Categorie archief: jongeren

Snapshot diary

Snapshot diary week #2/2019 – De vlooybergtoren is back !

Het leven komt langzaam weer op gang

Of toch helemaal niet zo langzaam. Want het lief stond te popelen om opnieuw aan het werk te gaan, ook al was de laatste chemo nog geen maand geleden en zal er wellicht nooit eerder zoveel ‘brol’ (zoals hij het noemt) in zijn lijf gezeten hebben.

Hij is dan ook vol goede moed gestart, gecombineerd met een revalidatieprogramma. Je zou het amper geloven maar zijn agenda is voller dan die van mij. Zal het lukken ? In alle eerlijkheid, niemand die het weet. Eén ding is zeker: hij is zeer snel terug aan het werk en de chemo zit nog in zijn lijf. Evengoed als een hoop psychische belasting. Maar terug werken en onder de mensen zijn geeft hem ook pakken energie.

We’ll see.

Loslaten. Hopen. Durven. Doen.

Back to work – ook voor mij

We gingen dus samen na de vakantie weer aan het werk. Hij met de mentale energie van iemand die naar zijn droomjob gaat (je weet pas hoe belangrijk iets is als je het gedwongen moet missen ?), ik met blij gemoed uitziend naar dat jonge volkje. Op de eerste dag stond er een studiedag op de agenda. Ik kan daar zo van genieten om de hersenen nog eens te pijnigen. Het is iets wat ik in mijn job soms wel mis. Te weinig intellectuele uitdaging.

Het tempo lag behoorlijk hoog, na 14 dagen verlof hadden de hersenen toch nogal wat startproblemen. Alsof het hele systeem toch efkes moest booten. Hopelijk geen teken van ouderdom. Maar hé, ik was mee.

Leerstijl en introversie

De studiedag wees mij nogmaals op het belang van verschillende leerstijlen. Als introvert zet je mij het beste, zoals mijn ouders vaak zeiden, ‘in een hoekje met een boekje’. Al dat interactief ‘gedoe’, dat ‘sociaal leren’, vertraagt mij in mijn leerproces.

Tegenwoordig heeft men de mond vol van interactief werken, teamwork, actief meewerken etc. maar ik blijf er bij dat dit niet voor iedereen de beste leerstijl is. Ik merk het ook tijdens mijn eigen lessen. Sommige leerlingen worden liever gerust gelaten. Ze luisteren actief, je kan soms aan hun gezicht zo zien dat hun hersenen in volle actie zijn. Zet ze in een groep om samen te werken en hun tempo vertraagt. Ze worden onzeker.

Eerlijkheidshalve moet ik er wel bij schrijven dat het voor sommige leerlingen net omgekeerd werkt. Ze dommelen in als het niet actief of sociaal wordt.

De Vlooybergtrap is herrezen !

Op de meest zonnige dag van de week (de enige ?) wandelde ik met een vriendin richting Vlooybergtoren. Na vandalisme was deze totaal verwoest maar wonderlijk genoeg in vrij korte tijd helemaal herrezen. De vernieling door de brand was afschuwelijk: er was amper nog een geraamte over. (Foto hier). Het zicht bovenaan de toren is geweldig ! De zon was op haar best, het was niet eens koud. Wat een fijne dag deze week !

Die dag was echter de enige dag met echt zonlicht. De rest van de dagen waren nat en donker. Daar is (volgens mij) maar één remedie tegen: regenjas en lopen ! Hup hup naar buiten. Want zelfs een beetje licht is beter dan tussen de muren blijven zitten omdat het regen. Rain is just confetti falling from the sky !

Hoe was jullie week ?

Fan van Snapshot Diary, hier vind je ze allemaal !

onderwijspraat

Daar is het (Kerst-)rapport ! Over de relativiteit van cijfers

rapport
Dit artikel is geschreven voor die zonen en dochters die niet met het gewenste rapport thuis kwamen.

 

Het kerstrapport

In vele huizen gebeurt het deze week: het ontvangen van het rapport. Zijn de verwachtingen ingelost, zijn de uitdagingen aangegaan of valt het toch minder mee dan verwacht. Wat er ook van zij, weinig mensen, zowel leerlingen als ouders zijn ongevoelig voor dat rapport. Staan daar ‘goede’ cijfers op, dan is het verhaal dikwijls kort. Een behoorlijke schouderklop en op naar de vakantie. Maar soms loopt het ook niet zo goed. Staan er cijfers onderlijnd of is de feedback van leraars onverwacht. Dat kan nogal eens tegenvallen.

Cijfers zeggen niets over wie je bent

Ik zie het al jaren en het gaat er niet uit: de identificatie van jongeren met hun cijfer. Vooral als dat cijfer zogezegd laag ligt. Dan kijken ze mij aan alsof ze zelf maar een zesje zijn. Alsof ze in de groep de zwakste zijn. Met pijn in het hart zie ik het aan. Zeker als leerlingen diep ontgoocheld zijn in zichzelf. Wat zeggen cijfers ? Ze zeggen iets over de mate waarin je een beperkte hoeveelheid leerstof beheerst. Misschien iets over je inzet, maar niet noodzakelijk over je talent. Iedereen kent het verhaal van de leerling die een overschot aan talent heeft maar niet presteert als het op punten aankomt. Dat cijfer zegt dat misschien vooral iets over inzet en motivatie, of over de leefwereld waarin een jongere leeft. Volwassen worden is bij tijden best heftig en niet elke jongere walst daar doorheen. Dus nee, je cijfer zegt niets over wie je bent.

Rapporten zijn er om vooruit te kijken, niet achteruit

In de onderwijswereld wordt het woord ‘toetsen’ meestal vervangen door evaluaties. Ik vind dat zelf veel beter klinken als een toets. Toetsen doen onmiddellijk denken aan punten en scoren. Evaluaties kijken eerder achterom om vervolgens gesterkt aan de toekomst te denken. Wat ging goed ? Wat niet ? Waarom ging het niet naar verwachtingen ? Waar moet worden bijgesteld ? Waar ben ik sterk in ? Waarom lukt het ene me zonder problemen en het andere niet ? Zijn er zaken waar ik teveel energie in steek en in andere te weinig ?

Het zijn vragen die dikwijls niet gesteld worden omdat rapporten veelal worden gezien als een blik in het verleden terwijl ze net een opstapje zouden moeten zijn naar de toekomst. Uit rapporten zou je moeten leren zodat je kan groeien en evolueren naar wat jouw talent is.

Wat als het rapport tegenvalt

Misschien beperkt het gesprek zich tot ‘Goed gedaan’ en die schouderklop. Geweldig is dat. Maar het is niet evident. De ontgoocheling zit soms diep. Ook voor wie hard gewerkt heeft en alles op alles heeft gezet. Dat kan hard aankomen. Werk dat niet lijkt te lonen. Dan is zo’n gesprek over de non-identificatie met cijfers bijzonder belangrijk. Wat een rapport evalueert is maar heel weinig van alle mogelijke talenten.

Zelden of nooit staan er cijfers op voor een geest van samenwerking, nauwgezetheid. Hoe kan je creatief denken omzetten in cijfers ? Kreeg ooit een leerling een goed cijfer omdat hij in een klasgroep diegene is die bij ruzies de kalmerende factor is ? Of de organisator van leuke dingen ? Kreeg iemand ooit een cijfer omdat hij zorgzaam was voor zijn medeleerlingen ? Omdat hij uitblonk in verantwoordelijkheidszin ? Toch allemaal talenten die heel belangrijk zijn ! Zit je kind echt in de put omwille van dit rapport, dan is het belangrijk om het op deze manier toch eens letterlijk te relativeren : in perspectief te zetten.

Soms lukt het niet in die studierichting

Soms lukt het niet. Ondanks de inzet en ondersteuning blijven de verwachte cijfers uit. Het is dan een kwestie van niet bij de pakken te blijven zitten, want laveert zo’n jongere van teleurstelling naar teleurstelling. Meestal wordt dan onmiddellijk gedacht op het hebben van talent voor een of andere studierichting, maar het kan evengoed om de aard van het beestje gaan. Er zijn jongeren voor wie 6 uur op een stoel zitten er over is. Die worden daar regelrecht gek van. Er zijn jongeren die zichzelf niet gemotiveerd krijgen om na al die uren stoel zitten ook nog eens terug de bureau op te zoeken om te studeren.

Het zijn mannen en vrouwen van de actie, van het overleg, van het experimenteren, van trial and error. Spijtig genoeg is ons onderwijs daar nog niet echt op voorzien op dit type jongeren en is de focus toch het verwerken van kennis door studie (lees: achter boeken en computers zitten) terwijl er natuurlijk tig manieren zijn om dingen te leren.  

De band met je zoon/dochter versterken

Wat er ook van zij, zo’n kerstrapport is het moment om eens een goede babbel te hebben met je zoon of dochter. Zodat hij of zijn zijn eigen traject in handen kan nemen, samen met jou kan bepalen wat belangrijk is en wat niet, waar aan gewerkt kan worden en waar het een kwestie is van nodeloze energie pompen. De band met je zoon/dochter kan er alleen beter op worden !

Komt bekend voor…

Misschien dacht je bij het lezen van dit artikel, ‘dat heb ik al eens ergens gelezen’. Dat klopt, vorig jaar rond deze tijd schreef ik dit artikel.
Deze week maakte ik een nieuw artikel over het kerstrapport en dan vooral opnieuw vanuit de bekommernis voor die leerlingen/ouders die vandaag een ander rapport in handen kregen dan waar ze hadden op gehoopt.

Een lang artikel was het, waarvan de grote lijn was: een slecht rapport is geen mislukking. Ik zie immers maar al te vaak dat leerlingen zich gaan identificeren met dat cijfer en dat is helemaal onjuist. Geen examens meer dan ? Geen cijfers, zoals sommige pedagogen willen ? Zelf ben ik voorstander van cijfers. Cijfers geven kansen. Je weet waar je staat en waar je niet staat. Ze zeggen iets over een traject, maar ze bepalen je niet.
Hoe wij als leraars en ouders omgaan met cijfers zal in grote mate van invloed zijn of een leerling het als groeikans ziet of net niet.

Dat ik toch niet voor het ‘nieuwe’ artikel te gekozen heb (ik heb het zelfs verwijderd) komt omdat ik in grote lijnen hetzelfde wou zeggen als vorig jaar. En even bekommerd ben om die leerlingen, die zonen en dochters en hun ouders.

Waarom veel jongvolwassenen het zo moeilijk hebben

Simon Sinek over de millenials

Simon Sinek (vooral bekend om zijn boek ‘Start with Why) omschrijft hier o zo treffend waarom millenials het zo moeilijk hebben. “They are dealt a bad hand”, zegt hij.

4 oorzaken ziet hij :

  1. Parenting (Opvoeding)
    Waarin hij de opvoedingsstijl hekelt waarin continu aan jongeren wordt gezegd dat ze eender wat kunnen bereiken en eender wat kun worden. Een cultuur waarin iedereen een medaille krijgt, verliezer of winnaar (waardoor de medaille niets meer waard is), waar ze continu te horen kregen dat ze o zo bijzonder waren.
    ‘Dealt a bad hand’ staat in deze context. Sinek heeft het over ‘failed parenting strategies’. Ook het onderwijs is medeplichtig : punten geven om van het geklaag van ouders af te zijn.Volgens Sinek is de confrontatie met de realiteit gigantisch en resulteert dit failed parenting in een laag zelfbeeld.
  2. Technology (Technologie)
    Waarbij het vooral over sociale media gaat. Het leven lijkt overal geweldig te zijn, iedereen lijkt het allemaal voor elkaar te hebben. De verslaving (niet eigen aan milleniums) dopamine, het belang dat wordt gehecht aan ‘likes’. Dopamine is zwaar verslavend, net als bij een sigarettenverslaving. Sinek spreekt over vage relaties (via sociale media) versus het oefenen in sociale vaardigheden met mensen.
    Sinek is niet tegen smartphones of sociale media, hij waarschuwt wel voor verslaving.
  3. Impatience (Ongeduld)
    Alles nu ! We leven in een wereld van instant bevrediging. Online aankopen, binge watching, het gaat onmiddelijk. Zelfs een ‘date’ vraagt nog weinig sociale vaardigheden. Daartegenover staat dat echte voldoening zelden uit instant bevrediging komt. Liefde, voldoening in het werk, het vraagt tijd.
  4. Environment (Werkomgeving)
    Jongeren die terecht komen in omgevingen die meer bezig zijn met cijfers dan wel met mensen. Omdat ook de werkomgevingen gericht zijn op snelle en directe resultaten, krijgen jongeren de tijd niet meer om te leren en om te groeien. Sinek verwijt hier de bedrijven leiderschap. Het erge is, volgens Sinek, dat jongeren het zichzelf kwalijk nemen als ze niet (onmiddellijk) slagen, terwijl dit juist niet de normale  gang van zaken is. Groei is nodig.

Maar ik ben veel ouder ! ?

Ik behoor helemaal niet tot de categorie jongeren waarover Simon Sinek het heeft (geboren na 1985) maar toch herken ik zaken. Ik ben helemaal niet opgevoed in een wereld van ‘je kan alles’, of ‘je bent geweldig’, maar sociale media is ook mijn leven binnengeslopen en nu en dan merk ik dat er niet alleen goede kanten aan zijn. Ongeduld is mij niet vreemd, al ben ik er mij echt van bewust en probeer ik nu en dan een stapje terug te doen. Dat bewustzijn is toch al iets.

 

Gelezen

Gelezen: Gretchen Rubin, The Four Tendencies

 

“The Four Tendencies ” maken je samenleven met anderen eenvoudiger en inzichtelijker. Als je weet wie je voor je hebt, dan is het makkelijker omgaan met hem/haar, omdat je in volle respect bent voor wie hij/zij is. Je begrijpt immers wat hem/haar drijft. 

Naar een eenvoudiger en beter leven

Ik ben al lang fan van Gretchen Rubin. Wat ze te zeggen heeft is o zo to the point en je hebt er wat aan. Bovendien is ze nooit zweverig en poneert ze haar ‘wijsheid’ nooit als een dogma. Bovendien schrijft ze vlot en lezen haar boeken als een trein. Het thema is altijd hetzelfde: hoe kan ik mijn leven beter maken. Ze is een groot voorstander van routines (die je zelf invult zoals je wil) en het eenvoudiger maken van het leven, als is minimalisme geen woord dat je bij haar aantreft. Eenvoudiger als minder complex.
Niet te verbazen dat haar podcast zo druk wordt beluisterd (en bejubeld!)

The four tendencies – nog niet vertaald

The Four Tendencies gaat over persoonlijkheidsprofielen aangaande het omgaan met interne en externe verwachtingen/doelen. Klinkt ingewikkelder dan het is, dus laat ik beginnen met het voorbeeld dat ze zelf aangaf. Een vriendin van haar was vroeger lid van een atletiekclub en miste nauwelijks een training. Ze liep goed en had geen problemen om naar de training te gaan. Nu is ze ouder en geen lid meer van een club en het lukt haar – ondanks haar voornemens – nauwelijks om de deur uit te gaan om te lopen, ook al wil ze dat echt wel. Rubin zag het onderscheid: haar vriendin had blijkbaar geen moeite als er een externe verwachting was (de club), maar vond het voor zichzelf moeilijker om de deur uit te gaan (interne verwachting).

Het boek is spijtig genoeg nog niet vertaald in het Nederlands, maar ik kan mij niet voorstellen dat dat nog lang gaat duren.

4 profielen

Op basis van hoe mensen omgaan met interne en externe verwachtingen kwam ze tot 4 profielen, oftewel de zogenaamde four tendencies. Ik kan mij best voorstellen dat je denkt: oké, maar wat ben ik daarmee ? Het antwoord is: véél ! Want als je wil samenwerken met iemand of je wil iets van iemand (niet in de manipulatieve zin), dan kan je maar beter weten hoe je dat het beste aanpakt. Ik heb er alvast veel aan gehad!

  • De upholder heeft geen moeite met interne en externe verwachtingen. Het is iemand die houdt van lijstjes en regeltjes en die weinig moeite heeft met het integreren van routines of het volgen van procedures.
  • De questioner stelt zich overal vragen bij. Hij zal alleen iets doen als hij daar achter staat en heeft nood aan extra uitleg. Hij ‘kiest’ om iets al dan niet te doen. Klopt het met zijn denken, dan gaat hij er voor. De questioner heeft het niet moeilijk met de interne doelstellingen/verwachtingen.
  • De rebel zegt eigenlijk per definitie ‘nee’ omdat hij het inlossen van verwachtingen (‘moeten’), ziet als een inbreuk op zijn vrijheid. Hij staat tegenover de upholder.
  • De obligers hebben weinig moeite met het voldoen aan externe verwachtingen. Zij doen wat ze beloven (externe druk) maar hebben het moeilijker met hun interne verwachtingen.Voor een mooi overzicht kan je best hier eens een kijkje nemen.

Is het een beter dan het andere ?

Volgens Rubin zijn de four tendencies onveranderlijk (daar twijfel ik wel een beetje aan) en heeft elke tendency eigen valkuilen. Na het invullen van de test bleek ik een upholder te zijn. Ik geloof dat dat correct is. Mijn valkuil is het kritiekloos omgaan met interne en externe verwachtingen. Ik ben iemand die zelfs midden in de nacht, als er overduidelijk nergens iemand te bespeuren is, netjes aan een rood licht blijft wachten. Misschien is dat nog aanvaardbaar, maar ik ben evengoed iemand die zelfs slechte boeken tot de laatste bladzijde uitleest omdat er een ‘interne regel’ in mij is die zegt dat eenmaal begonnen je het boek ook moet uitlezen. Dat betekent natuurlijk niet dat ik totaal kritiekloos ben, maar ik merk wel dat structuren, regels, verwachtingen een groot impact hebben op mij. Ik kan mij geweldig schuldig voelen als ik niet voldoe aan wat ik mezelf heb opgelegd of waar ik akkoord mee ben gegaan. Schuldig voelen als in disproportioneel schuldig voelen, alsof de regel/verwachtingen/belofte àltijd boven eender welke omstandigheid staat.

Mijn lief daarentegen is een questioner/rebel. Die neemt nooit zomaar dingen aan. Hij heeft altijd extra uitleg nodig en de nood om er zijn eigen stempel aan te geven. Het lief heeft zich nog nooit aan een sportschema gehouden. Hij heeft er altijd ‘kritiek’ op (van wie het ook komt of wat het ook is). Zijn ‘minor’ tendency is volgens mij dan ook ‘rebel’. Het verschil tussen ons twee zit is overduidelijk in het volgen van een kookboek. Ik volg lijn na lijn, hij kleurt per definitie buiten de lijntjes en zal er àltijd een andere toets aan geven. Ik denk daar niet eens over na. Ik volg gewoon.
Als ik overenthousiast ben over iets, komt bij het lief altijd de ‘ja maar’. Dat weet ik al op voorhand. Ik ben een snelle beslisser (zonder weinig spijt nadien). Het lief kan zich maanden zoet houden in het afwegen en verdwalen in de ‘ja maars’.

Al bij al vullen wij elkaar mooi aan denk ik.

Omgaan met anderen – de rebellen onder ons

Wie het boek gelezen heeft ziet na verloop van tijd al van verre welk type iemand is. Ik kan iedereen op mijn werk zo grosso modo indelen in de types, zowel wat mijn collega’s als leerlingen betreft. Vooral wat dat laatste betreft heb ik toch veel aan het boek gehad. Iedereen kent wel leerlingen (of volwassenen) die per definitie ‘nee’ zeggen. Zeg jij A dan is het bij hen B. Het is verleidelijk om te denken dat dit pure dwarsliggerij is. (Dat zal het bij pubers en volwassenen soms wel zijn, maar ook dan werkt het !). Volgens Rubin komt dit omdat zij in alle moeten hun vrijheid bedreigd zien en er daarom ook resoluut tegenin gaan. Hier komt de formule hoe je wel iets kan bereiken : informatie – gevolgen – keuzes.
Bij dergelijke jongeren is het belangrijk dat je hun grote drang naar vrijheid respecteert. Als je de zaken voorstelt als een keuze, dan wordt die vrijheid minder bedreigd.

Nu is dat wel bij iedereen het geval, maar bij hen is het belangrijker. Ik geef een simpel en onschuldig voorbeeld: aan sommige leerlingen vraag ik ‘wil jij de toetsen uitdelen of wil je dat ik het aan iemand anders vraag ?’. Hier zit geen informatie/gevolg in, maar wel keuze. Ik kan je verzekeren dat ze zo goed als altijd ‘ik doe het wel’, zeggen, zelfs zonder grimas en mét een blik van ‘ik word hier volwassen behandeld’. Ik geef grif toe dat er een pak leerlingen zijn bij wie ik gewoon de toetsen geef zonder iets te vragen waarop zij vervolgens, evengoed zonder commentaar, de toetsen terug uitdelen.

Samenvatting

Het boek behandelt één aspect van een persoonlijkheid, namelijk hoe iemand met interne en externe verwachtingen omgaat en hoe je het beste met deze profielen kan omgaan. Ik denk dat veel lezers intuïtief al veel weten. Gretchen Rubin brengt het in schema en verwoordt het. Bij iedere profiel staan de (mogelijke) sterktes en zwaktes. Ze wijt verder ook hele hoofdstukken aan de verschillende mogelijke combinaties van persoonlijkheidsprofielen.

Wat ik er zelf aan overhoud is dat het goed is dat ik meer omga met àndere profielen. Van hen kan ik veel leren omdat zij juist sterk zijn waarin ik niet zo sterk ben. Zij ‘zien’ zaken die ik gewoonweg dikwijls niet zie.
Ik geloof best dat de algemene aard onveranderlijk is, maar ik denk dat er toch ruimte is om bij te leren van andere profielen en zelfs een beetje te veranderen.

Praktisch

Gretchen Rubin, The Four Tendencies, te koop bij o.a. Bol.com voor €9,99.