Tagarchief: lopen

Snapshot diary week 39/2018 – zo gaat het niet meer – Valkenburg to the rescue !

Valkenburg

samengevat: er kwam veel slecht nieuws binnen deze week, al was dat niet voor ons persoonlijk. Ik zag het echt niet meer zitten. Zelfs op het werk liep het fout, geen internet. Tot ik dacht ‘zo gaat het niet meer’ en er op het eind van de week toch nog licht was. 

Mag ik deze bladzijde snel omslaan ?

Als ik het écht over deze week zou hebben, dan zou ik vertellen dat de woorden ziekte (niet alleen bij ons), palliatieve, terminaal en hopen verdriet veel gevallen zijn. Het lijkt even met onze hele omgeving echt niet goed te gaan. Ik verloor ook wel wat de moed hier. De dokter had nog iets gezegd over ‘laatste loodjes’, maar hé, met eind december als eindmeet kan je begin oktober bezwaarlijk ‘laatste loodjes’ noemen.

Vier maanden en een half zijn we nu al ver. Het beeld dat ik krijg van het lief is het lief in de zetel. Soms in de ‘rode’ zetel, dan weer in de TV-kamer. Soms zittend, soms liggend. Maar dat is het wel zo’n beetje. Hij wordt stiller (er gebeurt ook niet veel) en ik weet het soms ook niet meer.

Ik dacht: zo gaat het niet meer

Ik voelde hoe wij weggleden in duisternis en inactiviteit. Het lief is stoïcijns: één en al aanvaarding. Dat kan misschien wel heldhaftig zijn (en ik bewonder hem er wel een beetje voor), het ligt zeker niet in mijn aard. Ik wil altijd de grenzen opzoeken. Zien waar de rek is. Misschien kan er toch meer. Ik ben niet het ‘we leggen er ons bij neer’-type.

Dus zeg ik tegen het lief (die een verlaagde chemokuur heeft sedert vorige therapie): ik ga weg met u. Naar Nederland. En als we om de kilometer moeten stoppen omdat je naar het toilet moet, dan zij het zo. Als we buiten zijn en je wil zitten: ik heb zelfs een stoeltje bij. Of we gaan gewoon van terras naar terras, drinken desnoods ons drankje niet uit, maar we gaan naar buiten ! Naar buiten ! Deze vier muren maken ons gek en straks ben jij een deel van het behangpapier!

Het lief was niet enthousiast. Dat het toch lastig zou zijn. En dan nog meteen een uur rijden van hier. Maar ik wou weg. En ik was wanhopig. Eerlijk waar.  Ik wou iets met hem meemaken dat leuk was, dat ons deed glimlachen. En echt waar:  ik zou zorg voor hem dragen. Héél erg. Eén kick en we pasten onze plannen aan. Het hoefde helemaal niet ‘actief’ (mijn ding) te zijn. Nee, ik zou rustig mee zitten en mee rusten !

Het werd een heerlijke dag

Het lief sjokte uiteindelijk toch mee en ja, nu en dan zaten we op een trap, een bankje, een terrasje. Hij genoot van die buitenwereld en glunderde toen bleek dat er ondertussen al Hugo-ijs bestaat ! We aten ontzettend licht en genoten met volle overgave van de zon. Het lief zag in de Hema filmrolletjes liggen (van die oude) en begon te dromen van opnieuw analoog fotograferen. Voorzichtig vroeg ik: en wil je dan graag zo’n analoog fototoestel ? Ik weet hier wel een kringloopwinkel.

Hij glunderde. Voor amper 10 euro had hij een analoog toestel in handen en was bezig met filmrolletjes en foto’s nemen. Herinneringen uit zijn jeugdjaren, de camera van zijn vader.

Valkenburg

Ik wist precies wat ik deed toen ik naar Valkenburg reed. Twee jaar geleden had ik er in de buurt gekampeerd. Het stadje is klein en toeristisch, er zijn vele banken en terrasjes. Het centrum is autovrij en je kan makkelijk dichtbij parkeren. Bovendien ligt in Valkenberg de beroemde Cauberg, iets waar het lief maar niet uitgepraat over geraakt wegens ‘zwaar onderdeel van de Amstel Gold Race’. En laat dat lief behoorlijk gek zijn van alles wat met wielrennen te maken heeft.

Klein en toeristisch, met strakblauwe hemel boven ons, dat geeft hoe dan ook een instant vakantiegevoel.

De blik naar buiten gericht

Deze dag waren we beiden kankervrij. Eenmaal in Nederland hebben we het er nooit over gehad. Onze blik was naar buiten gericht. Flanerende mensen, kinderen op klein fietsjes, dat Zuid-Limburgse dialect waar we niets van begrepen, genietend van een zalig ijsje op de trappen in de zon.

En gewoon dankbaar. Om wat is. En vergeten wat niet is.

 

 

Snapshot diary

Snapshot diary week #37/2018 een week van wachten

Een beslissende week

Deze week stond al lange tijd in mijn/onze kalender, want op donderdag zouden we meer weten over onze toekomst. Er stond immers een eerste evaluatie-gesprek op Gasthuisberg gepland, samen met een hoop bijkomende onderzoeken.

De crash – de nood aan zelfzorg

Dinsdagavond crashte ik compleet. Ik had er twee werkdagen op zitten, kwam ‘s avonds thuis en het leek alsof ik het gewoon niet meer kon opbrengen. Alles. En nee, het ging niet slecht op het werk, ik heb hier thuis het liefste lief dat ik mogelijk acht, ik word omringd door lieve en warme mensen. Maar ik dacht echt: het hoeft niet meer. Dit is zo’n malle molen, dit is gewoon teveel. Nu ik dit schrijf weet ik niet hoe ik dan toch weer de moed vond. Wellicht omdat je soms gewoon niet anders kan dan verder doen.

Op woensdag wou het lief naar zijn schaakclub om zijn vrienden nog eens te ontmoeten. Ik zag er geweldig tegen op. Het lief kan niet zo ver met de auto rijden en wat zou ik doen, 3 uur lang ? Een terrasje doen, Tessenderlo verkennen, oké, maar 3 uur ? Dat was genoeg om gek te worden. Anderzijds kon ik onmogelijk ‘nee’ zeggen. Hier had hij al maanden naar uit gezien. ‘Een beetje normaal leven’ en ja, hij was afhankelijk van mij als chauffeur. Op donderdag stond er een hele dag onderzoeken gepland en ook hier zou ik van de partij zijn.

 

Gelukkig vond ik voor mezelf een oplossing. Ik stippelde een wandeling uit in Tessenderlo zodat de 3 uur zo voorbij gingen en ik toch wat ontspanning vond. ‘s Avonds trakteerde ik mijzelf op een saunaatje hier op onze zolder. Doe ik te weinig.

Ik wist dat donderdag een slopende dag zou worden, van de ene hoek van Gasthuisberg naar de andere, geen vaste kamer (zoals bij de chemotherapie) en lange uren ertussen. Ik slaagde erin om te werken. Met de laptop op mijn schoot. Nu nog onthouden de volgende keer oordopjes mee te doen. Maar hé, het hielp. Niet dat ik zoveel werk heb, maar het werken gaf mij het gevoel dat ik ook nog meester over mijn leven was. Dat er ook nog iets van mij was.

Zelfzorg

Volgens Garmin heb ik deze week 299 minuten gesport. Dat is behoorlijk veel voor mij en ik ben tevreden. Dat sporten, ik heb veelal het gevoel dat het een kwestie van moeten en overleven is. Eerst en vooral, ik sport alleen. Ik loop, zwem, fiets, wandel alleen. Het is mijn lichaam, mijn hartslag, mijn tijd, weg van de wereld. Ik doe het voor niemand anders. Niemand zegt me hoe snel of hoe traag het moet gaan en bij het lopen beslis ik soms op de eigenste seconde of ik links of rechts verder loop. Ik vind er soms doodgewoon de allerbeste troost in. 

Dat ik kwaad ben, heel erg kwaad. En dat het lopen kalmeert, mij terug rustig maakt. Dat het relativeert. Dat ik alle frustratie kan weg ‘stoempen’ als ik hier de Hagelandse Heuvels op rij. ‘Ge zult mij niet hebben’, ook al rijd ik in de allertraagste versnelling.

De goed nieuwsshow

Donderdag kregen we goed nieuws. Het woord ‘optimistisch’ viel. Er waren geen uitzaaiingen te zien. Ook niet op de longen. Zelf begrijp ik niet alles, kan kanker dan zo hevig zijn dat er zelfs te midden een heel agressieve kankerkuur toch nog tumoren verschijnen ? Of hebben ze in mei niet alles onderzocht ?

Dat de medicatie toch iets minder lichter zou worden. Dan toch. Dat die professor zo vriendelijk en warm was dat ik hem wel wou knuffelen van blijdschap (maar gewoon stom geslagen naar hem glimlachte) en nee, ik zou het ook niet echt doen. Meer nog, dat we de chemo een weekje mochten uitstellen. Nu en ook in het herfstverlof. Want dat hadden we gevraagd, omdat we o zo graag op vakantie willen zonder al te veel chemische oorlogsvoering in het bloed.

Hip hip hoera !

Wij zijn weer even normaal

Aanvankelijk beseften we het niet goed, maar langzaam drong het tot ons door: alles wijst erop dat dit toch goed komen zal. Weerom, geen garantie (dat geven ze echt niet), maar ook geen enkel teken van het tegendeel. We namen er de kalender bij : 7 december zou de laatste chemo zijn ! Dat is nog in het eerste trimester (zo rekenen wij in tijd), nog in DIT trimster, dus toch niet zo ver ? Er zou een vakantie volgen waarin GEEN chemo was !

Van pure blijdschap gingen we er even op uit naar Lier. Kijken naar doodgewone dingen. Koffie drinken. Blij zijn. Rondwandelen als doodgewone mensen.

Volgende week staat er weer een chemo op de agenda. We beseffen heel goed dat het dan weer bergaf gaat. Maar er is wel licht aan de tunnel. Hoera, hoera !

Snapshot diary

Snapshot diary week #36/2018 Back at work

snapshot diary

Samengevat: wennen aan een leven met meer dan 1000 mensen op een vierkante km (of zoiets), het sporten (lopen, zwemmen, fietsen, wandelen) weer volop opnemen en o zo genoten van een wandeling in het voor mij onbekende Waals-Brabant !

Eerste schoolweek

Een schoolweek die begint op een maandag, zo heb ik het graag. Toen ik maandag op school wandelde kon ik echter bijna mijn ogen niet geloven. Vorige week was het hier nog zo kalm (geen leerlingen) en nu leken er overal in de gangen leerlingen met opdrachten rond te zwerven. Ook dat is uitzonderlijk, maar tijdens zo’n eerste dag is nog niets geroutineerd. Er is de papiermolen, de boekenmolen, de reftermolen en ga zo maar door. Iedereen en alles moet zijn plaats vinden.

Ik maakte pas op dinsdag kennis met mijn nieuwe leerlingen en had meteen al een gesprek over de soms moeilijke verhouding tussen vrije meningsuiting en respect. Dat dit zo actueel zou worden, had ik echt niet voorzien.

Alles netjes in de agenda, alleen past kanker niet

Sedert maandag zijn er dus weer strikte afspraken. Twee maanden lang was er maar één vaste afspraak: om de 14 dagen naar Gasthuisberg. De rest werd ingevuld naar gelang de dag vorderde en naargelang het goede of slechte dagen waren. Nu zijn er de werkdagen die moeten worden gecombineerd. Enerzijds gaat de tijd nu sneller en krijgt de tijd eindelijk een structuur die niet helemaal afhangt van die ene vrijdag. Anderzijds is er meer druk, minder tijd en zoals gezegd: laat die kanker zich niet in een agenda draaien. Zelfs niet de doktersafspraken, al doen ze daar serieus hun best.

Opnieuw het eigen leven vinden

Wie mijn log ‘kankerleed’ al enige tijd leest, weet dat sedert mei, het leven van het lief en dat van mij behoorlijk overhoop is gehaald. Ook wie we zijn (de eigen identiteit, maar ook in relatie tot elkaar) werd door elkaar geschud. Wij zijn anders geworden. Alle twee. Sterker verbonden, dat wel. Maar op andere fronten lopen we soms nog heel erg verloren omdat de wachtzaal  geen eindduur lijkt te vinden.

Ik maakte deze week heel expliciet tijd voor dingen die ik vroeger graag deed en die mij (gelukkig nog altijd) gelukkig maken: lange wandelingen, zwemmen, lopen (in augustus lag het een beetje stil) en ook wielrennen. Het zijn kleine dingen. Ik ‘verlaat’ Hugo niet al te lang. Eenmaal thuis ben ik sterker en meer ontspannen, kan ik er weer beter tegen. Anderzijds vind ik het zo erg voor hem dat hij, die zo graag fietst en wandelt niet mee kan fietsen.

Ik kan alleen maar hopen en geloven dat dit ooit terugkomt.

 

Snapshot diary

Snapshot diary week #32/2018 Hoeveel sportkleren heb je nodig ?

Samengevat: Ik vroeg me deze week vooral af hoeveel sportkleren ik eigenlijk nodig had en bedacht daar een formule voor die (voor mij) onweerlegbaar is. Waarom is het dan toch zo moeilijk? Vele dozen naar de kringloopwinkel, wandelen in het Leuvense en heerlijk lopen in de regen. Lees deze snapshot diary #32

Stille week

Ik begon de week vol goede moed. Ik besefte dat ik met steevast thuis blijven zitten en niets doen niemand een plezier deed. Toch blijft het moeilijk, er is veel schuldgevoel als ik uit het huis trek, ook moedigt het lief mij daartoe aan. Op maandag had ik een afspraak in Leuven die ik combineerde met een wandeling op de Kesselse Bergen. Trap op trap af, best een bijzonder landschap in dit Leuvense. Ik kon zelfs in de verte het atomium zien. Ik overzag de stad maar hoorde niets. Het was er stil en vooral vol schaduw. Dat mocht wel, want maandag was het best warm.

Dinsdag werd het nog warmer, ik denk dat toen het warmterecord van 1976 gesneuveld is. Ondanks de waarschuwing van de warmte, ging ik ‘s morgens toch lopen. Het blijft mijn houvast. Omdat het zo vroeg in de ochtend was had ik geen last van de warmte. De rest van de dag bleef ik ‘noodgedwongen’ in het huis. Het is hier zalig fris in het huis en ik zag echt geen reden om de hitte te trotseren.

Afscheid van een hoop spullen

En toen keerde het weer ! Het regende ! Het goot ! Het donderde en bliksemde. Vorig jaar hadden we ‘onze hele beneden’ leeggehaald omwille van de renovatie. Wij hadden boven kamers op overschot, dus werd die als opslagplaatsen gebruikt. Je kan het zo al raden, een jaar na datum stond het er nog vol spullen. Ook al had ik vorig jaar tal van tripjes richting kringloop gedaan, ik deed dit dit jaar nog eens over. 12 verhuisdozen vol. Ik ben nog maar zelden zo resoluut geweest, als ik het een jaar niet gemist heb, dan zou ik het ook voor altijd kunnen missen. Ik leerde ook dat je er best niet al te veel aandacht aan besteedt, hoe meer je er over nadenkt en hoe moeilijker het wordt om afscheid te nemen van je spullen.

Hoeveel sportkleren heeft een mens nodig ?

Het enthousiasme beperkte zich niet tot de 2 opslagkamers. Ik ging meteen ook mijn kleerkast te lijf. Vorig jaar deed ik hetzelfde en wel behoorlijk grondig, dus ik was toch wel onder de indruk dat er opnieuw zoveel richting kringloop ging. Ik merkte dat mijn zwakke punt sportkleren zijn. Ik was, zoals Gretchen Rubin dat zo mooi zegt, ‘toerist in eigen huis’ en ontdekte dingen die ik niet wist. Hoeveel loopbroeken ik heb bijvoorbeeld. ‘Niet kunnen wegdoen’ was hier het punt, want het is niet dat ik er zoveel koop, alleen loopt dat op natuurlijk, als je meer dan 10 jaar loopt. Ik zou graag tot volgende regel willen komen :

  • 4 korte broekjes
  • 4 kuitbroeken
  • 4 leggings
  • 4 winterleggings (in tijden van grote koude)

Met 3 trainingen per week heb ik dan zeker genoeg voor elk seizoen. Momenteel train ik iets meer, maar er bestaat ook zoiets als een wasmachine. Toch lukte het mij (nog) niet om die regel toe te passen. Hetzelfde zou immers moeten gelden voor T-shirts en longsleeves.
Er is nog werk aan de winkel, maar ik denk dat het beter is om vanuit een rationele regel te werken dan wel ‘does it sparkle’ ? Want het sparkelt bij mij nogal snel en het dwingt mij niet om dingen weg te doen. ‘Ha, da’s toch een schoon ding !’.

Het eind van de 30 dagen 10 000 stappen

Deze week luidde ook het eind van de ‘elke dag 10 000 stappen in’. Ik was zo blij dat het over was, maar zag meteen ook de gevolgen. Binnen de 3 dagen had ik al een dag met amper 3000 stappen. Het was minder stressvol, dat ik niet met stappen moest bezig zijn, maar 3000 is echt niet oké. Dat ik de dag ervoor flink in de regen had gelopen (en daar zo van had genoten) telt niet echt. Ik vrees (?) dat ik mij dus toch een nieuw doel zal moeten stellen. Gelukkig kan je via Garmin (en andere stappentellers veronderstel ik) ook een ander getal dan wel 10 000 instellen. Is 8000 een goed getal ? Of ga ik voor elke dag een maand lang minimaal 30 minuten wandelen ?

Spannende volgende week

Volgende week staat er iets spannends op het programma. Ik ben er zenuwachtig voor, het kost moeite maar het is misschien best wel een goede beslissing. Ik hou jullie zeker op de hoogte !