Gelezen: De 22 levenslessen die vogels ons leren

In De 22 levenslessen die vogels ons leren krijg je een inkijk in het privéleven van vogels. Hoe gedragen ze zich als koppel? Ligt trouw-zijn in hun natuur, of net niet? Hoe maken ze elkaar het hof? Zijn het goede opvoeders of juist plantrekkers? Kunnen ze ons door hun gedrag iets leren? Je zal tijdens je wandelingen echt niet meer op dezelfde manier naar vogels kijken!

Het privéleven van vogels

Wie wandelt kan niet buiten vogels om. Het moet al flink regenen (ook vogels schuilen) of behoorlijk donker zijn voor je géén vogels hoort. Passeer je een behoorlijke waterpartij, dan kan je genieten van het dagelijkse leven van tal van watervogels. Ze voelen zich veilig omringd door al dat water, al vlucht een eend wel eens voor al te passievolle woerden.

Dat de ene vogel de andere niet is, dat merk je snel. Verschillen in kleur en grootte en zang. Maar hoe het zit met hun privéleven, dat is een andere kwestie. Dat vraagt nauwgezette aandacht. Hoe ze broeden en omgaan met hun kroost bijvoorbeeld. Hoe mannetjes zich verhouden ten aanzien van vrouwtjes. Wie zwaait de plak?
Dat kom je allemaal te weten in De 22 levenslessen die vogels ons leren’. Een boekje over ‘Moed, reisplezier, liefhebben, kwetsbaarheid’.

2 vogelspotters gebiologeerd door het gedrag van vogels

Kijk, om een beetje een vogelkenner te zijn moet je een voyeur zijn. Ergens tussen de struiken, het liefst gecamoufleerd én met een behoorlijke verrekijker. Tel daarbij véél geduld en veel wachten. Ik verdenk er de 2 auteurs – Philippe Dubois en Elise Rousseau – ervan aan dit beeld te voldoen. Hoe zou je anders zoveel te weten komen?

Een boek vol fijne verhalen over het gedrag van vogels

Dit boek pretendeert niet een wetenschappelijk werk te zijn, het is een verzameling verhalen over het gedrag van vogels zoals een geduldige vogelspotter dat kan zien. Volgens de auteurs hebben vogels ons flink wat te leren.

Wat kunnen vogels ons in de 21ste eeuw nog leren? Aan de hand van korte ornithologische bespiegelingen zullen we zien dat deze levendige dieren in feite kleine leermeesters zijn: ze zetten ons aan om over onszelf na te denken, als we tenminste de moeite nemen om ze te observeren!

Hebben we die tijd of mogelijkheid niet om ze te observeren, dan kunnen we altijd terecht bij dit boek.

De 22 levenslessen die vogels ons leren

De auteurs zien hoe vogels het doen en verbinden dit vervolgens met filosofische beschouwingen over de mens. Geen zware overpeinzingen, maar verhalen die je inderdaad aan het denken zetten. Zo verbinden ze – als voorbeeld – de rui van vogels (verliezen van oude veren) met het aanvaarden van kwetsbaarheid als mens.

“Je moet durven iets in jezelf dood te laten gaan om te kunnen vernieuwen. Dat is wat vogels doen wanneer ze hun versleten veren vervangen voor glanzende nieuwe. Voor vogels is dat van levensbelang: hun verenkleed moet perfect in orde zijn, anders kunnen ze niet vliegen.”

Vervolgens vertellen de auteurs hoe vogels in periodes van rui kwetsbaar zijn en zich op de achtergrond houden. Misschien moeten mensen dat ook nu en dan eens doen: het oude afleggen om aan iets nieuws te beginnen, met tussendoor een tijd van bezinning en terugtrekken.

Het boek is een aaneenschakeling van dergelijke verhalen.

Van eeuwige trouw tot ronduit barbaars

Met deze titel doe ik hetzelfde als de auteurs, ik ‘vermenselijk’ de vogels, wat natuurlijk onterecht is. Maar het zet aan tot denken, net wat de auteurs wilden.
Soms vond ik de mijmeringen er een beetje over, maar de vele beschrijvingen van het gedrag van vogels maakten alles goed.

Zo zijn er bij de waadvogels best wat vrouwelijke exemplaren die de plak zwaaien over hun mannelijke tegenhanger. Er zijn vogels waarbij ‘man en vrouw’ mooi samenwerken en elk hun deel van het broeden voor zich nemen, met elk een eigen nest. Koekoeks trekken zich dan weer niets aan van hun kroost en laten andere vogelsoorten de eieren uitbroeden. Flamingo’s houden van het communegevoel en voeden hun jongen in kolonies op.

Barbaars vond ik dan weer de heggenmus. Voor de paring pikt het mannetje flink in de cloaca, het vrouwelijke geslachtsorgaan. Pijnlijk, ja, en met geen andere reden dan het opzettelijk veroorzaken van samentrekkingen zodat het zaad van de vorige partner wordt uitgescheiden.

Lijsters zijn dan weer de flierefluiters van de bende, ze doen zich tegoed aan rijpe bessen. Veel van die gegiste vruchten leidt tot regelrechte dronkenschap: ze vliegen zigzaggend door de lucht.

Zo staat het boek vol met tal van observaties. Heerlijk lezen vond ik het!

Samengevat

De 22 levenslessen die vogels ons leren

De 22 levenslessen die vogels ons leren is een fijn boek dat je een inkijk geeft in het leven van vogels. Het boek leest vlot en zorgt nu en dan voor een glimlach op je gezicht. Soms vond ik het antropomorfisme iets ver gaan, ik had liever méér verhalen gezien en minder gefilosofeer. Het boek wakkert mijn interesse naar vogels best wel aan. Tijdens het wandelen zal ik wellicht net iets langer blijven staan en net iets vlugger mijn verrekijker nemen. Want het leven van vogels is allesbehalve banaal!

Een prima cadeau voor elke natuurliefhebber en wandelaar!

Praktisch

Philippe J. Dubois & Elise Rousseau, De 22 levenslessen die vogels ons leren, telt 176 bladzijen en is uitgegeven door Kosmos. Het is te koop bij Bol.com voor € 15 (paperback) en € 7,99 als e-book.

Wat is goede regenkledij ?

Goede regenkledij want: 
There is no such thing as bad weather, only inappropriate clothing.

Goede regenkledij : begin met je schoenen

Ik kan mij voorstellen dat veel mensen regen als een behoorlijk obstakel zien, toch hoeft dat niet zo te zijn. Het weer houdt me zelden tegen om te wandelen, het klopt immers wat Ranulf Fiennes hierboven schrijft: alles staat en valt met goede regenkledij, en vergeet daarbij vooral niet dat je schoenen waterdicht moeten zijn. Zijn ze dat niet, dan is het risico op blaren écht groot en dat wil je – bovenop de regen – écht niet.
Ik draag al jarenlang deze (goedkope) schoenen. Ze zitten goed en als ze versleten zijn koop ik gewoon opnieuw dezelfde.

Goede regenkledij, het recept

Ik draag al jaren dezelfde regenkledij. Dat kan alleen maar betekenen dat het doet wat het moet doen (mij comfortabel droog houden zonder mij te pletter te zweten) én dat het kwalitatief goed is. Zij het zomer of winter, het recept is altijd hetzelfde.
Heb je stukken van dit artikel al gelezen op DeWereldvanKaat? Dat kan, want uiteindelijk draag ik al jaren hetzelfde!

Het dillema: zweten en droog of niet zweten en nat ?

Wie wandelt krijgt het warm. Maar dat wil niet zeggen dat je zin hebt om doorweekt te worden omdat je geen jas wil dragen. Kies je echter een klassieke regenjas, dan zweet je je te pletter. Het maakt dan eigenlijk niet veel meer uit dat je kleren misschien niet nat worden, ondertussen loopt het zweet van je lijf. Als ik echt moét kiezen, dan ben ik liever gewoon nat. Daarom draag ik ook dikwijls gewoon een regenhoed. Ik moet dan wel zeker zijn dat ik nergens meer binnen hoef. Want met een regenspoor achter mij ben zelfs ik gegeneerd in een café.

Voor (korte) buien : de poncho

In de zomer heb ik bijna altijd een poncho bij. De regenbuien zijn meestal van korte duur en zo’n poncho heb je zo over je kleren én rugzak. Bovendien is het meestal te warm om continu met een regenjas te wandelen. Tijdens de Vierdaagse van de IJzer gebruikte ik ‘m behoorlijk veel. Toen was het werkelijk een kat- en muisspel van regen en zon.
Voordelen aan zo’n poncho: je trekt ‘m heel snel aan en uit omdat hij over je rugzak gaat. Je blijft een behoorlijke bewegingsvrijheid hebben. Hij is licht.
Nadelen: in een klassieke regenponcho zweet je je snel te pletter. Daarom gebruik ik gebruik al lange tijd deze poncho van Decathon. Er zijn goedkopere versies en je zal me zeker niet horen zeggen dat die ook niet de job klaren, maar er is wel een reden voor het prijsverschil. Lees maar hieronder !

Hoe regendicht is mijn jas/poncho ? Voert hij voldoende zweet af ?

Ga je voor eender welke regenkledij, kijk dan naar het cijfer dat de regenbestendigheid aangeeft. Deze poncho heeft een regenbestendigheid van 2000mm.
Dat cijfer verwijst naar de waterdichtheid. 2000 mm is prima zo lang je geen uren aan een stuk door de regen wandelt. Bij deze poncho staat ook ‘RET II’ . Dat verwijst dan weer naar de mate waarin de stof zweet afvoert. RET staat voor Resistance Evaporative Transfert.  Hoe lager het cijfer, hoe meer ademend vermogen. Die poncho van mij schoort dus behoorlijk goed.

Een RET score

  • tussen 0 en 6  staat voor uitstekend
  • tussen 6 en 13 is goed
  • hoger dan 13 : gemiddeld

Prijsverschil in regenmateriaal heeft meestal te maken met deze twee cijfers. Je krijgt waarvoor je betaalt.

De allround regenjas

Ideaal zou natuurlijk zijn als je een regenjas had waarop je blindelings kon vertrouwen. Een jas die heel wat regen aankan maar waarin je ook niet zweet. Als zo’n jas ook nog eens praktisch is én mooi, dan zit je helemaal goed.

Mijn jas krijgt goede punten !

Ik heb mijn hart verloren aan de Forclaz 500. De cijfertjes bewijzen het dat het een goede jas is, want hij heeft een regenbestendigheid van maar liefst 20 000 mm tot 25 000 m, dat is dus een veel hogere score dan mijn poncho. Het mag al wat meer zijn dan een regenbuitje. Al heb ik dat natuurlijk liever niet !
Wat ademend vermogen betreft heeft hij een score <9.
Opgelet: regenbestendigheid en ademend vermogen verminderen na het aantal keren wassen. Je kan dit wel verhelpen door de jas te behandelen. 

Praktisch

Er zijn maar liefst 4 zakken vooraan en allemaal met ritsen. Ik ben nogal van het freakerige type wat ritsen betreft. De GSM wil ik graag (vooral als fototoestel) binnen handbereik, maar ik wil ‘m ook niet verliezen als ik ergens een steile helling opklim of door een bos stap. In de voorste zakken steek ik soms gewoon mijn zakdoek of een plannetje. Binnen handbereik en het wordt niet nat.
Binnenin zitten er ook nog heel wat zakken. Er is er zelfs eentje voorzien voor je GSM/Ipod met een gaatje voor het kabeltje van je oortjes. Tijdens het echte wandelen gebruik ik dat niet, maar soms wil ik s’ avonds nog een wandeling door ons dorp ter ontspanning en dan is dat prima.
Iedereen die wandelt en een rugzak draagt (en zelfs zonder rugzak) weet dat het onder je armen snel druk en zweterig wordt. Gelukkig heeft deze jas verluchtingsritsen. Ik voel mij altijd een beetje belachelijk als ik die ‘open’ zet, maar geen kat die dat merkt. Tenzij je natuurlijk met je armen omhoog in de lucht gaat wandelen. Het vermijdt wel een pak vieze geurtjes !

De jas is licht en dat is wel noodzakelijk als je lange tochten maakt, het maakt veel uit voor je bewegingsvrijheid, zeker met een rugzak erbij. Mocht de zon haar toch van haar beste kant tonen, dan steek ik ‘m gewoon in mijn rugzak.

Een rugzak die tegen een flinke bui kan

Een goede rugzak maakt je tocht geweldig. Niet alleen omdat je er geen last van hebt (uiteraard het belangrijkste!) maar ook omdat je niet bij iedere gram aan ‘nog meer ongemak’ moet denken’. 

Dit zijn de voorwaarden waaraan een dagtrekrugzak voor mij moet voldoen.  

  1. De evidentie zelf: hij moet goed zitten
    Het beste pas je de rugzak mét gewicht. In Decathlon hebben ze zo’n zakken met dood gewicht om dat te testen. Ik loop daar echt mee rond, zelfs niet een paar minuutjes. Met borstriem en al ! 
    Soms vrees ik dat ik een Michelinventje word omdat ik zowel de heupriem als de borstriem aanspan, maar het is echt een verschil als ik die bovenste riem niet heb.
  2. Er zit een verluchtingscompartiment in
    Je moet het ervaren voor je het gelooft, maar in principe is het simpel. Ik wil geen rugzak die tegen mijn rug hangt.  Als ik een andere gebruik die geen verluchtingscompartiment heeft, dan gaat ik snel zweten door de constante wrijving op mijn rug. Bovendien is er dan geen ventilatie mogelijk. Klassieke rugzakken zitten als het ware aan je rug geplakt.
  3. Er zitten zijzakjes in waarin je een fles kwijt kan
    Ik heb geen zin om iedere keer mijn rugzak af te zetten om een fles te zoeken. Klinkt geweldig lui voor iemand die op wandel is, maar ik wil mijn cadans van het wandelen niet breken. Ik ben ondertussen zo handig geworden dat ik de fles er in en uit krijg zonder te stoppen of de rugzak uit te doen !
  4. Er zit een ingewerkte regenhoes bij
    Vroeger had ik een rugzak waar de regenhoes ingewerkt was. Eerlijk? Dat is toch het beste, want ik durf wel eens vergeten om zo’n hoes mee te nemen. Je zal zien, net dan gaat het flink regenen. Tegenwoordig lijken minder rugzakken een ingebouwde regenhoes te hebben. Gelukkig is zo’n hoesje compact, ik hang die er tegenwoordig standaard aan met een musketonhaak.  Eerlijk gezegd toch liever de ingewerkte regenhoes. 
  5. Het lief wil soms mijn rugzak dragen
    Oké, dat heeft niets te maken met de rugzak. Maar het levert toch een mooi plaatje op.

Dit is nog een foto van mijn vorige, oude rugzak. Gelukkig doet het lief hetzelfde met de nieuwe rugzak! 

Ik heb heimwee naar mijn oude rugzak (versleten!) maar deze nieuwe voldoet aan de voorwaarden zoals hierboven omschreven.  Bovendien heeft hij zo’n riempjes waardoor je je regenjas makkelijk kwijt kan.  Nog een voordeel : er zit een zijrits in, waardoor je zo makkelijk ook aan spullen kan die helemaal onderaan zitten. Tenslotte kan ik het verschuifbaar GSM-zakje aan de heupriem echt wel waarderen, want dat weet ik nooit goed kwijt, zeker in  meer zomerse tijden waar je géén regenjas met zakken aanhebt. 
Dus ja, misschien hou ik ooit evenzeer van deze rugzak als mijn ‘oude paarse’ !

Mijn liefde om erop uit te trekken is groot

Regen is voor mij echt geen bezwaar (meer) om te gaan wandelen, zelfs niet een dag lang. Ik geef toe dat ik daarin veranderd ben. Een paar jaar geleden zou de regen een reden geweest zijn om niet te wandelen. Maar ondertussen weet ik drie dingen :

  1. Mijn liefde om erop uit te trekken is groter dan mijn bezwaar tegen regen
  2. Het regent zelden een hele dag aan een stuk
  3. Je kan je prima beschermen tegen de regen.

Moraal van het verhaal? Laat regen je niet weerhouden om te genieten van een flinke dosis natuur en rust ! 

Beemdenwandeling Betekom – 10 km – wandelknooppunten

Beemdenwandeling: aangenaam verrast

Hoewel ik meestal met mijn GPS op wandel ga, laat ik mij ook graag eens verrassen door een reeds uitgestippelde wandeling. Sedert een tijdje kan je op wandelknooppunt.be voor complete routes kiezen, met beschrijving en al.
Omdat ik de streek vrij goed ken, lagen mijn verwachtingen niet zo hoog. Ik dacht voornamelijk langs de (overigens prachtige) Demer te wandelen, maar de wandeling had heel wat meer in petto.

Beemdenwandeling
Beemdenwandeling Betekom
Beemdenwandeling Betekom
Beemdenwandeling Betekom
Beemdenwandeling Betekom
langs de Demer

Praktisch

Ik parkeerde mijn auto op de parking aan de kerk van Betekom. Dat is tussen knooppunt 710 en 711. Parkeren in de buurt van knooppunt 710 is af te raden. De wandelroute paseert er, dus je bent onmiddelijk goed. Je kan er ook nog gauw even de bakker binnenspringen of zelfs de supermarkt. Groot is Betekom niet, maar je bent ook weer niet in de middle of nowhere.
Eenmaal op pad passeer je geen winkels of horeca meer.

Wandelknooppunten Beemdenwandeling

Wil je graag een GPX of meer informatie over de Beemdenwandeling, dan kan je dat vinden op de website van wandelknooppunten of via de website van de Provincie Vlaams-Brabant.

Toch graag een papieren kaartje in de hand ? Een PDF-kaartje kan je hier vinden en afdrukken.
Best ook een leuke wandeling om eens deze gratis wandelGPS op je telefoon uit te proberen. Mocht je er nog niet 100% mee weg zijn, je kan hier toch niet verloren lopen!

  • afstand : 10 km
  • vertrekpunt en parking: kerk van Betekom, tussen knooppunt 710 en 711, Gelroodsesteenweg 11 in Betekom.
  • provincie Vlaams-Brabant
  • via wandelknooppunten (gebied Hagelandse Heuvels)
  • horeca bij start/aankomst
  • moeilijkheidsgraad: vlak terrein
  • ondergrond: voornamelijk onverhard of sintels
  • auto’s ? Bijna geheel de wandeling gaat over autoloze paden, hetzij jagerspaden, door het bos en velden.
  • … bijgevolg kan het mogelijk drassig zijn op sommige plaatsen en zijn waterdichte schonen in dit geval aan te raden.
  • Mogelijke uitstappen: centrum van Aarschot ligt op ongeveer 1 km van knooppunt 710. Vele terrasjes, winkeltjes en een gezellige markt.

Gelezen: Misschien moet je eens met iemand praten? – Lori Gottlieb

Hoe gaat dat , praten met een therapeut? Is dat niet vreselijk ongemakkelijk, en moet het niet al heel erg slecht met je gaan voordat je de stap naar een therapeut zet? Kijkt zo iemand niet dwars door je heen? Hebben therapeuten een leven zonder deining ? Riskeer je niet je hele leven te blijven hangen aan zo’n therapeut ?
Nieuwsgierig geworden? Lees dan
‘Misschien moet je eens met iemand praten?’ van Lori Gottlieb. Je krijgt er gratis een pak wijsheid en humor bovenop !

Lori Gottlieb

Lori Gottlieb is met dit boek niet aan haar proefstuk toe. Ze werkte lang voor TV-shows waar ze meewerkte aan de verhaallijnen. Toen één van haar TV-shows over een ziekenhuis ging, merkte dat ze méér interesse toonde in wat er in het ziekenhuis écht gebeurde, dan wel in de show die erop gebaseerd was.
Ze besloot dat dit haar ding was en ging medicijnen studeren. Mensen écht helpen, in de échte wereld, dàt was haar roeping. Na enkele jaren studie merkte ze dat haar interesse vooral ging naar wat mensen bezielt en waarom ze doen wat ze doen. Ze studeerde psychologie en werd psychotherapeute.

Een fantastische schrijfster

Een boek dat zich voornamelijk afspeelt in het kantoor van een psychotherapeut, wordt dat niet geweldig zwaar? Word je er zelf niet triestig van?
Lori Gottlieb lijkt over een geheim recept te beschikken waardoor ze een boek kon schrijven dat tegelijkertijd diepgaand én humoristisch is, vol met wijsheid en respect voor de mensen die bij haar aankloppen. Doordat ze zelf ook in therapie is – een relatiebreuk was de aanleiding – krijg je als lezer een dubbel perspectief. De therapeut die zélf op therapie gaat.

John, Julie, Rita, Charlotte…

In het boek volgen we de verhalen van verschillende personages. John schrijft TV-shows maar er zit hem duidelijk iets dwars. In het geheim – hij betaalt contant, zodat er geen sporen zijn – gaat hij langs bij Lori Gottlieb. Het duurt héél lang voor het pantser afvalt en duidelijk wordt wat hem van streek maakt.
Rita is de 70 voorbij en ziet het allemaal niet meer zitten. Ze heeft geen contact met haar kinderen en kijkt terug op een leven waar ze geen goede herinneringen aan heeft. Ze voelt zich schuldig en verdrietig om het leven dat ze geleid heeft en sabboteert tegelijkertijd haar toekomstige kansen op geluk.
Julie heeft kanker en weet dat ze niet lang meer zal leven. Ze is jong en getrouwd. Hoe kan ze nu al afscheid nemen van het leven?
In het boek volgen we deze en nog heel wat andere peronages.

We praten vrijuit met zowat iedereen over onze lichamelijke gezondheid, zelfs over ons seksleven, maar zodra je begint over een angststoornis of een depressie of onverwerkt verdriet, zal de uitdrukking op het gezicht van degene met wie je praat er waarschijnlijk één zijn van: hoe maak ik als de wiedeweerga een eind aan dit gesprek? (L. Gottlieb)

Alledaagse verhalen

Het boek is een aaneenschakeling van alledaagse verhalen, doorspekt met humor en mildheid. Hoezo, alledaags? Uit het boek blijkt snel dat de gesprekken altijd gaan over worstelingen met de belangrijkste thema’s uit een mensenleven: de relatie met je partner, kind of ouder; vragen over de zin van je leven, omgaan met veranderingen en verdriet. Verhalen die vroeg of laat ook mijn of jouw verhaal zouden kunnen zijn.

Een van de belangrijkste stappen in therapie is mensen helpen de verantwoordelijkheid op zich te nemen van hun huidige netelige posities, want pas als ze zich realiseren dat ze hun eigen leven vorm kunnen (en moeten) geven, zijn ze in staat om veranderingen te bewerkstelligen. (L. Gottlieb)

Pijn is geen wedstrijd

We lachen allebei om mij, en ik lach ook om de manier waarop mensen hun pijn classificeren. Ik denk aan Julie. ‘Ik heb tenminste geen kanker’, zei ze altijd, maar het is ook iets wat gezonde mensen zeggen om aan te geven hoe onbetekenend hun eigen ellende is. Ik herinner me dat de afspraken van John in het begin altijd na die van Julie waren, en dat ik vaak mijn best moest doen om aan één van de belangrijkste lessen uit mijn opleiding te denken: er bestaat geen hiëarchie van pijn. Je moet geen rangschikking toekennen aan pijn, want pijn is geen wedstrijd. (L. Gottlieb)

Humor, wijsheid en mededogen

Ik las het boek alsof het een roman was. Ik wou weten hoe het met John ging, die met het feit zelf dat hij naar een psyschotherapeut ging, heel erg worstelde en Lori Gottlieb wel een beetje alle hoeken van de kamer liet zien. Als lezer had je snel de indruk dat achter deze ‘macho’-man iets anders zag, maar hoe die te bereiken?
Doorheen het verhaal lees je hoe zo’n proces kan verlopen, al bestaat er niet één of ander stappenplan. Het is werken door beide partijen.

Het boek leert al snel dat stilstaan bij je leven geen overbodige luxe is, en al helemaal niet wanneer je het gevoel hebt dat het niet loopt zoals jij het wil.

Praktisch

Misschien moet je eens met iemand praten?

Lori Gottlieb, Misschien moet je eens met iemand praten? Een psychotherapeut zoekt antwoorden voor patiënten en zichzelf. Het boek is uitgegeven door de Arbeiderspers (2019) en telt 432 blz. Te koop bij o.a. Bol.com voor € 23,50 (paperback) en € 13,99 (e-book).