Categorie archief: jongeren

Gelezen

Gelezen: 54 minuten – Marieke Nijkamp

54 minuten

54 minuten die een heel leven zijn

Bij het begin van het schooljaar een boek lezen dat over een middelbare school gaat. Dat was het idee. Een boek dat ook nog eens de Hebban Award 2017 gewonnen heeft in de categorie Young Adult. Dan ben je toch helemaal klaar om dat schooljaar vol energie te beginnen ?

54 minuten speelt zich af in een Amerikaanse secundaire school. Ondanks het feit dat er een oceaan tussen Europa en de VS ligt, is het schoolleven van een gemiddelde tiener er niet zo anders. Er zijn leraren vol bezieling en saaie toespraken die te lang duren. Er zijn vriendengroepen, er zijn koppeltjes, broers en zussen die naar dezelfde school gaan. Voorbeeldige leerlingen evenals leerling die het avontuur buiten de lijntjes van het reglement zoeken. Maar ook: leerlingen de match school/thuis/leven totaal niet kunnen maken. Voor wie het één en al ellende is omdat er overal problemen zijn en er geen uitweg lijkt te zijn.

Iedereen verzameld in de aula

Het zou een Vlaams schoolplaatje kunnen zijn: iedereen wordt verzameld in de aula (bij ons wellicht polyvalente zaal genoemd) en het hoofd van de school spreekt de leerlingen toe. Voor hem (of haar) honderden leerlingen. De één luistert al met wat meer aandacht dan de andere. Het is niets ongewoons. Wachten tot de bel gaat na 54 minuten.

Tot iemand de aula binnenkomt met een geweer en alle nooddeuren gesloten lijken te zijn. De hele school is gegijzeld door een zwaar bewapend scholier. Tot hier de vergelijking met Vlaanderen.

Real-time en o zo realistisch

Wat volgt is het relaas van verschillende personages gedurende de komende 54 minuten. Bijzonder spannend, want er is maar één doel: ontsnappen aan deze waanzin. Maar hoe ? Eén van de leerlingen is de zus van de belager. Kan zij iets betekenen ? Of zal zij het juist erger maken ?

Het boek is zo realistisch dat je de angst en de spanning van de studenten voelt. Wanhopige pogingen worden ondernomen zonder resultaat. Er vallen doden. Nee, het boek heeft geen happy end. Marieke Nijkamp schetst een sober verhaal. Als ze in 54 minuten minuut na minuut registreert wat er gebeurt. Ze gaat zich niet te buiten aan grote verklaringen. Dat deze gruweldaad het gevolg is van een immense boosheid en wraak die zich heeft opgestapeld. Maar toch wordt er niet gepsychologiseerd. Geen ‘hadden we maar’, of ‘we hadden dit kunnen weten’.

Voor een gruweldaad als deze geldt geen enkel excuus. Noch begrip. In 54 minuten wordt duidelijk dat de dader is ‘doorgeslagen’, maar het is wél zijn eigen voorbereide keuze, een keuze die het gevolg is van allerlei andere voorafgaande keuzes.

Young Adult

Het boek is gelauwerd in de categorie Young Adult en daar heeft het ook zijn plaats. Ik denk dat best wat jongeren het graag zullen lezen. De lezer maakt kennis met verschillende personages die hun leven in een flits aan zich voorbij zien gaan. In deze 54 minuten groeit de verbondenheid met elkaar tot in het extreme. Er is maar één doel: hier levend uit geraken.

54 minuten spanning

Ik heb 54 minuten in 2 avonden uitgelezen. Het boek houdt je vast, ook al weet je – spijtig genoeg uit ervaring – hoe dit gaat eindigen. Niet goed dus. Het is het realisme en de betrokkenheid met de personages die je aanmoedigen verder te lezen.
Marieke Nijkamp slaagt er in om de spanning die in zo’n situatie heerst, over te brengen. Je lijkt zelf midden die studenten te staan en het ook niet te weten. Leraar, leerling, ze zijn gelijk.

Spijtig genoeg is het verhaal realiteit. Het gebeurt, meer dan eens, dat iemand een school binnenwandelt met een wapen en er doden vallen. Gelukkig niet in Europa – dankzij andere wetten op wapenbezit – maar wie het boek van Nijkamp leest besluit al heel snel: dit kan op iedere school in de VS gebeuren, dit is niet voorbehouden aan scholen in problematische buurten. Dit op zich is beangstigend. Ik kan mij nauwelijks voorstellen wat het moet zijn om als student in de VS met dit besef te leven.

Praktisch:

Marieke Nijkamp, 54 minuten, Harper Collins, 2017, 320 blz.
Te koop bij o.a. bol.com voor € 10,00 (paperback) of € 7,99 (ebook). 

onderwijspraat

Onderwijspraat: lerarentekort

lerarentekort

Iedereen heeft een mening over het onderwijs

Soms denk ik: je zal maar 18 zijn en in het onderwijs willen gaan. Lees een aantal weken de krant en je zou voor minder ontmoedigd raken. Een beroepskeuze is sowieso al niet makkelijk maar continu geconfronteerd worden met negatieve media maakt het beroep echt wel niet aantrekkelijker. Ik kan mij best voorstellen dat zo’n jongere aan zichzelf gaat twijfelen als de helft van de jongeren er binnen de 5 jaar de brui aan geeft. Dan ben je al netjes afgestudeerd en rondde je een mooi stage af, dan is het maar de vraag of jij tot die 50% behoort die het wel zal volhouden. Zelfs los van werkzekerheid. Dit alles helpt echt niet bij het oplossen van het lerarentekort.

Oorzaken en taboe’s over het lerarentekort

Ik waag me niet om een eigen analyse te geven over de oorzaken, wél  dat het lerarentekort niet opgelost wordt met een paar maatregelen. Zelfs al zouden alle jonge leraren onmiddellijk werkzekerheid hebben,  dan nog zouden velen het onderwijs verlaten.
Ik sprak onlangs een jonge leraar die het ontzettend moeilijk heeft met een aantal klassen. Wellicht valt nog leergeld te betalen, maar wat mij het meeste trof is hoe de leraar vond dat er geen vuiltje aan de lucht was. Het toegeven dat het moeilijk gaat zou nochtans een eerste stap kunnen zijn om er iets aan te doen, om hulp te krijgen. Iedere leraar met een beetje ervaring wéét dat sommige klassen het soms echt uithangen en dat dit geenszins betekent dat je je eigen kunnen in vraag moet stellen. Maar het is een taboe voor sommige leraren. Zeker voor jonge leraren. Maar het is een dogma: leraren mogen niet klagen. Dat is taboe. Zeker voor de buitenwereld.

Je moet wel heel zwak zijn én lui om het onderwijs niet aan te kunnen

Taboe’s zijn er in het onderwijs met hopen. Zeg nooit dat je job zwaar is of je krijgt een tsunami over je heen die je voor minder doet twijfelen aan je eigen kunnen. Dat je wellicht toch niet veel aankan (je moest eens een andere job hebben, in de privé !), dat je toch maar 20 uur (of 22) moet werken op een week en dààrover klagen ? Dat je zo ongeveer zwemt in het verlof. Dat je wel heel snel klaagt.

Lees er de commentaren bij ieder nieuwsbericht maar op na. Ik doe bij deze niet eens de moeite om al deze (loze) beweringen te counteren. Haters gonna hate. Maar soms gaat dat wel in je koude kleren zitten. En ik blijf mij afvragen, over die ‘haters’, waarom ? Wat zorgt ervoor dat een behoorlijk grote groep mensen zo negatief staat tegenover de minste verzuchting van leraren ?

Iedereen kan lesgeven, niet ?

Ik hoorde onlangs van een bevriend koppel dat in het onderwijs werkt, dat zij van enkele ouders – die het wellicht goed meenden – een uitgeschreven handleiding hadden gekregen over hoe ze het beste toetsen konden organiseren en hoe ze die moesten opstellen.

Dat zegt toch wel veel over de kijk op het leraarschap. Een groep ouders die leraren willen helpen bij hun werk door hen uit te leggen hoe ze het zouden moeten doen. Er was veel werk ingestoken, in die handleiding en je kon echt niet naast de goede bedoelingen kijken.
Maar de boodschap is toch: jullie zijn niet competent genoeg en hebben hulp nodig. Wij zijn wel competent in deze en helpen jullie.

Hoe goed bedoeld ook, het zegt iets over de perceptie over de leraar. Die is niet goed.

En welke jongere kiest nu in hemelsnaam voor een beroep waarvan de perceptie dikwijls zo negatief is ? En dan heb ik nog niet gesproken over alle andere uitdagen.

Dat lerarentekort, dat zie ik nog niet zo snel opgelost.

 

PS: Het valt mij op hoe lang ik getwijfeld heb over het schrijven van deze post en hoe voorzichtig ik ben geweest. Die tsunami kan immers ook hierheen rollen. Daar ben ik mij heel erg van bewust. 

Snapshot diary

Snapshot diary week #5/2018 de week van het kotsbakje en feesten

Op de foto: verjaardagscadeautje voor de echtgenoot, collega’s die foto’s sturen van het feest waar hij zelf niet bij is, links beneden het kotsbakje. Tussendoor lekker eten. Dit is, voor zoverre het nog smaakte ! Op naar de volgende week ! (het soezengebakje dat wij kregen was er echt over – dat wil je niet in periodes van maagproblemen !)

Iedereen ziek – of toch bijna

Ja, je leest het goed. De volgorde is wel degelijk kotsen en dan feesten. Wij zagen ze sneuvelen, de leerlingen, in sommige klassen maar liefst een kwart van de leerlingen afwezig. Diegene die er wel waren moesten opvallend veel naar het toilet. Ik hield moedig stand en gaf keurig mijn lesjes, in de hoop dat het mij niet zou overkomen, maar tegen zoveel microbegeweld ben ik niet bestand. Zo ook niet het lief.

Feesten

Dat dit ongelooflijk slecht viel, ja. Want het lief werd gevierd op het werk. Een uitgesteld jubileum. Met hapjes en drankjes. Alleen moest hij net voor de festiviteiten forfait geven. De collega’s vierden dus alleen. Zonder het feestvarken.

Behalve het jubileum stond ook de verjaardag van de echtgenoot dit weekend op de agenda. We vierden het door een etentje in Hasselt, afgerond met koffie en gebak in Het Dagelijks Brood. Altijd goed daar en het was nog niet te druk. Maar volop genieten deden we niet. Beiden zaten nog onder het virus. Nog altijd trouwens, al gaan we netjes terug naar het werk, in de hoop dat wij winnen. En niet de microbes. Want het heeft lang genoeg geduurd !

Nu nog hopen dat onze verwarming het volhoudt. Want die loodgieter blijft maar komen, zonder oplossing ! Zou mijn communicatiestijl te soft zijn ?

Snapshot diary

Snapshot diary week #02/2018 Back to work

snapshot diary week 02/2018

Week 02: Goed ingepakt tegen de koude voor ik aan het lopen begin, zonder creatieve inspiratie, 2 cadeautjes die er verweesd bijliggen, op naar de gym (foto onder), genieten van ons dorp (centraal), een dure pannenkoekenpan gekocht die de investering waard was, lekker ontbijt en wandelen ‘s avonds laat. 

Terug aan het werk

Wanneer ik dit schrijf kan ik nauwelijks geloven dat we alweer een week aan het werk zijn. Niet dat de zalige week vakantie in Noord-Nederland al écht als voltooid verleden tijd aanvoelt, maar vooral dat het absoluut niet lijkt alsof het werk een week heeft stilgelegen.

Staat van rebellie

Hier geen op het gemak starten of er inkomen, nee hoor, het was voor de volle 100 procent (en meer). Dag 1 waren de leerlingen vooral fysiek aanwezig, maar wakker waren ze niet. Het vroege opstaan zat nog niet in hun systeem. Dinsdag was er geen houden aan, al die jonge lichamen gingen in een motie van rebellie. Eén dag vroeg opstaan, oké, maar die dinsdag deed zoveel pijn dat ik even dacht dat ze het kot zouden afbreken. Gelukkig, ook dàt gaat voorbij. Eénmaal de routine er weer in, wordt het weer aangenamer, al blijven de maanden januari en februari voor veel scholieren zonder uitzicht. De dagen zijn nog altijd niet lang, de koude winter heeft nog geen plannen het grondgebied te verlaten en er moet nog veel, heel veel, gestudeerd worden. Je zou er bijna compassie mee hebben !

Het geweldige bijproduct van 10 000 stappen

Hier is het natuurlijk niet anders, al ben ik wel heel snel terug in de werkroutine. Toch doe ik – net zoals wellicht half Vlaanderen – pogingen om ook wat betere routines toe te voegen. Zo lukken de 10 000 stappen mij redelijk Tussen 1 januari en dit schrijven is het mij één dag niet geluk. Die 10 000 stappen zijn één ding, maar het ‘bijproduct’ is ondertussen precies al belangrijker geworden. Zo geniet ik meer en meer van dat wandelingetje in ons dorp. Ik luister naar een podcast en geniet. Ik ben weg van iedereen en alles, geen bijzondere prikkels, geen werk dat schreeuwt om afgemaakt te worden, gewoon op wandel. Door het luisteren naar de podcast (soms ernstige, soms grappige) is mijn hoofd vrij.  Er gaan geen gedachten door mij heen en er worden geen plannen gemaakt. Stappen en wandelen. Het is een geweldige combinatie.

Tips voor podcasts zijn welkom !