Gelezen: Paddenstoelengeluk – Rob Chrispijn

Paddenstoelengeluk barst van passie !

Nooit gedacht dat ik een boek over paddenstoelen met zoveel plezier zou lezen. Oké, alles in de natuur boeit me wel, maar een boek met zo weinig foto’s en zoveel tekst ? Alleen maar over paddenstoelen? Ik geef toe dat ik even aarzelde. Anderzijds, catalogi genoeg hier, zelfs eenvoudige determinatietabel waarover ik het vorig jaar al had.

Was ik even verkeerd! Paddenstoelengeluk is géén encyclopedisch boek. Gelukkig maar, dat zou het lezen als een telefoonboek en wie heeft daar nu iets aan? Toch staat het vol, wat zeg ik, barstensvol weetjes en feiten over paddenstoelen. Rob Chrispijn is een kenner, een regelrechte specialist als het over paddenstoelen gaat. De kracht van het boek zit echter niet in al die kennis, maar wel de niet te stuiten passie van Chrispijn. Het lijkt alsof zijn hele leven beheerst wordt door paddenstoelen. Altijd op weg en nooit te berooid om – wat voor plannen ook – te stoppen om toch even op ontdekking te gaan.

Je trekt zo je wandelschoenen aan

Kan dat wel, dat je van paddenstoelen nooit genoeg krijgt ? Best wel, paddenstoelen zijn niet zo gekend als pakweg bomen, er zijn duizenden soorten alleen al in de Lage Landen, dus zelfs met de grootste ijver zal je ze wellicht nooit allemaal te zien krijgen. Een wondere wereld, waarvan zo weinig bekend is.

Bij het lezen van het boek kreeg ik al onmiddellijk zin om de wandelschoenen aan te trekken en zomaar in onze buurt op zoek te gaan naar de eerste de beste paddenstoel. Of beter gezegd: de vrucht van de paddenstoel, want paddenstoelen vormen ondergrondse netwerken, wat wij zien is bij wijze van spreken het topje van de spreekwoordelijke ijsberg. Lees: paddenstoelennetwerk.

Paddenstoelengeluk daagt uit

Bij het lezen van het boek werd ik soms wel ontmoedigd door dat gigantische paddenstoelenrijk. Ik zal nog wel een vliegenzwam en tonderzwam detecteren, een inktzwam en een boleet, misschien zelfs nog de fallus impudicus waarover zo mooi gezongen door Jan De Wilde. Maar daar stopt het wel een beetje. Toch krijg ik door het lezen van dit boek weer helemaal zin om mij te verdiepen in die wondere wereld. Ik gebruik daarvoor nog altijd deze eenvoudige determinatietabel, in de ogen van Rob Chrispijn wellicht véél te eenvoudig. Maar een mens moet ergens beginnen. Zo ook ooit Rob Chrispijn.

Heb je als pure leek wel iets aan dit boek ?

Al goed en wel, een man die vol passie schrijft over paddenstoelen en daar een behoorlijk specialist in is, maar heb je daar wel iets aan als je ambitie stopt bij het herkennen van, laat ons zeggen, pakweg 10 soorten ? Toch wel, want Chrispijn legt de wondere wereld van paddenstoelen bloot. Paddenstoelennetwerken die ervoor zorgen dat de ene boom voeding kan doorgeven aan die boom die het lastig geeft, een soort sociale zekerheid zeg maar. Maar evengoed paddenstoelen die minder netjes en leven op een boomwonde om de boom langzaam maar zeker uit te putten. Zoals de tonderzwam, maar die zorgde dan misschien wel voor een revolutie van formaat: want zo’n tonderzwam hielp onze voorouders prima bij het maken van vuur.

Het is trouwens best wel spijtig dat we zo weinig weten over paddenstoelen want

Er is uitgerekend dat als paddenstoelen massaal zouden stoppen met de vertering van dood materiaal de kringloop der natuur binnen tien jaar geruisloos tot stilstand zou komen.

Heksenkringen

Eén van de meest tot verbeelding sprekende fenomenen in de wereld van paddenstoelen zijn de heksenkringen. Zo’n heksenkring wordt altijd groter, binnen de cirkel is alle voeding zo’n beetje opgebruikt, waardoor ze gewoon een beetje verder op voedseltocht gaan, netjes rond het oorspronkelijke middelpunt.

In Noord-Amerika worden sommige heksenkringen op een leeftijd van 750 jaar geschat.

Zevenhonderdvijftig jaar ! Dat is nog iets anders dan die honderdjarige beuk ! Maar het gaat verder, aan de hand van DNA is ondertussen

een zwamvlok van een honingzwam ontdekt die 8,8 vierkante kilometer beslaat en vele duizenden jaren oud moet zijn.

Ik moet toegeven, ik heb géén idee wat een zwamvlok is, maar ik kan mij bij zo’n (ondergronds/bovengronds) netwerk wel iets voorstellen. Het prikkelt mijn nieuwsgierigheid maar ook mijn bewondering voor de natuur.

paddenstoelenDit is een foto van oktober 2017. Dankzij het boek van Chrispijn ben ik al een stuk verder in de ‘herkenning’ en weet ik al best wat meer te vertellen over deze schoonheden ! 

Gelukkig ook voor dummies zoals ik

Ha ! En daar stond het plots, zeker niet toevallig net in het deel waar toch foto’s te vinden waren: het hoofdstuk paddenstoelen voor dummies. Vijftien soorten worden er uitgebreid (met foto dus) beschreven. Ha ! Ik kan deelnemen aan dat paddenstoelengeluk !

Als je wat meer van paddenstoelen wilt weten, leer dan eerst algemene soorten herkennen. In plaats van je in te prenten hoe de fraaie maar uiterst zeldzame Gespikkelde champignonparasol eruitziet, kun je beter het zoekbeeld van een donsvoetje of een krulzoom in je geheugen opslaan. Want de kans dat je die twee algemene soorten op een wandeling tegenkomt is veel groter.

Dus oefen ik mij ondertussen elke dag in die 15 soorten (met plaatjes) die ik netjes als indertijd mijn Latijnse woordjes van buiten leer.

Ook voor kenners

Ik mag het dan al zeker niet zijn, dit boek is ook voor  kenners een aanrader. Dat Chrispijn alles zo nauwkeurig omschrijft hoeft geenszins een bezwaar te zijn, zijn passie en verwondering prikkelt mijn nieuwsgierigheid.

Ik ben dus duidelijk méér dan een beetje enthousiast over dit boek en al helemaal over de wondere wereld van paddenstoelen. Zoek je andere hulpmiddelen om paddenstoelen te herkennen, dan kan je hier terecht, maar wil je meer weten over de boeiende wereld van de paddenstoelen, dan is dit boek van Paddenstoelengeluk echt een aanrader !  Gevaar is – mijn ervaring – dat je plots twee keer zo lang over je wandelingen doet omdat je om de zoveel honderd meter stopt.

Praktisch

Rob Chrispijn, Paddenstoelengeluk. Van Vliegenzwam tot Toverchampignon, 248 blz. Een uitgave van Nijgh & Van Ditmar. Te koop bij o.a. bol.com voor € 20,00.

Wandeltip

Wandeltip: Bel/Geel – Antwerpse Kempen 10,5 km (met GPX)

De Antwerpse Kempen: een verrassing !

Ik ben niet vertrouwd met de Antwerpse Kempen en deze wandeling was alvast een aangename kennismaking. De wandeling start in het klein dorpje Bel, wellicht niet echt bekend, maar als ik ‘Geel’ zeg, dan gaat er misschien wel een belletje (pun intended) rinkelen.

Antwerpse Kempen

Voornamelijk onverhard gebied

Deze wandeling in de Antwerpse Kempen brengt je in tal van landschappen, de meeste paden zijn onverhard. Je wandelt zo goed als niet door bewoond gebied, wat de meeste wandelaars best wel prettig vinden. Nog nooit van paraboolduinen gehoord ? Ik ook niet, maar ik herkende ze wel onmiddellijk toen ik ze zag. Het lijkt een groot eiland in een verder heel groen landschap. Alsof je even in een heel andere streek bent!  Toen de dieren nog spraken kon ja van hier letterlijk naar Engeland wandelen. Voor de moedige wandelaars althans !

Natuurlijk volg je ook een heel eind de Nete, dit gebied situeert zich tussen de Molse en de Grote Nete. Langs het water en dan weer door dennenbossen. Deze bomen dienden vroeger voor de mijnen als stuthout.

Praktisch

Ik parkeerde op het pleintje voor het parochiehuis, niet ver van het kerkje in Bel. Omdat het dorp zo klein is kan je echt niet naast de kerk zien.

Je kan de wandeling volgen via de wandelknooppunten (Kempense Landduinen), je volgt dan 54 – 55 – 45 – 42 -41 -37 – 36 – 98 – 96 – 95 – 35 – 34 – 88 – 32 – 31 – 30 – 52 -50 – 49.

Je kan dit op bovenstaand kaartje ook terug vinden.

Of nog makkelijker: je zoekt via Routeyou deze wandeling en volgt zo het GPX-bestand.

Meer leuke wandelingen ?

Deze wandeling staat uitvoerig beschreven in het Groot Wandelboek Vlaanderen.
Ik schreef er hier al een uitgebreide review over. Het is een boek dat ik echt koester !  Alleen al het vooruitzicht dat ik nog véél fijne wandelingen als deze kan maken, maakt me simpelweg blij !

 

 

Snapshot diary

Snapshot diary week 41/2018 De zee is altijd goed

Everything ahead of me

Een aantal weken geleden zou ik op vakantie gaan, we hadden immers een extra vrije dag. Ik had er echt naar uitgezien, het eerste weekend van oktober, maar uiteindelijk bleek ik zo ziek te zijn dat er helemaal niets van in huis kwam. Eind goed plan. Einde kamperen 2018. Althans, dat dacht ik. Maar het weer besloot mij te trakteren op een flinke scheut zomer. Zo goed, dat ik het caravannetje achter mijn auto koppelde en richting zee reed. Dat gaat zo snel als in één, twee, drie !

Het gevoel van vrijheid geeft mij dikwijls vleugels. Maar meer nog het geluid van de zee, de wind op mijn gezicht, het zalige fietsen in het Westvlaamse achterland.

Buiten in de zon

De voorbije week was ik dan ook zoveel mogelijk buiten. Zelfs op verkiezingsdag. Van West-Vlaanderen terug naar Vlaams-Brabant, op naar Limburg voor een zalige wandeling met het lief in Bokrijk. (Ook altijd een goed idee).

Fietsen in de zon, ontbijten in de zon. Geef toe, dit is toch gewoonweg zalig ?

Straks wordt het minder zomers – en dat is misschien maar goed ook – maar deze wijsheid onthoud ik zeker: buitenleven geeft mij altijd energie. Altijd !

1000 vragen

1000 vragen #123 Zeg je altijd wat je denkt ? Nog altijd teveel

Ik babbel teveel

Althans, tegen het lief. Het lief is de stilte zelf. Eén en al gehoor. Altijd een luisterend oor, een glimlach, een flinke vleug humor als aan dat babbelen van mij geen einde komt. Het is namelijk zo: ik wil het liefste zoveel mogelijk delen met het lief. Het lief is mijn toetssteen, mijn ‘even checken’, mijn intellectuele uitdaging en dikwijls ook mijn kompas. Allerlei gedachten en redeneringen rollen door mijn hoofd en dan wil ik dat toch maar het liefste met hem delen, weten wat hij er van denkt. Géén goedkeuring, maar wel een soort negenproef. Of het wel allemaal steek houdt wat ik denk.

Het lief zegt weinig, maar zit er altijd recht op. Hij vindt de rode draad in het kluwen van mijn denken, als ik vastzit in ideeën en overtuigingen, dan stelt hij net dié vraag waardoor ik weer verder kan.

Dus ja, wat het lief betreft zeg ik, wellicht meer dan hem lief is, wat ik allemaal denk. En dat is véél, heel véél.

Er is altijd een andere kant die ik niet ken

Maar voor de rest merk ik dat ik steeds minder zeg wat ik denk. Ik vrees (ja, vrees !) dat het een kenmerk van ouder worden is. Wanneer ik sommige commentaren op Facebook lees schrik ik dikwijls van de heftigheid. Ja, daar wordt gezegd wat er gedacht wordt. Mensen met een heel duidelijke mening.

Ik heb dikwijls niet echt één mening. Ik dénk wel van alles, maar meteen stel ik mijn eigen denken in vraag. Want dan bekijk ik het weer van een andere kant en denk ik: tja, dat is ook wel waar en na verloop van tijd wordt er zo geschaafd aan mijn mening en zoveel aan toegevoegd dat die mening één complex verhaal wordt, waarvan ik weer twijfel of ik toch wel alles heb gezien.

Hoe heviger andere mensen een mening over iets hebben, hoe meer ik zwijg. Wellicht omdat sterke meningen mij onzeker maken. Zeker als het gaat over sterke negatieve meningen, die toch grotendeels de meerderheid vormen. De anderen hebben het niet goed gedaan, de anderen zijn verkeerd, de anderen moeten dit of dat …

Wat mezelf betreft zou ik liever nog stiller worden, méér nadenken voor ik iets zeg. Eenmaal iets op tafel kan het immers alle kanten op. Ook de verkeerde kant. Dan moet er soms uitleg volgen, is het niet duidelijk, wordt het verkeerd begrepen.

Dus ja, liever wat stilte hier. Stilte van mijn kant.
Of bewijst deze blog weer net het omgekeerde ?