Tagarchief: citaat

Piketty

Piketty: Kapitaal en ideologie, week #1

Het boek Kapitaal en ideologie is een zwaarlijvig boek dat ik maar in kleine stukjes tot mij neem. Omdat ik geen econoom ben waag ik mij niet aan een algemene bespreking maar zal week na week delen wat is blijven hangen in dit boek. Ik waag mij elke week aan 140 blz, de som van 7×20.

Elke dag 20 bladzijden Kapitaal en Ideologie

Dat bracht mij zondag op pagina 140 en daar eindigde ik ook mee deze week. Het boek wordt wellicht overschat in moeilijkheidsgraad. Je moet er natuurlijk je gedachten bij houden, maar Piketty legt als een ware didacticus alles netjes uit. Hij schetst meermaals de hoofdgedachte en gaat ze vervolgens uitdiepen. Zoals een echte professor het beaamt geeft hij nadien ook altijd een tussentijdse samenvatting.

Dit bleef me deze week bij

Elke maatschappij zoekt een rechtvaardiging waarom er grote kapitaalverschillen zijn.

“Elke samenleving ziet zich gedwongen de daarin bestaande ongelijkheid te rechtvaardigen, want zo niet, dan dreigt het politieke en sociale bouwwerk in te storten”.

De krachttoer van de kerk (of geestelijke stand)

Het is de kerk gelukt om kapitaal positief te definiëren, wat op zich een (daarom niet positieve) prestatie is, gezien het evangelie zelf absoluut niet positief is tegenover het vergaren van rijkdom. Dit in het kader van de grote rijkdommen van de geestelijke stand vroeger (en nu?).

Hoe winnaars het systeem van ongelijkheid rechtvaardigen

Het klopt niet dat de huidige ongelijkheid kan verklaard worden door het centrale thema van eigendom, ondernemersschap en meritocratie. Daar komt hij later in het boek op terecht, maar dat van ‘als je maar genoeg werkt en succesvol bent, word je rijk’, is een fabel.

“Het meritocratische discours lijkt dikwijls een eenvoudige manier voor de winnaars in het huidige economische systeem om ongelijkheid op ieder gebied te rechtvaardigen, zelfs zonder deze te onderzoeken, en om de verliezers te stigmatiseren vanwege hun gebrek aan verdienstelijkheid, deugdzaamheid en ijver.”

De ongelijkheid neemt (terug) toe

De toename van de sociaaleconomische ongelijkheid doet zich sinds de jaren 1980-1990 overal ter wereld voor.

Uit vergelijkingen van India, de VS, Rusland, China en Europa komt naar voren dat in 1980 het hoogste deciel in al deze regio’s op 25-35% van het nationaal inkomen lag en in 2018 op 35-55%.

Of anders gezegd dat de rijkste 10% zo’n 35-55% in handen hebben.

De verandering of herverdeling van kapitaal is ideologisch

Eigendoms-, onderwijs- en belastingsstelsels hebben een grote invloed op de sociale ongelijkheid in een samenleving en de ontwikkeling ervan.”

Waaruit ik besluit dat het superbelangrijk is waar je politieke stem naartoe gaat, al gaat de problematiek van ongelijkheid staatsgrenzen te boven.

Het zijn sociale en historische constructies die volledig afhankelijk zijn van het wettelijke, fiscale, onderwijs- en politieke systeem waarvoor een samenleving heeft gekozen en van de maatschappelijke categorieën die men hanteert”.

Economische groei, niet iedereen wordt er beter van

Het is een argument dat dikwijls wordt gebruikt, dat als het goed draait met de economie, iedereen er op vooruit gaat.

“Degenen met inkomens op het niveau tussen de percentielen 60 en 90 van de inkomensverdeling (dwz diegenen die noch tot de 60% laagste inkomensgroep op de wereld behoren, noch tot die van de 10% hoogste inkomens) – een interval dat grosso modo overeenkomt met de midden- en lagere klasse in de rijke landen – hebben niet of nauwelijks geprofiteerd van de mondiale economische groei tussen 1980 en 2018.”

Het onvermogen van de naoorlogse sociaal-democratische coalities

We zullen ook zien dat het programma van de de sociaaldemocraten zich sinds de ineenstorting van het communisme onvoldoende heeft gebogen over de vraag onder welke voorwaarden bezit rechtvaardig is.”

Ik ben benieuwd, want het klopt met mijn ervaring. Waarom lukt het ons als maatschappij niet om de kloof tussen arm te dichten?

Hij neemt een tip van de sluier

“Het onvermogen van de sociaaldemocraten om de lagere klassen ervan te ovetuigen dat ze zich net zo bekommerden om hun kinderen en het onderwijs dat ze kregen als om hun eigen kinderen en hun elitaire opleidingen verklaart waarschijnlijk grotendeels waarom ze de partij van de gediplomeerden zijn geworden.”

Ongelijkheid als organisatie van de samenleving

Stond voorgaande nog allemaal te lezen in de inleiding van Kapitaal en ideologie, in hoofdstuk 1 heeft Piketty het over de standenmaatschappijen die men ongeveer overal op min of meer zelfde manier terugvindt. Drie standen, zijnde adel, geestelijkheid en ‘de rest’.
We zien overigens dat kapitaal, macht en recht dikwijls bij dezelfde groepen zat/zitten (en zo goed als) niet bij de rest die het werk moe(s)t doen. Deze standenmaatschappij had dus politieke en ecomische macht én regale macht.

Dergelijke 3 standen zijn niet uniek voor Europa. Wanneer we de standmaatschappijen in diverse landen bekijken, dan liggen Spanje en India dichter bij elkaar dan Spanje en Frankrijk.

De Franse revolutie

Egalité mag dan wel een leuze van de revolutionairen geweest zijn, na de revolutie bleek de uitvoering ervan moeilijker dan voorzien. Wat we wel krijgen is een meer gecentraliseerde macht (regelgeving) en een ontkoppeling van rechtspraak en eigendom. (De leenheer die ook recht sprak over zijn grondgebied).

Voila, dit was het voor deze week! Stiekem hoop ik dat jullie ook zin gekregen hebben om Kapitaal en ideologie te lezen, want het is echt meer dan de moeite waard. Maak je geen zorgen als je het vorige boek niet hebt gelezen, beide boeken zijn aanvullingen op elkaar maar kunnen los van elkaar gelezen worden (dat zegt hij zelf).

Groeiende ongelijkheid is een mondiaal probleem dat ons allen aangaat!

Kapitaal en ideologie
Thomas Piketty, Kapitaal en ideologie, uitgegeven door De Geus (2020), telt 1136 blz. en is te koop bij o.a. Bol.com voor € 49,00. (Je bent er dan ook wel even zoet mee). 

Geluk een geheimtaal

Gelezen: Geluk een geheimtaal – Arthur Japin

… geluk is een geheimtaal. Hij is sommigen vreemd. Zij kunnen vrees en verdriet niet ontcijferen wanneer die beschreven staan in termen van hoop en troost.”

Dagboek van een groot schrijver

Het ideaal huwelijk: één van mijn favoriete schrijvers én een dagboekuitgave. Het liefst las ik àlle boeken uit de reeks Privé-domein, want zo’n dichte kijk op iemands leven krijg je zelden. De reeks bundelt memoires, dagboeken, brieven, kortom, persoonlijke documenten.

Ik ben sowieso fan van Arthur Japin, ik las o.a. De Grote Wereld en Het aapje dat geluk pakt. Met “Geluk, een geheimtaal (2008 – 2018)” is Japin niet toe aan zijn eerste publicatie van dagboekfragmenten. Zoals dat gaat met wonderen 2000-2007), zijn vorige publicatie bij privé-domein, is lang bij mij blijven hangen.

Niet zomaar een dagboek

Zoveel schrijvers van dagboeken er zijn, zoveel stijlen zijn er wellicht. Bij Japin zijn er veel beschouwingen over wat hij her en der leest en rondom zich ziet.

Dat je ongelukkig bent, vergeven mensen je moeiteloos, dat je gelukkig bent ligt al lastiger, maar dat je ooit ongelukkig was en daarvan teruggekomen bent, vinden ze onvergeeflijk.

Geluk, een geheimtaal‘ verlaat Nederland en brengt de lezer naar andere landen. Japin reist, maar ook zijn vrienden en partners hebben niet één gemeenschappelijke stek. Partners, ja : Lex Jansen en Benjamin Moser. Een literair driemanschap met liefde voor boeken en alles wat er mee te maken heeft. Het mag exotisch klinken, zo’n driemanschap, als je het leest lijkt het de normaalste zaak van de wereld.

Interessante schrijvers: ze leveren interessante verhalen en dat is ook hier het geval. Dito dagboeken.

“Ik voel de laatste tijd de dood zo,” zeg ik.
Lex knikt.
We liggen in de grange.
“Sinds een tijdje voel ik hem af en toe heel duidelijk”, ga ik verder, “alsof hij ons in de gaten houdt.”
Lex, normaal de nuchterheid zelve, weerspreekt dit niet.
“De dood staat te wachten tot wij zover zijn”, zeg ik. “Alsof hij werd geroepen. Daar ongeveer”.
Ik wijs naar de hoek bij de hoge spiegel en de ramen.
Lex knikt.
“Ik heb het ook gevoeld”, zegt hij.

Elke dag een stukje uit ‘Geluk, een geheimtaal’.

Ik lees nu en dan een stuk uit de dagboeken van Japin. Het is niet één spannend verhaal, al zitten die er best wel in, zoals het hoofd van Bonsu dat herenigd moest worden met de rest van het lichaam. Een bizar verhaal.

Arthur Japin nodigt mij uit in zijn wereld en geeft mij een unieke kijk. Hij beïnvloedt mij met zijn gedachten en manier van denken. Ik zal de man wel nooit in levende lijve ontmoeten, maar hoe interessant moet het niet zijn om een avondje met hem te stappen. Dit dagboek is een mooi tweede prijs. Alsof ik nu en dan eens met hem ga wandelen. Mocht ik overigens toch ooit de kans hebben om met hem in gesprek te gaan zou ik overigens véél te verlegen zijn, dus toch wel een éérste prijs, dit boek!

Puur genieten is het.

Arthur Japin, Geluk, een geheimtaal. Dagboeken 2008 – 2018, reeks privé-domein, 376 blz. is een uitgave van De Arbeiderspers (2019). Te koop bij o.a. Bol.com voor €24,00 (paperback) en € 12,99 ebook. Gratis voor Kobo-Plus abonnees.
Bovenstaande prijzen op datum van schrijven van dit artikel.

Nouveau Fuck Manifest

Gelezen: Nouveau Fuck manifest – Stella Bergsma

Nouveau Fuck van Stella Bergsma is geestig, intelligent, provocerend. Een spraakwaterval die je soms van je sokken blaast. Brutaal, recht door zee en zonder exuses. Voor sommigen net iets te ver gaand, voor anderen puur genieten.

Je houdt van haar … of helemaal niet

Stella Bergsma krijgt wel wat te horen als ze weer eens haar ideeën zonder blikken of blozen in het rond gooit. Dat blozen is overigens nergens voor nodig, hoorde je ooit dat een màn bloosde om wat hij verkondigde? Stella Bergsma schrijft heerlijk, zoekt de uithoeken van de taal om als een goederentrein over je heen te rammen met wat ze zegt. Je zal het gehoord hebben! Wellicht verdeelt dat haar publiek. Je moet het kunnen smaken.

Helemaal in de ban van Stella Bergsma

Ik was en ben helemaal in de ban van Bergsma. Eerst envooral: ze doet alles met stijl, zegt niet zomaar iets, ze vindt woorden in de uithoeken van de taal. Ritmisch bij tijden, alsof ze op een katheder staat en daar verkondigt. Wat dan? Dat vrouwen best over de schreef mogen gaan en dat al dat braafjes-zijn om toch maar geliefd te zijn best de schroothoop opgaat.

Stella Bergsma klaagt niet, ze constateert

Verwacht je niet aan een klaagzang van arme onderdrukte vrouwen en o die vreselijke mannen.

Constateren is goed. Je kunt pas dingen verwanderen als je ze hebt aangewezen. Sterker nog, dingen bestaan pas als je ze hebt aangewezen. Nouveau Fuck wijst aan, signaleert en zeikt niet, maar spreekt.

Het is haar eerste stelregel en in de derde is al te lezen dat vingerwijzen nergens toe leidt.

  • De wereld wordt er niet beter op als sommige mensen hangen.
  • Nouveau Fuck is scherp op de inhoud, niet op de persoon (stelling 4)
  • Nouveau Fuck heeft luchtig lak en schijt met stijl. (stelling 6), het leven is immers de zwaar om niet licht te nemen.

Feministe

Is Bergsma een feministe? Is Le nouveau Fuck een feministisch pamflet? Het zal er maar van afhangen wat je onder het woord begrijpt maar wat ze zeker doet is een wereld doorprikken waarin vrouwen toch in een minder benijdenswaardige positie verkeren. Enkele uitspraken:

  • Vrouwen kunnen zich minder slechtheid veroorloven
  • Toon me een vrouw zonder schuldgevoel en ik toon je een vent (citaat van Erica Jong)
  • … Het gelul waarmee ze zijn opgegroeid. Dat ze niet deugen, dat hun uiterlijk niet klopt, van wie ze houden niet, wat ze aanhebben niet, hoe ze praten, hoe ze zich gedragen niet.

Je zou wel denken dat het boek van Bergsma gelezen heeft!

Waarom zouden alleen mannen hufters mogen zijn? vraagt ze zich af.

Overdonderd

Ik was bij tijden overdonderd door de orkaan van woorden en stellingen van Bergsma, maar moest anderzijds toegeven: och God, ze heeft nog gelijk ook!

Als vrouw word je weggezet als hysterisch, labiel of onsympathiek als je je opwindt. De maatschappij bestraft onze woede en prijst onze passiviteit. Waar mannen helden worden om hun bloedige strijd, worden vrouwen bitches als ze voor zichzelf opkomen.

Sletvrees

Het boek gaat over seks, véél seks. Bergsma bedacht in 2015 een woord dat voor vele vrouwen herkenbaar is: sletvrees. Volgens Van Dale (die het woord van haar overnam) betekent dit de angst van vrouwen om voor slet te worden uitgemaakt. Zelf definieert Bergsma in Nouveau Fuck het als volgt: de angst voor onbeteugelde vrouwelijke seksualiteit.

Nouveau Fuck is geestig

Ik heb nu en dan luidop gelachen tijdens het lezen van Nouveau Fuck. Het zwaar het thema soms ook is, Bergsma kan grote zaken licht vertellen. Je lacht je een deuk omdat ze op onweerstaanbare wijze spijkers met koppen slaat.

Nouveau fuck is niet mals. Voor niemand

Terug naar Bergsma’s eerste stelling in Le nouveau Fuck . Niet klagen, wel constateren. Bergsma is niet mals. Niet voor mannen, niet voor vrouwen, niet voor zichzelf. Geen vingertje, constateren. Dat er nog werk voor de boeg is, véél werk. Dat we beter van ons zouden laten horen. In wie we zijn: goed, slecht, maakt niet uit, wéés! Gebruik je woede!

Als je je furie de vrije loop laat is het wel handig haar te kunnen hanteren. Woede kan je overspoelen maar als je het leert doseren, is het een precieswapen. Het is een brandstof, een katalysator. Zo kun je laserscherp voor jezelf opkomen.

Waardering

Nouveau Fuck van Bergsma is een wervelwind. Wellicht moet ik het nog eens lezen omdat ze mij bij eerste lezing alle hoeken van de kamer liet zien. Nouveau Fuck is geestig, intelligent, provocerend. Dat moet je dus allemaal kunnen hebben. Dat je behoorlijk van je sokken wordt geblazen. Maar waarom niet?
Ik waardeer haar stijl en inhoud. Fuck fuck fuck aan allerlei ‘regeltjes’ waar we ons aan houden omdat het nu eenmaal zo hoort. (Be a lady, they said!).

Praktisch

Nouveau Fuck

Stella Bergsma, Nouveau Fuck manifest is uitgegeven door Nijgh & van Ditmar (2020) en telt 96 blz. Te koop bij o.a. Bol.com voor € 11,50 (paperback) en voor als ebook voor € 6,99.

Stop doing that sh*t

Stop doing that sh*t – Gary John Bishop

De man die zegt waar het op staat

Misschien heb je nog nooit van Gary John Bischop gehoord maar zegt het boek ‘unfu*k yourself’ je wel iets. Het valt best op, die 4-letterwoorden, half vloekend maar dan weer omzeild door dat asteriskje. Een knipoog misschien maar evengoed een knappe marketingtruc. Of: Gary John Bischop zegt het inderdaad zoals je het zelf aanvoelt: dat een een pak bullsh*t is in en om je heen en dat je daar het liefste vanaf wil. Zijn boodschap: stop doing that sh*t dus.

Over zelfsabotage en het heft in handen nemen

De ondertitel van het boekje luidt: “hou op met jezelf tegenwerken en neem je leven weer zelf in handen”. Dat je zelf verantwoordelijkheid draagt in alles is geen nieuwe boodschap. Over die zelfsabotage heeft hij interessante dingen te vertellen. Volgens hem is de grondhouding waarmee je in het leven staat, bepalend voor je succes. Hij somt drie saboteurs op. Ik zou het eerder drie vragen willen noemen die je aanjezelf moet stellen. Het loont de moeite om er eens bij stil te staan.

Welk beeld heb jij over jezelf ?

Volgens Gary John Bishop heeft iedereen een bepaald beeld over zichzelf en wil hij dat ook behouden. Zo ben ik en zo ben ik niet. Ik heb die talenten, die geschiedenis, … en daar verbind ik gevolgen aan. Omdat ik zus en zo ben, doe ik dit of dat (niet), door mijn geschiedenis heb ik veel of weinig kansen.

Dat beeld kan je saboteren en beperken. Gary John Bishop heeft een hekel aan allerlei ‘positieve’ denkpistes die mensen aanmoedigen om toch maar alles positief te zien. Daarmee schiet je volgens hem niets op. Maar stel jezelf gewoon eens de vraag: wat is het beeld dat jij over jezelf hebt en klopt het wel? Of beperkt het je? Of doe je wat je altijd deed zonder nadenken? Stop doing that sh*t !

Onlangs had ik mijn eigen schoolrapporten in de hand en zag tot mijn grote verwondering dat ik in de lagere school schitterende in wiskunde. Vraagstukken waren blijkbaar mijn ding. Taal lukte evengoed, maar daar haalde ik nooit zoveel op als voor wiskunde. Eenmaal in de middelbare (en de puberteit) verslond ik allerlei boeken waardoor wiskunde op de achtergrond geraakte. Hoe dan ook, sedertdien is het beeld van mezelf dat ik niet zo goed in wiskunde ben. Die schoolrapporten (ook die van het middelbaar) zeggen iets anders, maar het beeld was gezet (en ik heb nog moeite te geloven dat ik wel degelijk goed zou zijn in wiskunde).

De anderen

Vervolgens komt John Bishop bij de tweede saboteur: jouw beeld over de anderen. Zijn mensen fundamenteel goed? Zijn mensen vooral bekommerd om zichzelf of zijn ze bovenal sociale wezens op zoek naar verbinding? Is onze samenleving er eentje van allerlei individuen die elkaar minimaal nodig hebben of zijn we echt van elkaar afhankelijk? Ervaar je mensen als betrouwbaar of net niet ?

Op welke basis ga je relaties aan? Keer op keer hamert Bishop erop dat wat jij ziet ‘jouw’ waarheid is en dat er niet zoiets als dé waarheid bestaat. Jij kijkt door jouw bril en het kan best goed zijn om nu en dan eens de bril opzij te leggen om de glazen schoon te maken.

De wereld

Tenslotte zitten we bij de derde ‘aanname’, de wereld. Het is normaal dat doorheen de jaren een bepaald beeld vormt over de wereld. Géén beeld hebben over iets is zo goed als onmogelijk. Bewust en onbewust groeien je overtuigingen over wat je ziet en meemaakt. Dat ken beperkend zijn of net uitdagend en motiverend.

Accepteer en ga voor de toekomst

Gary John Bishop verbloemt de werkelijkheid niet. Je koos niet waar je geboren werd. Je fysieke gesteldheid, je talenten, veel werd bepaald door de mix genen die je ongevraagd kreeg. Je had niets te kiezen. Idem met de omgeving waarin je werd groot gebracht, je klasgenoten en je school. Dit alles samen zorgde ervoor dat je een beeld kreeg over jezelf, de anderen en de wereld. Maar hé, dit is het verleden. Daar kan je niets meer aan doen. Handel dus niet meer vanuit het verleden (stop doing that sh*t) maar handel vanuit de toekomst.

Zie de toekomst en ga achteruit

Gary John Bishop vertelt over grote visionairs die iets onmogelijks in gedachten hadden en er uiteindelijk in slaagden om het toch mogelijk te maken. Leonardo da Vinci met zijn David, Steve Jobs met zijn Ipad (die overigens verdacht veel lijkt op wat ze decenia ervoor al in Star Trek gebruikten, maar hé, dat was fictie!).

Nu zijn dat grote namen en niet iedereen is een Jobs of een Da Vinci in het diepst van gedachten of zelfs dromen. Maar de richting is gezet. Je kan je leven zien als gebaseerd op je verleden. Het verleden leerde je dingen over wat je kan en niet kan en vanuit dit perspectief bouw je verder. Of je draait het om. Je durft te dromen (in de toekomst) en je gaat vervolgens stap na stap terug. Stel dat ik een zaak zou willen beginnen, wat moet ik dan doen? Een marathon lopen? Het verleden kan je zeggen: je bent nooit sportief geweest en je hebt overgewicht. De toekomst kan stapjes terug te doen. Een halve marathon. Ten Miles. Tien kilometer. Vijf kilometer. Dus… beginnen met een start to run om binnen 10 weken 5 km te lopen.

Beoordeling

Ik moest heel erg wennen aan de schrijfstijl van John Gary Bishop. Hij laat weinig riumte voor nuance maar dat is omdat hij de lezer geen ruimte wil geven om excuses te zoeken. Het is allemaal nogal absoluut. Hij maakt gretig gebruik van 4 letterwoorden die in mijn dagelijkse taalgebruik zelden voorkomen. Gelukkig zag ik daar snel doorheen. Stop doing that sh*t, dacht ik nu en dan. Maar het is zijn manier van vertellen, zodat de booschap zou overkomen. En dat deed ze.

John Gary Bishop schrijft bijzonder vlot en overtuigend. Het hele boek staat vol citaten van … grote filosofen. Dat is opmerkelijk, omdat het boek verder nogal streetwise is. Je verwacht niet dat je citaten van Heidegger en Sartre gaat lezen. Voor mijn part mocht het meer die kant zijn opgegaan, maar dan had een groot deel van zijn publiek wellicht afgehaakt.

Ik las het boekje in een goede middag uit en had er geen spijt van. Het boek zette me aan het denken en dat vind ik een prima verdienste. Er is werkelijk niets in het boek waarvan ik dacht ‘waar haalt hij het toch?’ of, om in zijn taalregister te blijven ‘wat voor sh*t is dit’? Het is een combinatie van gezond verstand en filosofisch inzicht. Ik vond het goed om voor mezelf stil te staan bij de drie vragen (hij noemt het saboteurs) die hij stelt. Tenslotte zijn dat de vragen die bepalen wie jij bent en hoe jij je leven verder zal inrichten.

Praktisch

Stop doing that sh*t

Gary John Bishop, Stop doing that sh*t, hou op met jezelf tegenwerken en neem je leven weer in eigen handen. Het boek telt 224 blz. en is uitgegeven door Harper Collins. Het is te koop bij o.a. Bol.com voor € 15 paperback en € 4,99 als ebook.