde niet stopt, dat ze best wel wat verdragen kan.

Het boek eindigt met brieven van beide kinderen en Marianne, de vrouw van Bo Van Spilbeeck. Uit de drie brieven blijkt liefde, liefde en nog eens liefde.

Over de weg die Bo ging schrijft Marianne

Het was vreemd, het was nieuw. En het was vooral iets wat moeilijk te vatten was en nog steeds is, als je niet middenin zit.

en verder:

Als ik mij goed herinner op wie ik ooit verliefd ben geworden, weet ik nu ook heel goed met wie ik nog steeds samen ben; met iemand voor wie ik bewondering kan tonen, die doorzettingsvermogen heeft en die me soms voor uitdagingen stelt. Iemand met wie ik het goed heb en die vooral voor geluk gaat. En ik wil niets liever dan daarin meegaan.

Praktisch

Bo Van Spilbeeck, Eindelijk vrouw, 286 blz. is uitgegeven bij Horizon (2019). Het is te koop bij o.a. Bol.com voor € 22,99 (paperback) of als e-book voor € 9,99

Gelezen

Gelezen: 100 dagen kanker – Rachel Franse

Rachel Franse 100 dagen kanker

Ieder verhaal is anders en toch herkenbaar

Ik geef toe dat ik het aanvankelijk een uitdaging vond: een boek over kanker lezen. Bladzijde na bladzijde meestappen in de voetsporen van iemand die het verdict ‘kanker’ te horen krijgt en je vervolgens dag na dag meeneemt naar ziekenhuizen en emoties.

Uit ervaring weet ik dat ieder verhaal anders is en o zo persoonlijk. Heeft iemand wel iets aan een gedeeld verhaal ? Laat staan het verhaal van een complete vreemdeling ?

Het boek van Rachel Franse verraste me. Er waren zoveel verschillen: geschreven en ondergaan door een vrouw, een Nederlandse dan nog wel, een ander zorgsysteem, maar bovenal ook gelijkenissen. Kanker laat niemand onberoerd.

100 dagen kanker

Met dit boek weet je meteen waaraan je toe bent. 100 dagen kanker. That’s it. Niet meer en niet minder. Roze koeken met stippen die borsten moeten voorstellen. De koeken waarmee met een kwinkslag werd getrakteerd toen de 100 dagen voorbij waren en overduidelijk is: dit is goed afgelopen. Dit was een kanker van het goede soort. Al moet ik dat corrigeren. Want goede kankers bestaan natuurlijk niet. Ze hebben alleen een verschillend verloop. Het ene al (merkelijk) beter dan het andere.

Hollandse nuchterheid ?

Rachel Franse werkt als freelancer voor televisie. De manier waarop ze over haar kanker vertelt lijkt bijna op een documentaire. Alles behalve saai, maar to the point, eerlijk en gebalanceerd. De volle honderd dagen door laat ze haar ‘gewone’ leven zo goed als niet los.

Ook die twee laatste zware weken, ook wanneer er pas een parkeerplek vrij is op de vierde verdieping van de parkeerflat, ook dan weiger ik met de lift te gaan. Op mijn kankerlaarsjes zoef ik de betonnen trappen af. Ik wil er uitzien alsof ik een geliefde ga bezoeken. Niet als een patiënt. Want ik wil bij de gezonden horen.”

Dat was voor mij uiterst herkenbaar. Het lief nam meer dan ooit de trap in plaats van de lift. Hij zorgde ervoor dat de uiterlijke tekenen (zoals het dragen van de 46-uur chemo) voor de buitenwereld niet zichtbaar waren.

Aan Rachel Franse wordt gezegd dat ze wel bijzonder sterk moet zijn, dat ze op die manier met haar kanker omgaat. Waarop ze denkt:

Maar hoe sterk ben je eigenlijk als je niet gewoon ziek durft te zijn ?

Het hele proces en niets anders

Rachel Franse neemt je dag na dag mee naar de verschillende ziekenhuizen en behandelingen. Het eerste ziekenhuis raadt haar een borstamputatie aan. Het tweede ziekenhuis meent dat een borstsparende operatie de beste optie is.

Dat dat verwarrend is, twee ziekenhuizen op dertig kilometer van elkaar komen tot een verschillend besluit, besluiten die geweldig veel invloed hebben op levenskwaliteit. Daar wordt een mens echt niet vrolijk van.

Uiteindelijk wordt het voor Rachel Franse een borstsparende operatie met nadien radiotherapie Geen chemo.

Franse beschrijft stap voor stap wat er gebeurt, hoe de onderzoeken verlopen, hoe de machines eruit zien en hoe ze op een slechte dag compleet over de rooie gaat in een wachtzaal omdat het lijkt alsof men haar domweg vergeten is. Dingen die je er niet meer bij kan hebben. Of net wel. Zoals die keer toen ze terug naar de parking ging en een briefje vond waarop stond dat het portier van een andere auto haar auto had gescheurd. Het stormde zo hard dat dit gewoon was gaan vliegen. Op therapiedag 13 dan nog wel. En er de humor van inzien. Kanker relativeert.

Kanker als tijdelijk ongemak

Zo omschrijft Franse uiteindelijk haar kanker. 100 dagen. Allesbehalve makkelijk. Maar toch te overzien. Met mooie gevolgen. Met een mooi stel borsten op het einde van de rit. ‘Kanker light’, zegt ze zelf.

Ieder mens is uniek, elke tumor ook

Dat is de eerst zin uit het boek. De titel en deze eerste zin hebben de teneur gezet: verhalend. Het is geen emotieloos boek, maar een boek over een vrouw die stap voor stap, dag na dag verder gaat vol goede moed zonder dat haar leven compleet overhoop wordt gehaald. Misschien kon dat omdat het om 100 dagen ging. Misschien moest dat omdat ze als freelancer weinig anders kon. Misschien, en dat is het meest aannemelijke, is dat omdat ze Rachel Franse is. Daarom niet heldhaftiger dan een ander. Maar gewoon, zoals ze is.

Samenvatting

Ik vond het een mooi boek. Het leest enorm vlot en Franse schuwt de humor niet. Ze kan er om lachen en evengoed om huilen. Voor wie voor eenzelfde traject staat of vriend of geliefde is van iemand die voor zo’n traject staat, is het zeker een aanrader. Al is het maar omdat ze ook de (soms behoorlijk belastende) onderzoeken haarfijn beschrijft.

Ook al heb ik via mijn partner niet hetzelfde traject meegemaakt, er was veel herkenbaar.

Praktisch

Rachel Franse, 100 dagen kanker, 2018, 192 blz. Een uitgave van uitgeverij Q. Te koop bij o.a. Bol.com voor € 16,99

Wandel, word mindful, laat spanning los en krijg meer energie – Radford

Blader even met mij doorheen het boek !

Dit moet ik doen, dat, …

In de Standaard Weekblad werd aan muzikant Aldo Struyf gevraagd wat zijn eerste gedachte was vandaag.

Dit moet ik doen, dat moet ik doen, dit mag ik niet vergeten, die moet ik nog eens bellen, die moet ik antwoorden. Kleine paniekaanval.

Zo erg is het bij mij gelukkig niet, maar het hoofd zit wel dikwijls boordevol dingen. Ik las ooit ergens anders dat je bij deze nooit echt geniet van het moment zelf. Zie maar bij Aldo, alles situeert zich in de toekomst, op uitzondering van de laatste: de kleine paniekaanval die eigenlijk alles te maken heeft met toekomst en niets met mindfulness.

Mindful wandelen

Ik volgde in het verleden best wat over mindfulness en las er ook het één en ander over. Eén van de eerste dingen die ik opmerkte was mijn argwaan tegenover alles wat zweverig is. Ik besef dat dat een eigen interpretatie is en heb meer dan eens gemerkt dat er mensen zijn die daar wel degelijk rust vinden.

Afstand nemen van je gedachten en bekommernissen

Maar hoe krijg ik die eeuwig om aandacht zeurende geest toch rustig ? Hoe kan ik genieten van een zondag in plaats van mij al een hele zondag ongerust te maken over de maandag die komt ? Hoe kan ik het talent om mij zorgen te maken wat dimmen ? Hoe zeg ik tegen mezelf: je mag even afstand nemen van al je gedachten en bekommernissen ? Hoe word ik wat meer mindful ?

Dat lukt mij het beste als ik (lange) afstanden wandel, fiets of loop. Het wandelen geeft het meeste rendement en dat komt wellicht om dat het langste duurt. Ik kan drie uur of langer wandelen, maar zie mezelf nog makkelijk 3 uur aan een stuk te lopen.
geen paniek over deze lange tijd, je hoeft helemaal geen uren te wandelen, een half uur brengt al heel wat rust.

Meestal lukt het mij het eerste kwartier niet. Dan lopen de gedachten nog kris-kras door mijn hoofd. Maar langzamerhand komen ze tot zwijgen. Omdat ik geniet van de geluiden van de natuur, de wind die me in het gezicht waait en de cadans van mijn stappen.

Plots denk ik aan niets meer.

Er is enkel het stappen en de natuur.
Eén en al rust.

Dat is ronduit zalig en mindful !

Het boek

Het boekt gaat over die mindfulness en wandelen en hoe die prachtig hand in hand gaan.

Sholto Radford, Wandel, word mindful, laat spanning los en krijg meer energie, 144 blz. , uitg. De Boekerij, te koop bij o.a. Bol.com voor € 15,00

Gelezen

It doesn’t have to be crazy at work – Jason Fried

What’s App staat lijnrecht tegenover wat ik wil

Onlangs had ik een gesprek (op zondag !) met een collega waarin ik mijn moeilijke verhouding met What’s App besprak. Ik had rond de middag een berichtje gekregen (groeps what’s app -werk); was er verder mee bezig (ik antwoordde) en belandde uiteindelijk bij een collega’ aan de telefoon. Toen zei hij dit:

Het is zondag


“Ja, het is nu zondag. Het is 16.30 uur en je bent al van 12 uur bezig”.

Ik vroeg: hoezo, van 12 uur bezig ?
Welja, het eerste berichtje is van rond 12 uur en nu gaat het er nog over.

Het is zondag“, zei de collega en ik dacht: Ja. Ook voor die collega. Ik bel die zomaar op op zondag. Niet dat dat niet mag. Maar het ging over iets triviaals. Niets dat niet kon wachten tot maandag. Vandaag was het zondag. Dus ja, waarom doen we dat eigenlijk ? What’s app en telefoneren over het werk voor zaken die compleet tijdens de werkuren kunnen gebeuren ?

It doesn’t have to be crazy at work

Ik lees momenteel een boek over hoe gek het op het werk kan zijn en hoe een hele bedrijfscultuur er alles aan doet om het nog gekker te maken. Gelukkig is er ook licht: it doesn’t have te be crazy at work !

Eén van de zaken die er aangehaald wordt, is het belang van ongestoord en met volle focus werken. Dat levert niet alleen het meeste, maar ook het beste resultaat. Dat wordt overigens gesteund door de kennis van de menselijke neurologie.

Evengoed wordt het belang van een frisse geest onderlijnd. Het werk stoppen om 17 uur en weekends om de batterijen op te laden.

Op zoek naar focus

A fractured hour isn’t really an hour—it’s a mess of minutes.

Aldus de auteur de auteur van It doesn’t have to be crazy at work. Ik sta daar helemaal achter en zoek o zo naar focus en ‘flow’ maar die What’s app berichten kunnen soms een volledig uur van concentratie en goed werk om zeep helpen.

Maar je hoeft toch niet te reageren ?

Iedere keer ik begin over de onrust die What’s app (of andere meldingen) mij geven, krijg ik dit als tegenargument. Het klopt helemaal en het helpt mij al een heel stuk verder door meldingen af te zetten. Maar zoals Jason Fried het zo goed zegt is het moeilijk om aan die ‘onmiddellijke vraag’ te weerstaan. Vandaar dat ik dit citaat maar even voor ogen hou:

The person with the question needed something and they got it.

The person with the answer was doing something else and had to stop.

That’s rarely a fair trade.

The problem comes when you make it too easy—and always acceptable—to pose any question as soon as it comes to mind.

Most questions just aren’t that pressing, but the urge to ask the expert immediately is irresistible.

Beste collega, mijn excuses

Taking someone’s time should be a pain in the ass. Taking many people’s time should be so cumbersome that most people won’t even bother to try it unless it’s REALLY IMPORTANT! Meetings should be a last resort, especially big ones.

Door te telefoneren had ik inbreuk gemaakt op de zondag van mijn collega. ‘Het is zondag’ was het eerste wat ik hoorde als reactie. Niet als verzuchting, maar als wijs woord van iemand die meteen ‘to the point’ kwam en mij confronteerde met mijn eigen gedrag.

Ik had net hetzelfde gedaan. Iemands tijd genomen. Iemand uit zijn focus en gedachten gehaald, terwijl het helemaal niet hoefde.

It doesn’t have to be crazy at work. En al helemaal niet op zondag.

It doesn’t have to be crazy at work

Ik leerde al veel uit het boek -dat nog niet eens helemaal uit is, maar ik geef alvast dit mee

Je werk is niet je familie, je product is niet ‘je baby’

Dat een CEO van een bedrijf dit volmondig zegt, vind ik geweldig. Hij ziet de waarde van familie. Voor je familie ga je door het vuur, daar vervagen de grenzen van engagement. Geweldig vindt hij dat. Dit geeft je leven zin en voldoening. Maar je ‘werk’ of je bedrijf is geen familie. Dat is begrensd. Dat is ‘maar’ werk, hoe hoog de kwaliteitseisen ook liggen. Er zijn grenzen en mensen blijven mensen, met nood aan tijd om op adem te komen, te herbronnen, samen te zijn met familie.

Pas op met extra’s

In grote bedrijven wordt dikwijls gegoocheld dat je er alles kan doen in vinden ‘op het werk’. Bedrijven met een fitness, een restaurant, kinderopvang etc.
Jason Fried waarschuwt hiervoor. In zekere zin nemen deze bedrijven je leven over, want daartegenover staat dikwijls dat je langer beschikbaar moet zijn of dat de grenzen tussen je persoonlijke leven en werk heel kwetsbaar worden.

De nood aan een sfeer van vertrouwen: de trustbattery

Slechte communicatie, veel werkstress, het gebrek aan rust om met volle focus je werk te doen, kan leiden tot een lege batterij. Leeg voor het volledige bedrijf:

Ever been in a relationship where you’re endlessly annoyed by every little thing the other person does? In isolation, the irritating things aren’t objectively annoying. But in those cases it’s never really about the little things. There’s something else going on. The same thing can happen at work. Someone says something, or acts in a certain way, and someone else blows up about it. From afar it looks like an overreaction. You can’t figure out what the big deal is. There’s something else going on. The trust battery is dead.

A low trust battery is at the core of many personal disputes at work. It powers stressful encounters and anxious moments. When the battery is drained, everything is wrong, everything is judged harshly. A 10 percent charge equals a 90 percent chance an interaction will go south.

Put je mensen uit en je krijgt dit. Tot mijn spijt herkenbaar.

De grootste les : rust en kalmte

‘Calm’ is een woord dat voortdurend terugkomt in ‘It doesn’t need to be crazy at work’. De grondlijn is deze: zorg dat mensen in een zo groot mogelijke rust met volle focus hun werk kunnen doen. Bezorg ze geen nodeloze stress door nodeloze vergaderingen of onmogelijke deadlines. Om 17 uur laptop dicht betekent: niet meer aan het werk. Punt. Ook thuis niet meer. Idem dito voor het weekend en vakanties.

Als je werkt, werk met volle focus, al je energie de best mogelijke inspanning.
Als je niet werkt, doe dan eender wat (hobby, gezin, vakantie) met volle focus.

Ik denk dat dat zoiets is als mindfullness op het werk. Van CEO tot de jongste werknemer.

Geweldig schoon vind ik dat.

Praktisch

Jason Fried, It doesn’t need to be crazy at work, 240 blz., uitgegeven door Harper Collins.
Te koop bij o.a. Bol.com voor € 12,99.