Tagarchief: familie

verhuizen naar Spanje

Leven als God in Spanje

Mijn broer en zijn vrouw verhuisden in april 2019 definitief naar Spanje. Een aantal jaren geleden hadden ze er een huis gekocht en het stap voor stap opgeknapt tot een juweeltje. Ik had mijn bedenkingen, zou je daar echt gelukkig kunnen zijn?
Hij nodigde me uit om het zelf aan de lijve te ervaren.

Het voorbije weekend wandelde ik nog door een Spaans dorpje. Januari en een strak blauwe hemel boven mijn kop, 18 graden en zacht wuivende palmbomen. Het klinkt idylisch maar het is de werkelijkheid waarin mijn broer en schoonzus al een half jaar in leven.

Iedere dag sta ik op en zie hoe het licht in ons huis binnenstroomt, hoe het speelt op de flanken van de bergen.

Mijn broer ‘s ochtens voor het ontbijt.

Mijn broer is allesbehalve poëtisch. Het lijkt wel of het leven in Spanje hem veranderd heeft en na een kort logeerpartijtje snap ik hem helemaal. Wonen tussen de bergen en de zee in een land waar het tempo stukken lager ligt, dat doet iets met een mens. Op tien minuten staat hij aan het strand, evenlang om aan de voet van bergen te staan. Zijn huis is omringd door citroenvelden. Veel landelijker kan het niet. Het centrum van het dorp is anderhalve kilometer ver en is voorzien van gezellige terrasjes, pleintjes en maar liefst 3 supermarkten. Hij leeft als God in Frankrijk. Zij het iets zuidelijker. In Spanje dus.

Verhuizen naar Spanje

Een aantal jaren geleden begon Dirk over het plan. Dat hij een huis wou kopen in Spanje. Toen we er nog eens over hoorden was de akte al getekend. Het was een huis in goede conditie, een villa in Spaanse stijl, omringd met terrassen en een dakterras. Grond rondop en, a-typisch voor Spanje, zelfs een aparte garage. Tenslotte ontbrak het zwembad ook niet.

Alleen…. het huis was lange tijd niet bewoond geweest. Het onkruid groeide welig. Mijn broer – het Spaans niet machtig – ging aan de slag. Van een woestenij maakte hij een klein paradijs. Liters verf. Hij legde als één van de eersten zonnepanelen, dat was voor particulieren lange tijd niet moeilijk wegens allerlei reglementeringen. Hij liet palmbomen zetten. Ik zeg hem dikwijls dat hij iedere vierkante centimiter van hun huis en grond heeft omgedraaid en (af-)gekeurd om vervolgens in alles de perfectie te eisen, perfectie waar hij overigens zelf maanden en jaren aan werkte. Op en neer België-Spanje en weer terug. Het paradijs valt je niet in de schoot.

Verhuizen wij straks ook naar Spanje?

In alle eerlijkheid had ik nooit gedacht dat mijn broer en zijn vrouw daar zo gelukkig zouden zijn. Laat staan dat ik dacht dat zo’n huis in orde krijgen (en alle papieren erbij) zo ‘makkelijk’ zou zijn.

Just do it, zegt mijn broer.
Ik denk: zo gaat dat wel niet, maar als ik hem zie, lijkt het een fluitje van een cent.

Het lief wil best ook wel naar Spanje verhuizen eens ons pensioen (geen idee wanneer!) er is. Iedere winter is hij de koude en de duisternis beu. Spanje is relaxter, mensen leven meer buiten, het mag allemaal wel wat trager, zeker buiten de grootsteden.

Ik val evengoed voor dat mooie klimaat, maar 10 minuten van de zee, ja, dàt is wel heel aantrekkelijk. En tenslotte, een half uurtje tot aan de luchthaven.

Het beste van 2 werelden: logeren!

Deze korte vakantie bij mijn broer heeft me veel deugd gedaan. Het doet altijd iets als je ziet dat je geliefden gelukkig zijn. Terwijl het in het thuisland donker was en regende, zag ik tegen een strak blauwe hemel bomen vol sinaasappelen en de citroenen hingen evengoed in overvloed. Het zwembad daagde mij iedere dag uit. ‘Je mag het natuurlijk wagen, maar ik raad het je niet aan’, zei mijn broer. Te koud nog. Maar het lonkte en het was klaar.

verhuizen naar Spanje
in het dorp

Levenslessen

Mijn broer leert me dat je gewoon je dromen moet volgen en er niet al te veel moet over nadenken. Gewoon doen en dan los je de obstakels wel op. Niet, zoals ik zelf ben, eerst alle mogelijke problemen zien en vervolgens zo moedeloos worden van wat allemaal kàn misgaan, dat er van de droom niets in huis komt.

Ik leerde van mijn broer dat de lat hoog mag liggen, maar dat je sowieso ook moet aanpassen. Zo verlegde hij meermaals de datum van zijn verhuizen naar Spanje. Tussen aankoop en complete afwerking zaten zo’n 3tal jaren van op en neer gaan. Dat moet best vermoeiend geweest zijn.

Het noodlot

Hij verhuisde definitief naar Spanje in april 2019 waar hij en zijn vrouw eindelijk konden genieten van een afgewerkte Spaanse villa. In september 2019 sloeg het noodlot toe. In de streek was er noodweer en de regen was zo hevig dat de dam het dreigde te begeven. De dam werd opengezet en hele dorpen stonden onder water. Mensen moesten worden gered met helicopters. Vier dagen lang was het huis van mijn broer afgesloten van de rest van de wereld. Hun auto’s waren volgelopen.

Gelukkig was het huis van mijn broer, zoals overigens vele typische Spaanse villa’s, op een verhoging gebouwd. De terrassen eromheen zijn ook verhoogd, je bereikt het huis via trappen. Hetzelfde geldt voor het zwembad. Spanjaarde bouwen hun zwembaden verhoogd en niet gelijk met de grond. Het zou iets te maken hebben met de nabijheid van de zee. Hoe dan ook, dag na dag keek mijn broer angstvallig toe of het water uiteindelijk het huis zou binnenstromen of niet.

Het scheelde niet veel, maar het huis werd gespaard. De grond rondom, de lage terrassen, waren herschapen tot één moeras.

Herbeginnen

Inmiddels is niets meer te zien van de felle overstroming. Containers modder en stenen werden weggebracht, terrassen heraangelegd, nieuwe tegels gelegd, kortom… een huzarenwerk. Ik denk dat dit de beste strategie is om tegenslag te verwerken: de handen in de mouwen steken en er weer volop voor gaan.

Makkelijk gezegd, denk ik weer, maar wellicht heeft mijn broer daar allemaal niet veel over nagedacht. Just do it, zal hij gedacht hebben.

Snapshot diary

Snapshot diary week 53/2018 Feest en familie

Samengevat: Dit is de week en tijd van tradities. Genieten van familie rond de tafel. Maar evenzeer: de traditionele wandeling van het lief en ik op Kerstdag, puzzelen tijdens de vakantie en een overload aan gezelligheid.

Tijd tekort en eten teveel

Traditioneel zie ik op tegen deze weken vol feesten en de vele sociale contacten. Maar al even traditioneel ben ik naderhand blij dat ik weer zoveel mensen heb gezien voor wie het hart snel warm is. Het is fijn om – zeker met familie – eens langere tijd rond tafel te zitten. Zeker met de kinderen (en eentje dat een half jaar in Praag woont), anderzijds is er ook altijd tijd te kort. En eten teveel. Ook dat.

Lang leve de tradities

Gezelschapsspelen met de kinderen

Ik heb er dit jaar spijtig genoeg geef foto’s van, maar net als vorige jaren, toen oma en opa reeds naar huis waren, werden de gezelschapsspelen bovengehaald en werd er weer flink onderhandeld. Wij kozen dit jaar voor een spel waarin je elkaar ook behoorlijk kon beduvelen, … wat meteen voor veel (fijne !) spanning zorgde, al kan ik mij best voorstellen dat het in sommig gezelschap wel tot hevige ruzies kan leiden.

Wandelen op kerstdag

Ondertussen zijn er hier een aantal tradities in ons leven geslopen waar ik best dankbaar voor ben. Zo gaan het lief en ik traditioneel wandelen op Kerstdag. We nemen deel aan een georganiseerde wandeling (geen groepswandeling), netjes uitgepijld en met rustposten. Tijdens gewone weekends zijn dergelijke wandelingen er voor het rapen, op Kerstdag reizen we traditioneel naar Kaulille, het enige dorp (tegen de Nederlandse grens) dat een wandeling organiseert. De zon deed haar best en het lief nog meer, want 5 km wandelen blijft een behoorlijke opgave voor hem. We vergingen ongeveer van de honger toen we terug op de startplaats arriveerden, maar werden er wel getrakteerd op een (blijkbaar) Limburgse specialiteit: boekweitpannenkoeken met gezouten spek, boterhammen en siroop. Ik geef toe dat geen goed oog had in deze combinatie, maar dit streekgerecht smaakte ons geweldig ! Of kwam het toch door die grote honger ?

Tweede Kerstdag: de West-Vlamingen

De derde dag is de afsluitdag van de de Kerstdriedaagse, dan komt de familie uit West-Vlaanderen, mét de nichtjes en kinderen. Een hele verhuis voor hen, voor ons best wel een grote maar ook warme ontvangst. Het is vooral fijn om de jongsten terug te zien. Het lotje trekken en pakjes openen hoort mee tot de traditie. Ook hier is het vooral genieten van de jongsten.

Het feesten is gedaan

Na de kerstfeesten zijn er natuurlijk de eindejaarsfeesten maar het lief en ik kwamen enkele jaren tot dit compromis. Hij houdt van feestjes en catering. Hoe meer feesten (en eetfestijnen) hoe beter. Ik trek het liefst het bos of de weide natuur in of zet met het liefste met een boek ergens in een rustig hoekje. Er is zelfs zelden muziek. Het compromis is : eerste week feestjes, tweede week in het teken van rust en natuur. Boeken lezen, schrijven, wandelen, … dit wordt mijn week.

Snapshot diary

Snapshot diary week #40/2018 Back to my roots

 

Samengevat: lopen als remedie tegen alles, op naar oncologie, feest in West-Vlaanderen en reizen met de trein als alternatief tegen de file. Dankbaar voor alles. Toch wel. Ondanks Gasthuisberg. 

Maandag vakantiedag !

Nu ja, niet altijd, maar wel traditioneel de eerste maandag van oktober. Ik werk op maandag, dus voor mij was het echt wel een vakantiedag. Omdat ik de voorbije week meer ziek was dan wat anders, genoot ik er met volle teugen van. Van een lange loop – dat blijft de beste ‘reset’ knop als alles fout loopt, of dat nu mentaal of fysiek is.
Ik hernam ook weer een ‘oude’ hobby van mij: video-editing. Het is een waar plezier, al weet ik niet zo goed wat met de filmpjes te doen. Het wandelboek van Lannoo was een leuk onderwerp hiervoor !

En dan weer Gasthuisberg – de ellende van Gasthuisberg

Iedere keer denk ik dat het beter zal gaan, maar dat is niet zo. Het kan altijd erger. Deze keer geen kamer (ook al waren we er van 8.30 u tot 15:00 u) maar in een overbevolkte zaal. Dat ze plaats te weinig hebben, dat zeggen de verpleegsters zelf. Je kan het een beetje op de onderste foto zien, (de benen en de voeten), dat zijn dus allemaal mensen die ‘aan de chemo zijn’. Iedereen wordt gewogen in dat kamertje en vervolgens komt de dokter langs die vragen stelt. En de verpleegsters. Hoe goed de ontlasting ging en zo. Voor de hele zaal. Tot onze grote verrassing kwam er voor het eerst een psychologe langs, maar die zei onmiddellijk: ‘tja, praten in deze omgeving, dat is ook niet echt evident’. Kom aan, wat denken ze ?
Noemde ik het vroeger een fabriek, nu weet ik het zeker dat het er eentje is. Ik zei al tegen de echtgenoot: als ik ooit kanker heb, of een andere ziekte, dan wil ik écht niet naar Gasthuisberg.

In de gang liggen kleine enquêteformulieren, met de vraag wat beter zou kunnen in het ziekenhuis. Dat moeten ze toch zelf zien, een zaal vol kankerpatiënten stoppen, die niet eens een tafeltje hebben om de plateau op te zetten als de verpleegster met de broodmaaltijd komt (die velen weigeren, want ja, hoe gaat dat in zijn werk ?), waar geen privacy meer is, daar hoeven ze toch geen enquête voor te doen ? Nee toch ?

Back to my roots

Deze week was er ook eentje van feest in West-Vlaanderen. Feest met de familie, een zalig weerzien van generaties, vooral de jonge generatie, ik genoot er met volle teugen van. Het lief kon niet mee (aan de chemo) en aanvankelijk zou ik niet gaan, maar gelukkig maande hij mij aan om toch te gaan. Het viel mee goed mee, ik was er onder bekenden, maar toen het feest echt losbarstte en er gedanst werd, brak mijn hart toch een beetje. Het lief was hier zo graag bij geweest. Hij danst o zo graag en dit was helemaal zijn muziek.

Op naar volgende week

Ik zie uit naar volgende week. Maar liefst 25 graden wordt voorspeld. Dat is zo’n geschenk dat ik er echt wel iets wil mee doen ! Ik ben absoluut geen wintermens, dus ieder straaltje zon wordt hier met ontzettend veel dankbaarheid ontvangen.

Dankjewel zon !

1000 vragen

10 000 vragen #85 Hoe geduldig ben je ?

geduld heb ik niet

Heel erg geduldig. Totaal niet.

Ik dacht te schrijven ‘dat valt wel mee’. Ik kan best wel geduldig zijn. Maar toen ik dacht wat het lief zou antwoorden, wat hij er van zou vinden, wist ik zo dat hij ‘helemaal niet’ zou zeggen. Of soms wel. Maar eerder niet dus.

Moedeloos word ik er van, geen geduld dus

Er zijn momenten dat ik meer geduld heb dan een gemiddelde Vlaming. Dat denk ik althans. Zo maak ik mij nooit druk over lange rijen aan een kassa. Files vind ik allesbehalve leuk, maar ik maak er mij niet druk in. Ongeveer iedere werkdag zijn er wel een paar waaghalzen die mij op weg naar het werk voorbij steken, ik hou mij dan netjes aan de voorgeschreven 70 km per uur. Ik veronderstel dat zij er het geduld niet voor hebben.

Evengoed scoor ik gigantisch laag  wat geduld betreft. Vergaderingen die niet vooruitgaan. Ik word er moedeloos van en hoop soms op een kortsluiting zodat de vergadering wel moet eindigen. Besluitloosheid. O ! M ! G ! Dan heb ik zin om op tafel te staan en met luidspreker te roepen ‘Besluit ! Eender wat ! Maar Maak Er Een Gedacht Van !’.  Ik heb meer moeite met besluitloosheid dan wel een besluit waar ik niet achter sta. Kan tellen wat mijn ongeduld betreft. Het adagio dat het vooruit moet gaan is hier een dogma.

Toonbeeld van geduld

Dat zal wel overdreven zijn, maar soms hou ik het gigantisch lang uit. Daar waar anderen ongeveer door het dak zouden gaan. Zo ga ik graag om met oude mensen – wiens tempo laag ligt. Of met de opa, zwaar dementerend, waarbij je onmogelijk kan rekenen op je eigen planning. Weg met ‘dat het vooruit moet gaan’, maar blijkbaar boort deze man een geduld in mij aan dat anders zelden tevoorschijn komt. Misschien omdat ik zo goed besef dat daar geen forceren aan is, het is wat het is.

Ik zou best wat meer geduld willen hebben

In dit alles vrees ik dat ik weinig geduld heb met mezelf. Het moet vooruit gaan en er moet gepresteerd worden. Ik wéét dat dat onhoudbaar als het altijd moet, dat het gewoonweg om problemen vraagt. Maar de drive is groot. Of het ongeduld. Of dit.

Ook voor mijn medemens zou ik bij tijden best wat warmer zijn als ik meer geduld had. Dan mag ik me in het verkeer wel netjes aan de snelheidslimiet houden, in het gewone leven raas ik voorbij en kan ik behoorlijk ongeduldig zijn tegenover hen die zachtjesaan verder tukken op een weg die ‘We Zien Wel’ heet. Ik raas liever op de weg van Actie. Niks van, ‘we zien wel’, maar ‘we doen !’.

Met dat geduld zit het voorlopig nog niet echt goed. Bij jullie ?

 

“1000 vragen aan mezelf”  gaat terug op een boekje dat een tijd geleden bij Flow zat. Het is een klein boekje en er is geen plaats voorzien om te antwoorden, daarom dacht ik : waarom niet op de blog ? Voor het pure plezier van het schrijven ? Het verzamelen van herinneringen, wat volgens Gretchen Rubin, bijdraagt tot geluk ? Vandaar een nieuwe rubriek : 1000 vragen over mezelf.
Niets weerhoudt je om mee te doen !