Snapshot diary

Snapshot diary week #20 De dokter die het f*ckwoord uitsprak

Geen vuiltje aan de lucht

Deze week vierde onze school het leerlingenfeest. Een soort festival met veel leuke spelen op de uitgebreide velden rondom de school. Klimmuur, waterbanen, free podium, gekke fietsen, pizza en cola. Stoelenvoetbal, dat ik nog altijd niet goed snap. Hoe dan ook, een hoogdag voor de leerlingen. We genoten van de schitterende zon en de zinderende energie van leerlingen die zich vollen bak lieten gaan. Wat een dag !

Het leerlingenfeest betekent evengoed het naderend eind van het schooljaar. Zonnige dagen. Uitzien naar die lange zomervakantie waarvoor we best al wat plannen hadden.

Zwarte woensdag

Woensdag stond er een routinebezoek op de agenda voor het lief. Hij had al een paar keer hevige darmkrampen gehad en zag dat liever niet nog eens gebeuren. Wij zagen er geen graten in, misschien een allergie ? Een ontsteking ? Wat de dokter ons vertelde sloeg de grond onder onze voeten weg. Dat we best even naar huis gingen om kleren bij elkaar te rapen en vervolgens meteen richting ziekenhuis zouden rijden. Want dit was dringend en niet goed. Hij sprak het f*ckwoord uit. Ik krijg het nog niet uitgesproken.

Emotieloos

En plots stond onze hele toekomst wankel. Sedert woensdag leef ik zo goed als continu in het ziekenhuis. Hoe ons leven na de ziekenhuisopname zal zijn, weten we niet.
Soms vragen mensen me hoe het met me gaat en ik kan werkelijk niets zeggen. Men waarschuwt me dat ik ook voor mezelf moet zorgen, maar ik begrijp amper wat dat betekent. Het lief en ik zijn altijd zo met elkaar verbonden geweest dat ik mij niet kan voorstellen om niet bij hem te zijn. Zelfs niet om ‘even’ voor mezelf te zorgen, of zoals het lief zelf zei ‘kom morgen wat later, doe eens iets wat je leuk vindt’. Wat zou ik dan leuk vinden ? Er is maar één focus nu: dat hij het zo goed mogelijk heeft. Dat hij niet alleen is. Dat hij ten alle tijde kan rekenen op mij.

Hoe gaat het verder met deze blog ?

Ik weet dat dat het laatste van mijn zorgen moet zijn. Deze blog is een hobby. Toch wil ik iets hier meteen iets duidelijk maken. Ik heb geen idee of ik ooit nog zal vertellen over de verschrikkelijke woensdag en over de gigantische uitdaging die voor ons ligt. Ik weet niet of ik er echt kan over schrijven. Ik wil meer zijn dan de vrouw van iemand die heel erg ziek is. Niet zozeer omdat ik dat wil, maar omdat ik ook mijn lief zo zie. Hij is nog altijd helemaal dezelfde man waar ik smoorverliefd op ben en ja, hij heeft een ziekte.
Misschien draai ik mezelf een rad voor de ogen als ik zeg: fundamenteel is er niets veranderd. Hij is de allerliefste. Hij is de bron van al mijn geluk.

1000 vragen

10 000 vragen #101 Kloppen de karaktereigenschappen van je sterrenbeeld Vissen?

Sterrenbeeld Vissen

Ik ben geboren begin maart en dat maakt van mij een Vis. Als je me zou vragen om de verschillende sterrenbeelden op te noemen, dan steven ik aan op een flinke onvoldoende. Dat zegt iets over mijn kennis over sterrenbeelden. Laat staan dat ik zou weten welke kenmerken bij mijn sterrenbeeld passen. No idea ! Dus moest ik het opzoeken en dat deed ik via deze website.

Geen eensgezindheid onder astrologen

Toen ik de eigenschappen van het sterrenbeeld Vissen opzocht, vond ik er zoveel dat het onmogelijk zou zijn dat er niet een paar zouden zijn waarin ik mij herkende. Sommige opsommingen spraken elkaar ook regelrecht tegen, anderzijds bleek men het over bepaalde lijnen wel eens te zijn.

Intuïtief

Een vis zou intuïtief zijn en empathisch. Dat intuïtieve past wel bij mij, al zou ik soms willen dat ik het wat minder had. Dat iets fout dreigt te lopen zonder dat ik er de vinger kan op leggen, dat het met iemand niet goed gaat ook al ziet die er geweldig uit. Of dat er conflicten op komst zijn terwijl ik geeneens weet waarover, maar ik kan wel zeggen bij wie. Maar heeft niet iedereen dat ?

Fantasiewereld

Ik kan geweldig in mijn hoofd leven, ik geniet van overpeinzingen, mijmeringen en ‘wat als…’ verhalen. Die zijn trouwens helemaal niet per definitie negatief. Visueel denken hoort misschien ook bij fantasiewereld. Dat doe ik best wel. Boeken zijn mijn favoriete fantasiewereld, al lees ik absoluut geen fantasy. Dat gaat mij dan weer te ver.

Escapisme

Ik las ergens dat het sterrenbeeld Vissen niet vies is van enig escapisme. Daar kan ik mij wel in vinden. Geef mij een goed boek en ik kan overdag al uitzien naar het volgende hoofdstuk dat ik ’s avonds kan lezen. Er gaat geen dag voorbij of ik droom waar ik mij de caravan heen zou kunnen trekken. Vroeger reisde ik de continenten rond en dat was ook een vorm van escapisme. Niets mis mee vind ik. De wereld is groot genoeg.

Altijd op exploratie

Het sterrenbeeld Vissen heet explorerend te zijn, altijd op zoek naar een nieuwe horizon, een nieuwe wereld. Mijn hoofd zit altijd vol vragen. Wetenschappelijke, filosofische, sociologische, vragen over het menselijk brein, antropologie, nooit zal er genoeg tijd zijn om al die werelden te verkennen. De wereld van de wetenschap boeit mij uitermate.

Echte Vis ?

Of ik hiermee ‘voldoe’ aan het profiel is maar de vraag. Het profiel is immers zo ruim dat iedereen daar wel ergens in past. Of niet ?

 

“1000 vragen aan mezelf”  gaat terug op een boekje dat een tijd geleden bij Flow zat. Het is een klein boekje en er is geen plaats voorzien om te antwoorden, daarom dacht ik : waarom niet op de blog ? Voor het pure plezier van het schrijven ? Het verzamelen van herinneringen, wat volgens Gretchen Rubin, bijdraagt tot geluk ? Vandaar een nieuwe rubriek : 1000 vragen over mezelf.
Niets weerhoudt je om mee te doen !
Gelezen

Gelezen: Meer door minder, maak ruimte om te leven – Joshua Becker

Joshua Becker

Joshua Becker: één van de meest invloedrijke schrijvers over minimalisme

Wie zich maar een beetje verdiept in het minimalisme, kan niet om de naam van Joshua Becker heen. Ooit kom je de naam tegen, of misschien kwam je al terecht op zijn drukbezochte website ‘Becoming Minimalist’. Ik volg Joshua Becker al een hele tijd via zijn website en kan mij bovenal vinden in zijn aanpak. Het gaat om kwaliteit van leven. Becker geeft je geen schuldgevoelens, iets wat mij bij andere minimalisten soms wel overkomt. Er is geen ‘one size fits all’. Centraal staat dat je ruimte maakt in je leven (ondertitel !) zodat je tijd, geld en ruimte hebt om op die manier te leven zoals je dat zelf wil.

Minimalisme

 

Persoonlijk verhaal

Het boek staat vol persoonlijke verhalen en getuigenissen van mensen die zich vragen stelden over het omgaan met spullen. Het minimalisme heeft overal aanhangers, jong en oud. Het consumentisme, dat zo’n beetje de religie van de westerse wereld is, sluipt overal binnen. Het ‘meer en beter’ is een zwaar dogma dat zich evengoed nestelt in immateriële zaken. Méér vakantie, méér doen in minder tijd, méér sociale contacten, méér boeken lezen etc.
Ik probeer er mij zo bewust mogelijk van te zijn, en ook al wil ik helemaal geen tijd steken in ‘Keeping up with the Joneses’, toch merk ik dat ik er zelf niet immuun voor ben. Al die interieurboekjes doen mij soms vergeten dat ik mij écht wel gelukkig in mijn huis voel en wellicht niet eens happy zou zijn in een VT-wonen interieur. Dus ja, zo’n boek helpt wel om even wat helderder te zien. Thanks Joshua !

Hoe meer spullen…

Joshua Becker

Dit zijn zo’n wijsheden waarvan ik denk:  jaja, dat weet ik. Maar als ik aan het opruimen ben en sommige spullen voor de zoveelste keer door mijn handen gaan, dan vraag ik mij soms wel af of ik echt niets beter te doen heb. Beter organiseren of beter opruimen is geen optie. Tenzij de spullen natuurlijk eeuwig en altijd onaangeroerd in een kast staan, wat op zich nog erger is. Dan vergaren ze stof en zijn ze verloren geld.

In het boek citeert Joshua enkele cijfers over de tijd die Britten besteden aan het shoppen voor kleren en schoenen. 45 uur voor het shoppen van schoenen alleen. Dat zijn dus 6 werkdagen. Alleen voor schoenen.

Voordelen van het minimalisme

Joshua Becker somt in het eerste hoofdstuk de voordelen van minimalisme op:

  • Meer tijd en energie
  • Meer geld (waar je toch dromen kan mee verwezenlijken)
  • Meer vrijgevigheid (materieel maar ook in tijd !)
  • Meer vrijheid (het beschikken over meer geld betekent ook meer vrijheid, zoals de vrijheid om voor minder geld te werken)
  • Minder stress (alle bezit geeft stress, al is het maar om te verliezen of te onderhouden)
  • Minder afleiding
  • Milieuvriendelijk
  • Kwalitatief beter bezit (kies liever voor kwaliteit ipv kwantiteit)
  • Meer tevredenheid
  • ….
  • ….

En zo zijn er wel meer voordelen.

Durf te gaan voor wat echt belangrijk is

Keer op keer komt dit refrein terug. Minimalisme maakt je ‘rijker’ om datgene te doen wat je echt wil doen. Ik denk dat dit de aantrekkelijkheid is van minimalisme. Toch is het niet makkelijk om in te gaan tegen een stroom van altijd meer en beter. (Smartphones ! Gadgets !).
De beste motivatie is dan ook om te zien wat het je opbrengen kan. Soms vraagt dat best wat moed in het begin, maar het wordt steeds makkelijker.

Minimalisme

Vorig jaar werd in geconfronteerd met de verkeerde prioriteiten toen we onze volledige benedenverdieping moest worden leeggehaald omdat alles opnieuw geverfd werd. Werkelijk weken had ik nodig om spullen in te pakken, waarvan sommige al jaren niet meer aangeraakt. Onze boekenmuur werd tot 1/3 gereduceerd en nog steeds ben ik onder de indruk van de hoeveelheid dozen die we naar de kringloopwinkel brachten.

Je blik wordt scherper, doelgerichter

Dit boek – zo’n beetje een basiswerk over minimalisme – heeft als grote verdienste dat het je blik scherper maakt. Wat wil ik echt ? Wat doe/koop/bezit/verlang ik allemaal waarvan ik niet eens echt overtuigd ben dat dit mij dichter bij mijn doel brengt ? Ook al brengt minimalisme je geld op, toch is geld niet de motivator. Soms lees ik wel eens blogs waarbij het lijkt alsof het gaat om zo goedkoop mogelijk te leven. Misschien is dit ook een vorm van minimalisme, maar dan stel ik mij de vraag: waarom ? Om meer geld op je rekening te vergaren ? Uit angst ? Bestaat de kans niet dat je dan opnieuw slaaf wordt ? Dat is alvast niet de insteek van het boek. De insteek is, ik zeg het nog maar een keer omdat ik het zo belangrijk vind, levenskwaliteit. Zodat je die dingen kan doen die je na aan het hart liggen. En wie wil dat niet ?

Praktisch

Joshua Becker, Meer door minder, maak ruimte om te leven, 160 blz., Kok 2016
Te koop bij o.a. Bol.com paperback voor €17,50 , ebook voor € 9,99 

 

onderwijspraat

Onderwijspraat: lerarentekort

lerarentekort

Iedereen heeft een mening over het onderwijs

Soms denk ik: je zal maar 18 zijn en in het onderwijs willen gaan. Lees een aantal weken de krant en je zou voor minder ontmoedigd raken. Een beroepskeuze is sowieso al niet makkelijk maar continu geconfronteerd worden met negatieve media maakt het beroep echt wel niet aantrekkelijker. Ik kan mij best voorstellen dat zo’n jongere aan zichzelf gaat twijfelen als de helft van de jongeren er binnen de 5 jaar de brui aan geeft. Dan ben je al netjes afgestudeerd en rondde je een mooi stage af, dan is het maar de vraag of jij tot die 50% behoort die het wel zal volhouden. Zelfs los van werkzekerheid. Dit alles helpt echt niet bij het oplossen van het lerarentekort.

Oorzaken en taboe’s over het lerarentekort

Ik waag me niet om een eigen analyse te geven over de oorzaken, wél  dat het lerarentekort niet opgelost wordt met een paar maatregelen. Zelfs al zouden alle jonge leraren onmiddellijk werkzekerheid hebben,  dan nog zouden velen het onderwijs verlaten.
Ik sprak onlangs een jonge leraar die het ontzettend moeilijk heeft met een aantal klassen. Wellicht valt nog leergeld te betalen, maar wat mij het meeste trof is hoe de leraar vond dat er geen vuiltje aan de lucht was. Het toegeven dat het moeilijk gaat zou nochtans een eerste stap kunnen zijn om er iets aan te doen, om hulp te krijgen. Iedere leraar met een beetje ervaring wéét dat sommige klassen het soms echt uithangen en dat dit geenszins betekent dat je je eigen kunnen in vraag moet stellen. Maar het is een taboe voor sommige leraren. Zeker voor jonge leraren. Maar het is een dogma: leraren mogen niet klagen. Dat is taboe. Zeker voor de buitenwereld.

Je moet wel heel zwak zijn én lui om het onderwijs niet aan te kunnen

Taboe’s zijn er in het onderwijs met hopen. Zeg nooit dat je job zwaar is of je krijgt een tsunami over je heen die je voor minder doet twijfelen aan je eigen kunnen. Dat je wellicht toch niet veel aankan (je moest eens een andere job hebben, in de privé !), dat je toch maar 20 uur (of 22) moet werken op een week en dààrover klagen ? Dat je zo ongeveer zwemt in het verlof. Dat je wel heel snel klaagt.

Lees er de commentaren bij ieder nieuwsbericht maar op na. Ik doe bij deze niet eens de moeite om al deze (loze) beweringen te counteren. Haters gonna hate. Maar soms gaat dat wel in je koude kleren zitten. En ik blijf mij afvragen, over die ‘haters’, waarom ? Wat zorgt ervoor dat een behoorlijk grote groep mensen zo negatief staat tegenover de minste verzuchting van leraren ?

Iedereen kan lesgeven, niet ?

Ik hoorde onlangs van een bevriend koppel dat in het onderwijs werkt, dat zij van enkele ouders – die het wellicht goed meenden – een uitgeschreven handleiding hadden gekregen over hoe ze het beste toetsen konden organiseren en hoe ze die moesten opstellen.

Dat zegt toch wel veel over de kijk op het leraarschap. Een groep ouders die leraren willen helpen bij hun werk door hen uit te leggen hoe ze het zouden moeten doen. Er was veel werk ingestoken, in die handleiding en je kon echt niet naast de goede bedoelingen kijken.
Maar de boodschap is toch: jullie zijn niet competent genoeg en hebben hulp nodig. Wij zijn wel competent in deze en helpen jullie.

Hoe goed bedoeld ook, het zegt iets over de perceptie over de leraar. Die is niet goed.

En welke jongere kiest nu in hemelsnaam voor een beroep waarvan de perceptie dikwijls zo negatief is ? En dan heb ik nog niet gesproken over alle andere uitdagen.

Dat lerarentekort, dat zie ik nog niet zo snel opgelost.

 

PS: Het valt mij op hoe lang ik getwijfeld heb over het schrijven van deze post en hoe voorzichtig ik ben geweest. Die tsunami kan immers ook hierheen rollen. Daar ben ik mij heel erg van bewust.